Opinie Eritrea en Ethiopië

Optimisme in Eritrea en Ethiopië was niet zo gek

De repressieve koers van de Eritrese en Ethiopische leiders voorzag niemand. Ook de bevolking zelf niet, schrijft Mikal Tseggai.

Gewonde Ethiopische soldaten na de val van Mengistu Haile Mariam in 1991. Beeld Getty

In de krant van 12 juli schreef oud-diplomaat Robbert van Lanschot een stuk over zijn ervaringen als diplomaat in Oost-Afrika en hoe deze ervaringen zijns inziens de inschattingsfouten van oud-minister Jan Pronk in de regio tonen.

De periode die Robbert van Lanschot beschrijft, begin jaren negentig, was inderdaad een roerige periode in Eritrea en Ethiopië. Van Lanschot beschrijft in dit stuk zijn onbegrip voor de hulde waarmee minister Pronk de nieuwe leiders van Oeganda, Eritrea en Ethiopië verwelkomde. Ik begrijp op mijn beurt niet goed waar dit onbegrip vandaan komt, in ieder geval niet wat betreft de laatste twee landen.

Als mensen alleen mijn naam zien, gaan ze er vaak vanuit dat ik een man ben. Ik ben vernoemd naar de broer van mijn vader, Michael. Michael was een van de vier zoons in mijn vaders familie. Hij studeerde, hield van reizen en was manager in een fabriek in Asmara.

Vergiftigd

Op een dag ging hij met een simpele kwaal naar de dokter, maar hij kwam nooit meer terug. Hij is waarschijnlijk – zoals destijds met veel intellectuele jongeren gebeurde – door het Derg-regime vergiftigd in het ziekenhuis.

Toen zijn vrienden als blijk van medeleven naar een rouwbijeenkomst bij mijn grootouders gingen, werden ze gearresteerd wegens samenscholing. Ze kregen daarvoor de doodstraf en werden opgehangen. Hun lichamen werden gedumpt op een vuilnisbelt vlak buiten Asmara.

Na de oorlog had mijn vader nog maar een broer over. Zijn andere broer stierf in de grensoorlog met Ethiopië aan het front.

Ik vertel dit verhaal niet omdat ik medelijden wil of wil shockeren. Ik vertel dit verhaal om een beeld te schetsen van de situatie in Eritrea en Ethiopië tot 1991, onder de militaire junta van het communistische Derg-regime.

Jonge mensen werden bij bosjes geëxecuteerd. Grote groepen mensen werden opgesloten in kerken, waarna die kerken in brand gestoken werden. Kinderen en vrouwen werden verkracht en vermoord en als hun lichamen daarna nog op de weg lagen, reden de tanks van de Derg er gewoon overheen.

Dood hing permanent in de lucht

De Rode Terreur van het Derg-regime heeft naar schatting 500 duizend mensen in Eritrea en Ethiopië het leven gekost, in een tijd waarin tussen beide landen ook nog eens een van de meest bloederige oorlogen van Afrika plaatsvond. In Eritrea en Ethiopië hing in deze jaren de dood permanent in de lucht. De leider van het Derg-regime, Mengistu Haile Mariam, is nooit opgepakt en slijt zijn oude dagen in Zimbabwe.

Als je bedenkt dat tussen 1960 en 1990 beide landen te maken hadden met wisselingen van regimes, meerdere (burger)oorlogen en de Rode Terreur van de Derg, is het niet gek dat men begin jaren negentig optimistisch gestemd was na het einde van de conflicten en het einde van het Derg-regime. Isaias Afewerki ging het onafhankelijke Eritrea leiden en in Ethiopië zou de nieuwe leider Meles Zenawi de puinhopen op gaan ruimen.

Ja, de bewegingen die beide mannen leidden hadden een dubieus track record als het ging om interne democratie, maar op dat moment was de internationale gemeenschap en vooral de bevolking in Eritrea en Ethiopië uitzinnig dat aan de zwarte bladzijde van beide landen een einde gekomen leek te zijn. Niemand had toen kunnen bedenken dat Afewerki in Eritrea een van de meest repressieve regimes ter wereld zou leiden en dat Zenawi in Ethiopië ook zo autoritair en antidemocratisch te werk zou gaan; ook Eritreeërs en Ethiopiërs zelf niet.

Naar Afrika zijn altijd geldstromen gegaan, met het idee dat dit het continent verder zou helpen, zonder dat er altijd even kritisch werd gekeken naar het bestuur van bepaalde landen. Dit gebeurt nog steeds, maar nu vooral met het idee om migratie tegen te gaan.

Kortom: de analyse van Van Lanschot is te kort door de bocht, omdat de context veel breder is dan hij schetste. De ontwikkelingen van Eritrea en Ethiopië in de afgelopen dertig jaar kennen niet één schuldige, maar wel veel slachtoffers: de mensen in Eritrea en Ethiopië zelf. Hopelijk wordt het voor hen na het vredesakkoord eindelijk iets beter en breekt nu echt een nieuwe tijd aan in beide landen.

Mikal Tseggai is PvdA-raadslid in Den Haag. Haar ouders vluchtten in 1989 uit Eritrea.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.