Column Sheila Sitalsing

Pas bij Orbáns derde termijn durft de Europese Volkspartij zich uit te spreken

Sheila Sitalsing

Viktor Orbán, die deze week aan zijn derde achtereenvolgende termijn als premier van Hongarije is begonnen – en die door tegenstanders ook wel Viktator wordt genoemd vanwege zijn straffe hand van besturen, zijn pogingen tot persbreidel, zijn bemoeienissen met de rechterlijke macht, zijn hetze tegen een Joodse zakenman-filantroop die ontaardde in een kruistocht tegen de academische vrijheid, zijn tegenwerking van NGO’s, zijn anti-vluchtelingenhek – moest onlangs op het matje komen bij het bestuur van de Europese Volkspartij.

Daar zal hij van geschrokken zijn.

Orbán legt de eed af voor een derde ambtstermijn. Foto Getty Images

De Europese Volkspartij is de grootste partij in het Europees Parlement, een verzamelpartij waar de christendemocraten aller landen onderdak hebben gevonden, tezamen met wat vreemde kostgangers en types die hopeloos zijn verdwaald op de weg naar het conservatisme. Zit je daar, als brave CDA’er, in Brussel of Straatsburg en zie je een bankje verderop Silvio Berlusconi zitten. En die lui van Fidesz, de partij die ooit van en voor jonge intellectuelen was die zich keerden tegen de communistische dictatuur en die onder leiding van Viktor Orbán steeds nadrukkelijker in de verkeerde rijtjes is beland.

Staan plotseling de Groenen in het Europees Parlement te demonstreren met dichtgeplakte monden en ‘Censuur!’-plakkaten – het is wel vaker een theater daar – tegen een Hongaarse wet die beoogt de media een toontje lager te laten zingen. Terwijl nette CDA’ers er nadrukkelijk niets van zitten te vinden, zoals sommige mensen op familiefeestjes nerveus lacherig een eindje verderop gaan staan als de handtastelijke oom eraan komt.

De Groenen met afgeplakte monden en 'Censuur!'-plakkaten. Foto EPA

De mediawet-rel was bijna acht jaar geleden. De zorgen over Orbán bestonden daarvoor al en zijn daarna alleen maar groter geworden, maar godvrezende CDA’ers hoorden door de jaren heen hun EVP-voorman Joseph Daul liefkozende dingen zeggen als ‘Viktor is ons enfant terrible, maar ik vind hem leuk’.

Dat de EVP onderdak biedt aan rare types is door aardige CDA’ers jarenlang gerechtvaardigd met het argument van de burgemeester in oorlogstijd die erger aan het voorkomen is. Sybrand Buma, onlangs in NRC: ‘Oost-Europa heeft een andere manier van kijken dan wij. Als wij een opvatting hebben, staat daar een opvatting tegenover. We moeten in gesprek blijven, vind ik.’

Wat ze er meestal niet bij vermelden is dat er voldoende EVP-leden zijn die verwantschap met en sympathie voor Orbáns pogingen voelen om Hongarije ‘veilig en christelijk’ te houden. En hij brengt zetels mee. Zetels die de positie van de EVP helpen consolideren, als machtscentrum dat de voorzitter van de Europese Commissie (Jean-Claude Juncker), de Europese Raad (Donald Tusk) én het Europees Parlement (Antionio Tajani) levert.

‘De EVP?’, zei Emanuel Macron onlangs. ‘Die is allang niet meer christendemocratisch, maar een combinatie van rechtse christendemocraten en autoritaire, nationalistische partijen.’

En nu is de EVP plotseling flink geworden. Na jaren van demonstraties tegen Orbán. Na jaren van zorgelijke debatten op hoog niveau in Brussel over de teloorgang van rechtstaat en democratie in Hongarije. Na verzoeken uit uiteenlopende hoeken om Fidesz uit de EVP te gooien.

Nu Orbáns derde termijn wordt ingeluid met zorgen over de academische vrijheid en antisemitische retoriek, rept de EVP-top plots van ‘rode lijnen’. Twee weken geleden volgde een heuse verklaring van de EVP, vol pogingen tot een soort dapperheid: Orbán kreeg ‘een duidelijke boodschap’ dat de christendemocraten ‘geen beperking van fundamentele vrijheden zullen accepteren’.

Je zou het haast gaan geloven.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.