Column Bert Wagendorp

Panorama optimista paradise

Donderdag verscheen het rapport Panorama Nederland, ­samen met een echt Panorama Nederland – een acht meter lang 360 graden-perspectief op de ruimtelijke inrichting van het Nederland van 2100, vanaf januari te zien in Den Haag. Panorama Nederland is een soort wetenschappelijk gesamtkunstwerk van het College van Rijksadviseurs – dus niet van een paar gelukzalig glimlachende maanlichtdansers. Er is ook een app. Na lezing van het rapport, het bekijken van het Panorama en beluisteren van de app moet je wel van steen zijn om de toekomst niet zonnig in te zien. Het was de eerste keer dat een overheidsrapport me een goed humeur bezorgde.

Panorama Nederland in één woord: optimisme. Geen gematigd optimisme, maar een ongegeneerd, bruisend optimisme. De toekomst straalt. Het Nederland van het Panorama wordt ‘schoner, hechter, rijker’.

We zijn maar een kleine stadsstaat in een grote ­wereld, een vlek op de kaart, overgeleverd aan grotere machten. Je kunt dus flink de mist ingaan met je Panorama als ze in China hun kolossale hoeveelheid CO2 blijven uitstoten, Afrikanen nog massaler op drift raken en in Amerika nog grotere mafkezen dan Trump voorradig blijken. Maar dat wil niet zeggen dat de auteurs van Panorama zich hebben overgegeven aan vage dagdromen. Ze geven een concrete richting aan, weg van het verstikkende pessimisme en de zwartgalligheid die dit land een depressie bezorgen.

Ik begon juist gewend te raken aan apocalyptische vooruitzichten waarin half Nederland onder water staat en er een burgeroorlog woedt in de nog droogstaande regio’s. Dus Panorama Nederland komt niks te vroeg. Zonder ironie: ik vond het een verademing.

‘Dit is een toekomst waarnaar je kunt verlangen’, stellen de Rijksadviseurs onder leiding van Rijksbouwmeester Alkemade. Na lezing begon ik inderdaad erg naar de geschetste toekomst te verlangen en speet het me dat ik vermoedelijk 2100 niet ga halen. Paradise lost, alleen maar omdat ik te vroeg ben geboren. Tragisch, maar je moet ook aan de generaties na je denken.

Het oprukkende populisme heeft ter rechter- én ter linkerzijde in elk geval één ding gemeen: een ongenadig pessimisme. Ondergangsvisioenen vormen de stinkende mest waarop het floreert. Die wekken angst en zonder angst is de populist nergens. Met dat pessimisme bindt Panorama Nederland de strijd aan.

En ook met traditionele politieke mores. Het rapport vraagt om ‘gedeelde visie, duidelijke regie en goede samenwerking’. Overlegtafels, die wiebelige meubels van het slappe poldercompromis en de verhulde obstructie, komen er niet in voor. Het algemeen belang, staat er, moet prevaleren boven het individuele en de lange termijn boven de korte. Het gedoe rond het Klimaatakkoord laat zien dat dat nog een hele klus wordt in Den Haag. De periode tot de volgende verkiezingen is voor de politicus de langst denkbare termijn, verdediging van deel- en eigenbelang zijn raison d’être.

Planologen zijn ook psychologen. Voor de verwezenlijking van een Nieuw Nederland is, zeggen de auteurs, een fundamentele gedragsverandering noodzakelijk. We moeten anders met water omgaan, en ook met boeren, verstedelijking en energie. En alles met ‘solidariteit’ als onderliggende waarde – anders lopen ze in 2100 nóg in gele hesjes. Hoe krijg je mensen zover daarin mee te gaan? Niet met ‘moeten’, maar met ‘kunnen’ en ‘gedeeld verlangen’, zeggen de auteurs. ‘Met het schetsen van verleidelijke toekomstvisies’.

Wellicht is de zonnige toekomstvisie het antwoord op het ziekelijke verlangen naar vroeger van T. Baudet en anderen – de pessimist wil altijd terug in de tijd.

‘Als Nederland het wil, wordt iedere opgave een win-win’, staat er. Het is bijna de taal van de manager die zegt dat hij nooit problemen ziet, maar louter kansen. Onbekommerd halen de auteurs het woord ‘gidsland’ van stal, alsof dat helemaal geen term is die alleen nog met een vies gezicht mag worden uitgesproken. Ze willen een ‘verlangen naar verandering opwekken’, een verlangen dat zo krachtig is, dat de burgers zullen zeggen: ‘Dit Nederland, daar wil ik wonen.’

Het kan, als we maar willen, zeggen de Panoramista’s. Hopelijk luisteren politici naar hun adviezen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden