opiniepassend onderwijs

Passend onderwijs voor leerkrachten, ook goed voor leerlingen

Minister Slob kan zoveel maatregelen voor inclusiever onderwijs bedenken als hij wil, die halen weinig uit zolang de sleutelrol niet aan de docent wordt geven, betoogt Chris Wolters. 

In de Willibrordusschool in Oud-Beijerland is met pijlen aangegeven hoe dicht leerlingen bij de leraar mogen komen om aan de anderhalvemeter-regel te voldoen.Beeld Arie Kievit / de Volkskrant

Is het misschien een idee om bij de verbetering van passend onderwijs uit te gaan van de leerkrachten? Goed onderwijs zet niet het kind centraal, maar de leraar, stelden Martin Bootsma en Eva Naaijkens in een interview. En zo is het. Geef docenten de gelegenheid zich te storten op hun core-business: lesgeven.

Minister Slob kan namelijk wel 25 maatregelen willen nemen om passend onderwijs verder te verbeteren en inclusiever onderwijs nog verder te laten groeien, de positie van de leerkracht in dat geheel is allesbehalve duidelijk. Twee uitspraken van deze onderwijskrachten leggen de kern bloot: leraren hebben geen tijd lessen voor te bereiden aldus Bootsma en Naaijkens zegt terecht dat scholen te veel achter hypes aan lopen. Dat geldt voor zowel basis- als voortgezet onderwijs.

Vol tegenstellingen

Deskundigen concluderen dat sinds de invoering van de Wet passend onderwijs in 2014 de doelen op stelselniveau zijn bereikt zoals kostenbeheersing en decentralisering. Maar leerkrachten lijken het verschil nauwelijks te merken en er gaan niet minder leerlingen naar het speciaal onderwijs, maar meer. Het onderwijs zit vol tegenstellingen. Nederlandse leerkrachten verdienen in vergelijking met de Europese collega’s bijvoorbeeld wel aardig, maar als je kijkt naar de verschillen in secundaire arbeidsvoorwaarden dan krijg je een ander beeld. Franse leerkrachten hebben bijvoorbeeld beduidend minder leerlingen per klas en veel meer vakantie. Ook wat waard toch?

Uit de praktijk gegrepen: in het vmbo-praktijkonderwijs moeten leerkrachten in beroepsgerichte leerwegen soms ‘dealen’ met 3 leerlingen met een rugzakje in een groep van 32. Praktijklessen horeca en voeding krijgen dan het karakter van roulette: een lokaal vol met zeer verschillende leerlingen, die bewegen tussen scherpe messen, hete strijkijzers en kokende pannen op het fornuis. Kansen te over op problemen. 

Gedragsproblemen

Je vergt van je leerkrachten het uiterste om individuele en klassikale gedragsproblemen te voorkomen. Daarbij vragen sommige directies dat leerlingen uitsluitend in zeer ‘bedreigende’ situatie ‘eruit gestuurd’ worden. Boeken vergeten, huiswerk al weer niet gemaakt, onophoudelijk kletsen, brutale opmerkingen? Geen reden voor ‘verwijdering’. Leerkrachten die niet goed onderbouwen waarom een leerling moet vertrekken, hebben zelf een probleem. 

Ze moeten in een aantal gevallen de ouders bellen met een uitleg. Dat kan er nog wel bij naast het bespreken van de voortgang, bijwerken van leerlingendossiers, lessen voorbereiden, proefwerken corrigeren, praktijklokaal hygiënisch schoonhouden, voorraden tellen en bestellingen doen, keukengerei natellen, vergaderen, nascholing en buitenschoolse activiteiten. En lesgeven. 

Een aantal leidinggevenden heeft het zo druk met belangrijke heisessies en verbeter-seminars dat een leerling die er op vrijdag uitgeknikkerd is, eerst op maandag aan de beurt is voor een correctief gesprekje. Mosterd na de maaltijd.

Covid-19 verzwaart de taak

De imagoschade die de school in dat weekeinde oploopt kan een PR-staf lang bezighouden. Covid-19 in het vmbo heeft de taak van de leerkracht nog verder verzwaard, daar veranderen computers weinig aan. Dat scholen met computers werken, heeft naast grote voordelen ook grote beperkingen. Zo blijken sommige leerlingen de ict-specialisten van school veruit de baas zijn, om maar eens wat te noemen. 

Dat corona-gerelateerde zieke leerlingen die thuiszitten, recht hebben op les via internet, dat is service van de school, maar ook weer een extra taak voor de leerkracht. Ouders kunnen via internet meekijken en luisteren hoe een leerkracht zich staande probeert te houden tussen sterk puberende leerlingen. 

Daarom pleit ik voor Povl: Passend onderwijs voor leerkrachten. Dat wil zeggen een passende beloning, kleinere klassen, een loyale en directe aanpak door de leiding, respect en loyaliteit van bovenaf en naar elkaar. Daar varen vast ook leerlingen wel bij. 

Chris Wolters is freelance redacteur en oud-docent.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden