Persvrijheid? De dreiging komt van alle kanten

Bij krachttermen over persvrijheid moet je extra opletten

Rechts naast de ingang bij de Telegraaf Media Groep staat een bronzen beeldje van een man die de krant leest, een voet ontspannen op een tweede stoel. Gemaakt door Frans en Truus van der Veld uit Lisse.

Links van de ingang bevindt zich dinsdagochtend een modern stilleven: een gapend gat met een verbrande Volkswagen Caddy. De maker zou iemand uit een criminele motorclub zijn. Of van de gewelddadige Mocro-maffia.

Ik arriveer om kwart voor negen ’s ochtends. Iedereen lijkt nog wat verbluft, stilgevallen bij de eerste aanblik. Het gebouw zelf staart sinds de aanslag met open mond terug.

De zeven enorme ruiten van de glazen pui: tot bovenin gesneuveld, gesmolten zonweringen ogen nu als marshmallows boven de barbecue.

Het roet op het glas: steekvlammen die een meter of veertien de lucht in schoten nadat de bestuurder van de bestelwagen de auto twee keer tegen het glas reed, de boel in de hens stak en daarna is weggerend, een donkere vluchtwagen tegemoet.

Het is allemaal van een ongehoorde lompheid. Niet dat iemand zich nette aanslagen kan herinneren, maar als nu ook de vaderlandse crimineel de terrorist gaat uithangen, wat dan?

Is dit een ‘aanslag op de steunpilaar van de democratie’, zoals Amsterdams interim-burgemeester Van Aartsen de pers zal noemen, zodra hij is aangesneld, borst vooruit, de armen zwaaiend van daadkracht? Of is het toch meer ‘een klap in het gezicht van de vrije pers en de Nederlandse democratie’, zoals premier Rutte verklaart?

Aankomst interim-burgemeester Van Aartsen. Foto RV

Journalisten houden van zulke woorden, dat weet iedere politicus. Maar met krachttermen over persvrijheid moet je oppassen. Iedereen heeft de neiging er net te hard over te ronken en voor je het weet zitten we weer met een lege huls.

Bovendien is nog onbekend wie de daders zijn en op wie precies ze het hebben gemunt. Al ligt de gedachte aan criminelen wel voor de hand sinds het redactiegebouw van Panorama vorige week al werd beschoten: de man die daarvoor is aangehouden geeft leiding bij een foute motorclub.

Een harde kern van misdaadverslaggevers van verschillende kranten let al een tijdje wat op elkaar. Toen Paul Vugts van Het Parool zwaar moest worden beveiligd, hebben ze geld ingezameld en wat aardigs gestuurd. Soms bellen ze iemand met een waarschuwing. En wie wordt uitgenodigd om commentaar te geven in een tv-programma vraagt soms iemand anders uit het groepje mee: niemand is nog graag in zijn eentje het journalistieke gezicht van een zaak.

Misdaadverslaggever Mick van Wely

Misdaadverslaggever Mick van Wely komt de schade buiten even bekijken met een grap (‘Goh, ze waren wel bóós op de reiskrant, he jongens?’). Ik vraag of de criminaliteit harder is geworden of het dedain voor journalisten groter. Met die motorbendes en Mocro-maffia hebben we wel een nieuw genre te pakken, zegt Van Wely: ‘Volslagen – hoe moet ik het zeggen: het interesséért ze niks.’

Hoofdredacteur Paul Jansen van De Telegraaf hoef je niet uit te leggen wat het belang van een vrije, pluriforme pers is: ‘Al vinden wij het soms ruk wat jullie schrijven, en vinden jullie dat ook van ons.’

Zo is dat.

Jansen deed als correspondent in Indonesië verslag van de tsunami en bomaanslagen op Bali: ‘Maar nu zit ik er middenin en dat komt, eh, toch wel binnen.’

Hoofdredacteur Paul Jansen

En er is meer dan dat. Aan de ene kant heb je de mensen uit criminele hoek die dit soort acties plegen, zegt Jansen, en heb je de misdaadverslaggevers die je moet beveiligen. En het open riool van de sociale media, waar de doodsbedreigingen routineus over journalisten worden uitgestort. ‘Maar aan de andere kant zie ik de pers ook ernstig onder vuur liggen door hoe de autoriteiten zélf met ons omgaan.’

Neem de journalist van het Brabants Dagblad die laatst is afgeluisterd door het Openbaar Ministerie. Dat was op zoek naar een lek rond de burgemeestersbenoeming in Den Bosch. ‘Wij hebben hier collega’s die door justitie zijn vastgezet en illegaal afgeluisterd, zoals Bart Mos en Joost de Haas, omdat ze hun bronnen niet wilden prijsgeven. Dat is allemaal tot aan de hoogste Europese rechter veroordeeld. Dus met dat soort jurisprudentie ben ik echt geschokt als ik zie wat er nu bij het Brabants Dagblad toch weer gebeurt.’

Ja, de Nederlandse persvrijheid wordt ‘in het gezicht’ geslagen door lieden die auto’s in je pui parkeren om te intimideren. Maar even zo hard door autoriteiten die keer op keer weer laten zien dat ze maling hebben aan de vrije pers die ze zojuist nog ophemelden. De dreiging komt van overal.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.