Column Peter Buwalda

Peter Buwalda werd gereden door de chauffeur van Gaston. Een buitenkansje

‘We hebben de Kanjerprijs.’ Voor de deur stond het busje van de Nationale Postcode Loterij. Over enige tellen kwam die kale eruit, met de cheque. Gelukkig deden we niet mee. Ik weet niet of ik er een ton plus een BMW voor over heb om op tv te moeten, dansend, knielend, nee, huilend van geluk.

De chauffeur van het busje zwaaide naar me. Mijn hand zweeg, ik stond al een tijdje te wachten op een taxi. Ze zouden me ophalen voor Wonderfeel, een festival met een dwingende naam – je moest het er wel flink naar je zin krijgen, anders lag het aan jezelf.

Deels ging het sowieso aan mij liggen, want ik hoorde bij het programma. Ze gingen me interviewen over Beethoven. Dat vond ik wel mooi, als ik eerlijk ben. Toen ik nog thuis woonde, vroeg mijn vader geregeld of ik Zie de maan schijnt door de bomen wilde zingen. Voor ik bij ‘vol verwachting klopt ons hart’ was aanbeland, lag iedereen al dubbel van het lachen – zo vals bracht ik het lied ten gehore.

Het busje van de Nationale Postcode Loterij wás mijn taxi, kwamen we na een kwartiertje turen en zwaaien achter. Normaal reed de chauffeur Gaston door Nederland, vertelde hij, maar Wonderfeel was van Bookspot, en Bookspot was van de Nationale Postcode Loterij – dus vandaar.

‘Dus dit is Gastons stoel?’

‘En of.’

In mijn hand lag de Beethoven-biografie van ­Lewis Lockwood, niet dat ik die onderweg nog even wilde wegtikken, maar achterin stond een handige chronologie. Gooien met opusnummers, was het devies. Doe alsof je in Harderwijk bent, de interviewer is een dolfijn. Bek open, opusnummer erin. Maar in plaats van me te verdiepen in Beethoven, wilde ik alles over Gaston weten. De chauffeur was een intimus, dit was mijn kans. ‘Heet Gaston eigenlijk echt zo?’, begon ik matig.

‘Kaston heet echt Kaston, ja.’

We zwegen. Om te voorkomen dat ik ook nog ging vragen of Gaston wel echt kaal was, googelde ik hem – interviewen lijkt een eitje, maar het is wetenschap. Gelukkig had Gaston een Wikipedia. ‘Gaston Starreveld is een Nederlandse presentator en voice-over’, las ik. ‘Na de basisschool ging hij naar de mavo. Het werd daar toen duidelijk dat hij niet stil kon blijven zitten. Hij verruilde de schoolbanken voor een dj-set en muziek, om de mensen te entertainen.’

Kijk, een soort Beethoven. Al maakte die niet eens de lagere school af. Als Beethoven moest vermenigvuldigen, ging hij eindeloos zitten optellen.

‘Hoe is Gaston eigenlijk Gaston geworden – ik bedoel, hij ís echt de Postcode Loterij.’

De chauffeur wist precies wat ik bedoelde. Ook hij ontwaarde een harde, postmoderne, zelf-referentiële rand aan Gastons BN’er-schap. ‘Kaston heeft een exclusief contract. Hij mag nergens anders opduiken.’

‘Want de anderen, die waren al bekend, toch?­ ­Gaston is vooral bekend van het Gaston zijn.’

‘Zeker’, beaamde mijn chauffeur. ‘Een Winston Gerschtanowitz, een Caroline Tensen, een Martijn Krabbé, die kun je sowieso niet exclusief vastleggen, dat gaat in de papieren lopen.’

Helder. Op zijn wiki stond dat Gaston ‘in 2016 zijn café en villa in Marbella moest verkopen in verband met schulden’. Bezorgd vroeg ik of het wel een beetje schoof.

‘Voor Kaston? Dacht het wel, ja.’

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden