Partijen zijn de ware zetelrovers, niet de slachtoffers

Met afsplitsing blijft het parlement gevrijwaard van een absolute dominantie van de politieke partijen.

Tunahan Kuzu. Beeld ANP

Lastig hè, die versplintering in de politiek? Het is inderdaad even wennen aan een stembiljet met 28 partijen, waarvan er minstens 14 een goede kans maken om in de Tweede Kamer te komen. De pessimist ziet hierin chaos en onbestuurbaarheid, maar de optimist ziet een gezonde concurrentiestrijd en een florerende democratie: er valt op 15 maart echt iets te kiezen.

De Tweede Kamer zelf heeft afgelopen maanden vooral het vingertje geheven naar de fractieafsplitsingen, waarvan we deze kabinetsperiode acht gevallen hebben gezien, die hebben geleid tot zes nieuwe fracties en vier nieuwe lijsten op het stembiljet (VNL, Denk, de Vrijzinnige Partij en Nieuwe Wegen).

De reactie van de Tweede Kamer was rancuneus. Zij wijzigde onlangs de parlementaire reglementen zodat afsplitsende Kamerleden in de toekomst worden afgestraft met een tweederangsstatus: zij krijgen geen fractiebudget meer en alleen nog zeer beperkte spreektijd. Een bedenkelijke stap. Dit jaar is het honderd jaar geleden dat het moderne partijstelsel werd verankerd in onze democratie, waarmee ook fractieafsplitsing mogelijk werd. En bijna even lang wordt in zo'n geval al geërgerd gesproken van 'zetelroof'. Dat is een misvatting die nodig moet worden rechtgezet.

Waar geroofd wordt, vallen slachtoffers. 'Zetelroof' suggereert dat het de politieke partij is die het slachtoffer wordt van een onrechtmatige daad, maar dat is een valse voorstelling van zaken. Het vrije, individuele mandaat van onze volksvertegenwoordigers is vastgelegd in artikelen 50 en 67 lid 3 van onze Grondwet, ongeacht de kieslijsten waarop zij staan en de fracties die zij eventueel willen verlaten.

Zetelrovers

Partijen daarentegen worden niet wettelijk erkend, maar toch schreeuwen zij moord en brand als zij een Kamerlid met zijn zetel zien vertrekken. Dit overkwam vrijwel alle 58 'zetelrovers' die de Tweede Kamer in honderd jaar heeft voortgebracht. En hetzelfde geldt voor gemeenteraden en provinciale staten, waar het fenomeen zich ook frequent voordoet.

Beter zouden we ons gebruik van de term 'zetelroof' omdraaien. De partij moet niet langer als slachtoffer worden beschouwd, maar als dader. Partijbesturen, partijcongressen, bewindspersonen en fractieleiders hebben de hardnekkige neiging zich de zetels van hun volksvertegenwoordigers toe te eigenen en het individuele mandaat als partijmandaat te beschouwen. In de eerste plaats doen zij dat via afgedwongen fractiediscipline en partijloyaliteit, soms zelfs vastgelegd in contracten met Kamerleden, zoals bij de SP, waarin kandidaten beloven te zullen gehoorzamen aan de partijlijn en hun zetel te zullen afstaan in het geval van een conflict. Dat deze contracten juridisch geen waarde hebben - want het vrije mandaat prevaleert - houdt partijen niet tegen.

Na afsplitsing kunnen de 'dissidente' Kamerleden rekenen op morele chantage, lastercampagnes en isolement door de oude fractie en andere fracties. Hiervan zijn voorbeelden te over: de eerste afsplitser, de katholiek Henri van Groenendael, werd in 1919 een 'landverrader' genoemd. In 1958 belasterde de communistenleider Paul de Groot vier afsplitsende CPN'ers met verzonnen verhalen over een fout oorlogsverleden. En meer recent was het VVD-fractieleider Halbe Zijlstra die de afgesplitste Johan Houwers kwalificeerde als ongewenste 'fraudeur'. PvdA-voorzitter Hans Spekman schilderde de vertrekkende Jacques Monasch af als 'laf'.

Dergelijke drukmiddelen en vergeldingsacties zijn al honderd jaar gangbaar. En nu heeft de Tweede Kamer dus ook nog besloten afgesplit-ste Kamerleden het functioneren vrijwel onmogelijk te maken. Alles moet wijken voor het belang van de politieke partij. Dit wordt steeds problematischer, zeker nu de traditionele partijen hun leden, geld en vertrouwen goeddeels hebben verspeeld.

Geerten Waling.

Wat kunnen we eraan doen? Bij elke mogelijke oplossing die we kunnen aandragen voor de dominantie van de partijmacht, doemt telkens hetzelfde probleem op: de kalkoen mag het kerstmenu bepalen. Elke structurele verandering moet door de ware zetelrovers, de politieke partijen, worden doorgevoerd. Alleen zij hebben de macht om wetten en reglementen aan te passen. Om dit proces wat te bespoedigen, is het toe te juichen dat er voortdurend nieuwe partijen en bewegingen opstaan, die met de gevestigde partijen een zware concurrentiestrijd voeren om het mandaat van de kiezer.

Zo bezien zijn de versnippering en de vernieuwing van het partijlandschap gunstige ontwikkelingen die verkiezingen weer spannend maken en het debat goed zullen doen. Daarnaast kunnen we ons erop verheugen dat fractieafsplitsingen zich onverminderd zullen blijven voordoen, ongeacht de maatregelen die de Tweede Kamer ertegen probeert te nemen.

Verheugen ja, want met afsplitsing als uiterste noodgreep blijft het parlement gevrijwaard van een absolute dominantie van partijen en kan het vrije mandaat zijn heilzame, democratische werking behouden.

Van Geerten Waling verschijnt donderdag het boek Zetelroof - Fractiediscipline en afsplitsing in de Tweede Kamer, 1917-2017 bij uitgeverij Vantilt (Nijmegen).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.