Opinie

Overheid moet sturen op gelijke kansen

De recente cijfers van de Inspectie voor het Onderwijs liegen er niet om: de sociale ongelijkheid in het Nederlandse onderwijs neemt toe.

Laat scholen zelf bepalen hoe de schoolloopbanen van leerlingen eruitzien, betoogt Herman van de Werfhorst. Beeld anp

Kinderen uit hogere milieus gaan vaker naar het vwo dan kinderen uit lagere milieus, en niet alleen omdat ze beter kunnen leren. Adviezen worden vaker naar boven bijgesteld voor kinderen uit hogere milieus, en juist in het eerste jaar dat het schooladvies is gegeven voorafgaand aan de afname van de cito-toets zien we dat de ongelijkheid in het voortgezet onderwijs extra toeneemt. Wat is er aan de hand? En wat moet de samenleving ermee?

Het is van alle tijden en plaatsen dat er onderwijsongelijkheid bestaat. Kinderen verschillen nu eenmaal, en we moeten niet de illusie hebben dat iedereen naar de universiteit kan. En deels hangen leerprestaties samen met sociaal milieu, dus is een zekere mate van ongelijkheid niet per definitie onrechtvaardig.

Maar uit de veranderingen in korte tijd blijkt dat er meer aan de hand is. Het onderwijsbeleid laat zich de laatste jaren samenvatten in één dogma: handen af van het onderwijs. Laat scholen zelf bepalen hoe de schoolloopbanen van leerlingen eruitzien, welke leerlingen ze binnen de poorten willen hebben, en hoe ze leerlingen sorteren. Deze drang naar autonomie wordt door het onderwijsveld omarmd; hoe minder bemoeienis vanuit Den Haag hoe beter. Gestandaardiseerde toetsen moeten minder belangrijk worden, scholen moeten maatwerk leveren, er moet meer aandacht komen voor 21st century skills. Ook de #Onderwijs2032-agenda ademt deze sfeer, de scholen kunnen het zelf het beste.

Centrale sturing

Maar centrale sturing is juist erg belangrijk vanuit het oogpunt van gelijke kansen. Afgelopen week stond nog een stuk in The New York Times, concluderend dat 'the standardized test leveled the playing field'. De schoolprestaties van etnische minderheden worden meer op waarde geschat als een leerkracht af kan gaan op gestandaardiseerde informatie.

Bovendien zien we dat de middelbare scholen steeds smaller worden: brede scholengemeenschappen verdwijnen, brugklassen verkorten en versmallen, en kinderen krijgen bewust steeds vaker een enkelvoudig advies (bijvoorbeeld havo of vwo, in plaats van een gemengd havo/vwo-advies). Juist als scholen het zelf moeten doen, als de overheid geen visie heeft op ongelijkheid, voeren zij vanuit strategisch oogpunt deze versmalling door. Een brede scholengemeenschap krijgt het vwo niet gevuld. De voorsortering op 12-jarige leeftijd wordt zo steeds doorslaggevender. Nemen we daar genoegen mee?

Juist nu we zien dat de ongelijkheid toeneemt, is het zaak dat de overheid haar afwachtende houding heroverweegt. Moet er niet meer sturing komen om de brede scholengemeenschappen in ere te herstellen? Moeten er meer vaste normen worden geformuleerd om op basis van het leerlingvolgsysteem tot advies over te gaan? Het lijkt me dat de overheid niet langer op haar handen kan blijven zitten.

Herman van de Werfhorst is hoogleraar sociologie aan de Universiteit van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden