COLUMNEva Hoeke

Papa had nog wel wat tips om mamadag makkelijker te maken

Beeld Aisha Zeijpveld

Gister had ik weer mamadag.

En eergister ook, en morgen weer, want ik doe dat tegenwoordig vijf keer per week. Of eigenlijk zes-en-half, want op papadag belt hij altijd halverwege of ik al klaar ben.

Natuurlijk wist ik dat ik voor ze moest gaan zorgen toen ik de kinderen kreeg, maar ik wist niet hoe zwaar het zou zijn. Op een dag, het kind was twee weken oud, stond de Man voor me in de kamer. ‘Zo gaat het niet langer’, zei hij. ‘We moeten afspraken maken. Jij moet nu ook iets gaan doen. Laten we wat structuur aanbrengen in de zorgtaken.’

Was ík toen maar akkoord gegaan met de woensdag! Maar ik nam de rest, en de avonden, de nachten ook trouwens. Als ik daarover klaag, zegt de Man: ‘Ja hè hè, je moet het ook anders aanpakken. Je kunt ze toch gewoon voor de televisie zetten? We hebben niet voor niks Netflix. En af en toe moet je ze belonen met wat lekkers. Hoeft echt niet allemaal snoep te zijn, je hebt ze zo karig gehouden dat ze nu alles lekker vinden. Nou, en dan ga je zelf lekker een beetje op je telefoon zitten kijken. Of liggen. Of je nodigt een vriendin uit. Liefst een die ook kinderen heeft, want dan heb je er helemaal geen omkijken meer naar.’

‘Waarom doe jij zelf dan maar één dag als het zo makkelijk is?’, vroeg ik.

‘Wat je óók kunt doen’, zei hij op een toon alsof hij me niet had gehoord. ‘Is naar oma wandelen. Vinden ze leuk, en dat is ook gezellig voor haar. Echt, je maakt het in je hoofd te zwaar. Ik hoor andere moeders nooit over hoe zwaar ze het vinden.’

Dat laatste was een grapje, zei hij snel.

Ik vertelde dat ik er gewoon even doorheen zat, omdat de kinderen in de Vomar alle Swiffers uit de bakken hadden gehaald om de rest van de winkel af te stoffen, waarna ze half ontbloot bij de Versafdeling op de grond waren gaan liggen. Zijn tip: gewoon laten liggen. ‘Dan pákken ze een broodje uit die bak, nou én. Je ziet ze wel weer bij de uitgang, dan hebben ze een hartstikke leuke tijd gehad. Ze moeten zich ook zelf leren amuseren.’

Dat geldt ook voor: alle puzzels bij elkaar gooien, met de poes in bad en binnen bellenblaas maken, op de houten parketvloer.

Hij zegt: ‘Nou én. Laat ze.’

En: ‘Het zijn kinderen.’

Nee, zelf had hij nergens last van, gek, dat sommige vaders het zo moeilijk vonden.

Laatst had hij op zijn papadag een uitvinding voor de mamadag gedaan. ‘Kijk eens,’ zei hij vrolijk. Een tuinslang, die had hij uit het huis van zijn moeder meegenomen. ‘Kun je de tuin opknappen, dat wilde je toch?’ Ik antwoordde dat we daar niet aan toe komen vanwege thuisscholing.

‘Thuisscholing…’, zei hij met een wegwerpgebaar. ‘Dat jassen wij er in tien minuten doorheen.’ Hij klikte de computer open, de Dochter (4) werd er nu bijgesleept als belangrijke getuige. ‘Hier... paasmandje vouwen, knuffels in de pan gooien, kleuren, kleuren, kleuren, ze zijn knettergek daar. Dat slaan we allemaal over.’

‘Ja’, zei de Dochter. ‘Dat doen we allemaal niet, papa zegt dat ik daar te slim voor ben.’

‘Mama maakt zich veel te druk’, zei De Man.

Daarna tegen de kinderen: ‘Wat is het leukst? Papadag of school?’

‘Papadag’, herhaalde hij zelf.

Waar ik niet uit ben: is hij nou zo slim of ben ik nou zo dom?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden