opinieblog

Opinieblog - Lezers over boerkaverbod: ‘Ik schaam me voor de Nederlanders die dit willen handhaven’

Een selectie van interessante debatten op internet en in andere media of lezersbrieven, bij elkaar geblogd door opinieredacteuren van de Volkskrant.

Vrouwen gekleed in nikabs op Rotterdam Centraal, 7 februari 2014. Beeld Hollandse Hoogte / Peter Hilz

Het boerkaverbod is van kracht, maar daarmee is de discussie over de wet en de handhaving ervan nog niet voorbij. Ook lezers van de Volkskrant zijn verdeeld: ‘Als je iemand (tegen haar wil) dwingt om zich anders te kleden, dan pas discrimineer je.’

Dat de boerka een symbool is van een verwrongen visie op de positie van de vrouw is volgens Wim Vlaanderen geen argument voor een verbod. En ook niet dat een boerka het wat gemakkelijker maakt een wapen te verbergen, in elke handtas kan immers een pistool worden opgeborgen. Problematischer zijn volgens hem de gevolgen voor de interactie:

‘Het zien van het gezicht van onze medemens is een soort veiligheidsinspectie. Wij nemen voortdurend de gezichten op van de mensen die we tegenkomen, niet alleen onze gesprekspartners maar ook van passanten op straat of in de supermarkt. Dat gebeurt grotendeels onbewust en automatisch. We zijn in staat om uit de gelaatstrekken iets op te maken over de persoon en de bedoelingen van die ander. En tijdens een gesprek luisteren we niet alleen naar wat een ander zegt, we kijken tegelijk naar zijn gezicht om te zien hoe hij reageert op onze woorden. Wat voor emoties roepen onze woorden op: instemming of ergernis, blijdschap of boosheid, betrokkenheid of onverschilligheid? En op onze beurt geven wij met ons gezicht signalen af aan anderen.

‘Het dragen van een boerka maakt zo’n open interactie onmogelijk en roept daardoor vanzelf een gevoel van onveiligheid op. Het is onmogelijk de ander in te schatten. En wat dan vooral ergernis oproept, is dat dit niet wederzijds is. De boerkadraagster verbergt zich, ontneemt haar gesprekspartner de mogelijkheid een indruk over haar te krijgen, maar kan zelf wel naar de ander kijken. Blijft over de vraag of dit gevoel van onveiligheid zwaar genoeg weegt om de boerka te verbieden, in de wetenschap dat de draagsters hier een hoop praktische hinder van zullen ondervinden. Je kunt stellen dat het aantal vrouwen in ons land dat zo’n boerka wil dragen waarschijnlijk zo gering is dat de invoering van de wet vergeleken kan worden met het afschieten van een kanon op een mug. Maar zo’n wet geeft een duidelijk signaal af dat onze maatschappij open wil zijn, en dat het voor die openheid absoluut noodzakelijk is dat mensen gebruik kunnen maken van hun vermogen een ander te peilen.’

Oud-hogeschooldocent Erwin Sengers uit Den Haag vindt het verbod juist schaamtevol:

‘We vragen en eisen in Nederland veel tolerantie voor allerhande uitingen van diversiteit en staan (blijkt uit onderzoek) driehonderd vrouwen niet toe om (bij eigen vrije keuze) een nikab te dragen? Selectieve tolerantie is geen tolerantie en ik schaam me voor de Nederlanders die dit verbod willen handhaven, mijn oprechte excuses voor hen die niet beter weten.

‘Elk mens moet je beoordelen op gedrag, niet louter op uiterlijkheden. Er is mij tot op heden geen incident bekend van een vrouw met gezichtsbedekkende kleding die tot problemen heeft geleid. Als het een ongedwongen keuze is van de vrouw om gezichtsbedekkende kleding te dragen getuigt het van beschaving en tolerantie hier geen aanstoot aan te nemen, dat is pas echte ontwikkeling. Als je iemand (tegen haar wil) dwingt om zich anders te kleden, dan pas discrimineer je (dit heeft ook Amnesty International eerder bevestigd).

‘Ik heb jaren gedoceerd aan vrouwen met gezichtsbedekkende kleding en moet bekennen dat ik nog zelden zo plezierig en respectvol wederzijds contact gehad als met deze doelgroep. Ik hoop oprecht dat een intelligente burgemeester als Femke Halsema van Amsterdam geen haast maakt met de wetshandhaving rond dit verbod. Als er gulle gevers zijn die boetes willen betalen, ben ik daar zeker een voorstander van.’

Meer Columns & Opinie over het boerkaverbod:

Was ik nog lid van Amnesty, dan had ik onmiddellijk opgezegd na dat kekke filmpje over gezichtssluiers, schrijft Elma Drayer in haar column.

Met de komst van het boerkaverbod is het te hopen dat iedereen zijn best doet om confrontaties te mijden, aldus Pieter Klok in het commentaar.

Barbecue in het Vondelpark in Amsterdam. Beeld ANP

De wereld brandt door trots - 31 juli

De ironie kan weinig treffender: op de dag dat hitterecords werden verbroken, meldde Flightradar24 dat er een record van 225.000 vluchten op één dag was uitgevoerd. Tekenend voor de trots van het individu, die  onvermurwbaar lijkt tegenover dagelijkse weerrecords en naderend onheil, zo betoogt Oscar Donck.

In de Twitter-wereld wordt de ironie benadrukt door wat je het ‘groene kamp’ zou kunnen noemen. Zo schrijft publicist van de Groene Amsterdammer Jan Postma: ‘Ik ben maar twee of drie hitterecords verwijderd van zelf niet meer vliegen en even grenzeloze als onredelijke woede op iedereen die dat wel doet.’

Aan de andere kant van het spectrum ergeren mensen zich aan heel andere dingen, zoals het ‘paternalistische toontje’ van wetenschappers, media en publicisten betreffende het gedrag van anderen. Zo ergert Sylvia Witteman zich op Twitter aan een kop van RTL Nieuws, waarin door een slaapexpert wordt getipt dat het niet verstandig is naakt op bed te liggen ondanks de mogelijk heetste nacht ooit. Witteman reageert cynisch: ‘Mogelijk vannacht laatste oordeel. Maar drink niet meer dan twee glazen alcohol, scheid het afval, eet 200 gram groente en drie stuks fruit en vergeet niet te flossen.’

Pyongyang aan de Amstel

In eenzelfde lijn wordt Amsterdam door onder meer klimaatsceptici badinerend Pyongyang aan de Amstel (87.000 hits op Google) genoemd. De aantijgingen vinden hun oorsprong in verschillende beleidsmaatregelen, maar focussen ook op groene maatregelen. Als de stad nieuwe maatregelen wil nemen (zoals het verbieden van benzine- en dieselauto’s in 2030 of het enkel vegetarisch eten serveren op gemeentelijke evenementen), klinken soortgelijke, trotse en cynische reacties. ‘Betutteling’, luidt het met regelmaat.

De schrikreacties op dergelijke maatregelen zijn vaak defensief. Zo worden regelmatig de quasi-liberale stokpaardjes ‘dat maak ik zelf wel uit’, ‘ik kan dat altijd zelf nog wel beslissen’ en ‘waar bemoeien zij zich mee’ van stal gehaald. Individuen, zo luidt de achterliggende filosofie, weten zelf immers wat goed is voor de wereld en hebben recht op ongebreidelde vrijheid. ‘Je bent mijn moeder niet’, klonk het eerder uit de mond van Jan Roos voor de ‘Nee-derland’-campagne, gericht tegen onder meer de vlees- en vliegtaks. Dat men de versnelde opwarming van de aarde ontkent of negeert, is immers een individueel recht. Tweede Kamerlid Dilan Yesilgoz (VVD) twitterde op 15 januari: ‘Van mij hoeft niemand verplicht korter te douchen, minder vlees te eten, minder te vliegen etc. Iedereen maakt zijn eigen keuzes.’

De trots is vaak dusdanig groot, dat adviezen of beleidsveranderingen een averechts effect sorteren. Onder het nieuwsbericht over de vegetarische koers van Amsterdam tekent de meeste gelikete Twitteraar aan: ‘Zo lekker 3 kilo goed gemarineerde spareribs op de barbecue te gooien.’ Liever dode dieren en wat extra uitstoot dan beperkt worden in je bewegingsruimte.

Het zijn twee diametraal verschillende verschijnselen op verschillende schalen die onlosmakelijk verbonden zijn: enerzijds de verbranding van de aarde, anderzijds de onverbiddelijke trots en het vertrouwen in het eigen oordeelvermogen. Het lijkt alsof de trots van het individu onvermurwbaar staat tegenover dagelijkse weerrecords, naderend onheil en brede consensus in een academische sector. 

Ondertussen vliegen en eten we ons van record naar record op record. Tot de aarde het ons niet meer toestaat. Dat ‘het eerlijke verhaal is dat we ongelofelijk diep in de shit zitten’ volgens NRC, lijkt daarbij weinig uit te maken. Maar gelukkig kiezen we daarvoor. 

Oscar Donck, Amsterdam

‘Inenting door mobiele prikteams? Opdringerig’ - 30 juli

Een jongere wordt ingeënt tegen meningokokken. Ongeveer 16.000 jongeren ontvangen tijdens de inentactie in de Amsterdamse RAI een vaccinatie tegen de ziekte. Beeld ANP

Het vaccinatiedebat laait weer op. De gemeente Den Haag komt met een primeur: het inzetten van mobiele vaccinatieteams om de vaccinatiegraad op peil te krijgen. Anne-Marie van Raaij-Schouten, voorzitter van de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken vindt het ‘verplichtende karakter’ van de prikteams ‘zorgelijk’. Anti-vaxxer André Nuijten stelt: ‘De overheid hoeft geen belastinggeld uit te trekken om ons te overtuigen.’ Johan Versteegen, GGD-arts  infectieziektebestrijding van de GGD Haaglanden, denkt wel dat het Haagse plan gaat werken, en onderschrijft het belang van een ‘gezonder en veiliger Den Haag’: ‘We zien niet ingeënte kinderen nog altijd onnodig overlijden.’

Mobiele prikteams? ‘Dat is overweldigend. Het krijgt zo het dwingende karakter van een verplichting’, aldus Anne-Marie van Raaij-Schouten, voorzitter van de Nederlandse Vereniging Kritisch Prikken. ‘Er wordt al vaak gedacht dat vaccineren verplicht is en zo’n plan versterkt dat opdringerige gevoel. Maar mensen moeten zich wel beseffen dat het een keuze is. De verantwoordelijkheid ligt tot het kind 18 jaar oud is bij de ouder.

‘Er wordt beredeneerd dat bij een vaccinatiegraad van 95 procent de populatie is beschermd volgens de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO). Maar geef ons dan ook het bewijs van die veiligheid, die is er helemaal niet. Dat is natte vingerwerk. Er zijn regio's in China waar de vaccinatiegraad 100 procent is, en daar komen ook nog uitbraken voor. Ze zeggen tegen ons wel eens ‘jullie komen met verhaaltjes’, maar de WHO komt zelf met verhaaltjes. Zolang er geen hard bewijs is over vaccinatiebescherming, mag vaccineren geen verplichting worden en mag die indruk ook niet worden gewekt.’ 

Misverstand

Johan Versteegen, arts infectieziektebestrijding van de GGD Haaglanden, zegt daarover in een interview met Den Haag FM: ‘We krijgen vaak de schuld, maar dat is lang niet altijd terecht. Dat vaccinaties niet zouden werken is een groot misverstand. Er worden honderden miljoenen vaccins in allerlei landen gebruikt, als ze niet veilig waren, kwamen ze niet op de markt. Bijwerkingen horen er – net als bij medicamenten –  bij, maar het valt vaak reuze mee. Waarom de vaccinatiegraad toch daalt, weten we niet precies. Mogelijk speelt verwarring op internet een rol, ik refereer altijd naar de website van de RIVM (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu), die is betrouwbaar.

Hij vervolgt: ‘Om een voorbeeld te geven: onder mensen die gevaccineerd zijn tegen polio, zie je nooit iemand met polio. Ik denk dat mobiele prikteams gaan werken omdat het zo makkelijker wordt om te vaccineren, denk aan mensen die het vergeten zijn of op vakantie waren. Het gaat erom dat we Den Haag gezonder en veiliger maken. We zien bij de GGD kinderen nog steeds onnodig overlijden als ze hun vaccinaties niet hebben gehad. Dat is triest en moeten we niet willen.’

Complottheorieën

Lezer André Nuijten uit Breda is tevens kritisch. Hij reageert op de vaccinatiecolumns van Elma Drayer, die hij overwegend ‘scherpzinnig’ en ‘genuanceerd’ vindt. ‘Blijkbaar kan zij niet begrijpen dat er mensen zijn die vaccinaties, de werking alsmede de hoeveelheid ervan in twijfel durven trekken. Dit alles zou ontstaan zijn uit het onkundig rondneuzen op internet, het klakkeloos napraten van meningen tot en met het omarmen van complottheorieën.

‘Maar zou het kunnen dat mensen oprecht bezorgd zijn over het bombardement aan, weliswaar verzwakte, ziektekiemen die over hun kinderen worden uitgestort? Dat ernstige aandoeningen alsmede gedragsstoornissen als autisme, adhd en voedingsintolerantie toenemen bij kinderen en dat deze bijwerkingen kunnen zijn van onze losgeslagen westerse leefwijze en de ongebreidelde vaccinatiedrang ingegeven door de illusie van een ziektevrije wereld? Verdiep je in de materie, kijk eens naar complementaire geneeswijzen, ga eens naar een lezing. Wetenschap is niet altijd zaligmakend en de overheid hoeft  geen belastinggeld uit te trekken om ons te overtuigen.’

‘Colombia heeft meer Egan Bernals nodig’ - 29 juli

Tourwinnaar Egan Bernal. Beeld Getty Images

Heel Colombia is dronken van geluk na de historische Tourzege van Egan Bernal. Wie dacht dat buurland Ecuador al feest kon vieren toen eerder dit jaar hele steden roze kleurden voor Giro-winnaar Richard Carapaz, treft in Colombia de overtreffende trap van een volksfeest. De president, voetballers, tennissers, zangers, 48 miljoen Colombianen jubelen om de eerste landgenoot die het is gelukt het felbegeerde geel in Parijs te pakken.

Ook de Colombiaanse pers komt superlatieven te kort om Bernal, de jongste winnaar van de Tour de France sinds 1909, te duiden. Natuurlijk worden de sportieve prestaties van de 22-jarige Bernal geroemd tijdens de ‘Grande Boucle’, maar ook raken de Colombiaanse media niet uitgepraat over de menselijke kant van de jonge Tourwinnaar. Neem het beeld van de geëmotioneerde Bernal op de Champs Élysées die zoent en knuffelt met zijn huilende broer, moeder en vriendin.

Dagblad El Espectador, dat dit weekeinde met een knipoog naar Tourwinnaar Bernal al zijn hele krant in het geel liet verschijnen, stelt in zijn commentaar dat ‘de vraag niet is of Bernal nog een belangrijke wedstrijd gaat winnen, maar wanneer dit zal gebeuren’.

Volgens de Colombiaanse krant is Bernal op meerdere manieren een voorbeeld. ‘Niet alleen vanwege zijn triomf, maar ook vanwege de manier waarop hij deze heeft bereikt. ‘Zijn tranen en zijn welgekozen woorden zijn een les voor het hele land. Wanneer duidelijk aan het doel wordt gewerkt, zonder afleiding, is het mogelijk om datgene te bereiken wat men wil.’ El Expectador wijst erop dat het geen toeval is dat in deze Tour, de eerste gewonnen door een Colombiaan, ook de eerste is ‘waar drie van onze landgenoten, bekend als de kevers, in de toptien terecht zijn gekomen. Rigoberto Urán, die tweede werd in 2017, en Nairo Quintana, die in het verleden de Ronde van Italië en de Ronde van Spanje won, begeleiden het historische moment van Bernal. Colombia heeft een verleden, heden en veel toekomst in het wielrennen.’

Ook El Tiempo, dat zaterdag al met een extra editie verscheen om de Tourzege van Bernal te markeren, wijst in zijn commentaar erop dat Bernal het in zich heeft ‘om een wereldwijde legende te worden, maar ook als voorbeeld dat wielrennen een heus alternatief is voor miljoenen jonge mensen in Colombia alsook een motor voor diverse sectoren van de economie, zoals industrie en aanverwante diensten en toerisme.’

Volgens El Tiempo zou het goed zijn dat elke keer dat ‘de winden van neerslachtigheid door het land gieren en de ballast van pessimisme deze samenleving tot meer dan honderd jaar mislukkingen en frustraties veroordeelt, Bernal als lichtend voorbeeld dient’. El Tiempo roemt ‘de menselijke waarden, de standvastigheid en volwassenheid van een jonge man die heeft aangetoond hoe hij elke dag een beter persoon wil zijn en het dagelijks bestaan koestert met deugdzame acties boordevol betekenis (…). Colombia heeft meer Egan Bernals nodig.’

‘Duurzame’ campagnes houden klimaatcrisis in stand - 26 juli

Een pomphouder plakt de aankondiging van CO2-neutraal rijden voor het raam. Beeld Marcel van den Bergh

Shell, KLM en Coca-Cola lanceerden afgelopen maanden ‘duurzame’ marketingcampagnes. ‘Een charmeoffensief van bedrijven die te maken hebben met groeiende maatschappelijke kritiek in tijden van een klimaatcrisis’, betoogt Anne Wijers, campagneleider van Greenpeace.

De aarde warmt in rap tempo op, wetenschappers slaan alarm over de snelheid waarmee onze biodiversiteit verdwijnt en elke minuut belandt er een vuilniswagenlading aan plastic in onze oceanen. Grote bedrijven hebben een belangrijk aandeel in deze crisis. Wat doen ze daaraan?

Shell biedt klanten met de campagne ‘CO2-neutraal rijden’ aan om 1 cent extra per liter af te rekenen. Met dat geld wordt geïnvesteerd in boomprojecten ter compensatie voor CO2-uitstoot. KLM roept met de ‘vlieg bewust’-campagne mensen op een bijdrage te leveren aan een duurzame toekomst, omdat ‘zelfs de kleinste veranderingen grote impact kunnen hebben’. En Coca-Cola vraagt ons deze zomer om het bedrijf te helpen met recyclen.

Deze campagnes leggen de verantwoordelijkheid van de milieu-impact van hun business waarmee zij miljarden verdienen, bij de consument neer. Tegelijk zijn dezelfde bedrijven niet bereid om de nodige maatregelen te nemen waarmee zij de transitie naar verduurzaming maken. In plaats daarvan strooien ze ons met ‘groene’ campagnes zand in de ogen en wordt er alles aan gedaan de status quo te handhaven.

Brussel

Wanneer Shell stopt met boren naar olie en gas, zou de CO2 niet vrijkomen. Maar wat doet Shell? In 2018 investeerde het bedrijf 800 miljoen in hernieuwbare energie versus zo’n 25 miljard dollar in fossiele energie. Daarmee houdt Shell ons afhankelijk van olie en gas. Via lobbyclubs probeert het bedrijf bovendien al decennialang ambitieuzer klimaatbeleid af te zwakken.

KLM geniet al jaren een uitzonderingspositie en wil dat graag zo houden. Het bedrijf lobbyt tegen accijns op kerosine, een vliegtaks en stoot elk jaar meer CO2 uit. KLM is groot voorstander van verdere groei van luchthaven Schiphol, waar zij sterk van afhankelijk is. Ze vraagt ons bewust te vliegen, maar biedt goedkopere tickets bij een extra overstap en daardoor langere vlucht. Oh ja, KLM vliegt ook doodleuk vijf keer per dag naar Brussel.

Coca-Cola claimt dat de recycling van plastic en het voorkomen van zwerfafval topprioriteit heeft. Opvallend, want het bedrijf heeft zich nooit uitgesproken vóór statiegeld op kleine flesjes, de manier om dat doel te bereiken. Coca-Cola gebruikt jaarlijks 3 miljoen ton plastic, dat zijn 200.000 wegwerpflessen per minuut volgens The Guardian. Het levensmiddelenbedrijf is hiermee de grootste verbruiker van wegwerpplastic ter wereld en tevens de grootste vervuiler, blijkt uit 239 opruimacties in 42 landen door de Break Free From Plastic beweging. Het probleem bij de bron aanpakken door iets aan haar eigen productie en het vervuilende systeem van wegwerpplastic doen? Ho maar. Coca-Cola draait liever de kraan open en vraagt ons te dweilen.

Schuldgevoel

Alle drie de campagnes spelen perfect in op het idee van ‘een beter milieu begint bij jezelf’ en de doorgeslagen individualisering van het klimaatdebat zoals Volkskrantredacteur Koen Haegens in zijn essay ‘De planeet heeft niets aan uw opgeheven vingertje’ beschrijft. Een frame dat vervuilende bedrijven maar al te graag versterken, omdat het de aandacht richt op individuele verantwoordelijkheid in plaats van hun vervuilende business. Door de verantwoordelijkheid bij ons te leggen, wordt het vervuilende systeem, en daarmee de klimaatcrisis, in stand gehouden. Wij zitten vast in het systeem, juist deze bedrijven hebben de middelen om de transitie te maken.

Dit soort marketingcampagnes zullen we steeds vaker zien, omdat bedrijven als Shell, KLM en Coca-Cola het heet onder de voeten wordt. Deze campagnes moeten ons een goed gevoel, dan wel schuldgevoel bezorgen en de bedrijven een duurzaam en verantwoord imago. Laten we daar niet meer intrappen.

Anne Wijers is campagneleider van Greenpeace.

Nederland bukt onder de hitte, waakzaamheid is geboden - 25 juli

Waterpret in de binnentuin van verzorgingshuis Aafje De Vijf Havens. Werknemers organiseren een speciale activiteit in de binnentuin als maatregel tegen de hitte tijdens Code Oranje. Beeld ANP

Als het de warmte buiten niet is die ons ten deel valt, dan zijn het wel de pushberichten over warmterecords op onze beeldschermen: de hitte lacht u toe. En bij hitte regent het waarschuwingsberichten. Een impressie.

Het Rode Kruis roept familie en kennissen op om extra op kwetsbare ouderen te letten, uitdroging en oververhitting liggen bij die groep op de loer. Want, stelt de organisatie: ‘Weinig Nederlanders denken aan ouders tijdens de hitte.’ Volgens onderzoek van de hulpverleningsorganisatie vraagt slechts 18 procent van de Nederlanders aan oudere familieleden of ze hulp nodig hebben tijdens de warme dagen, 9 procent benadert oudere buurtgenoten met diezelfde vraag.

Zo is het volgens het Rode Kruis ‘raadzaam samen door het huis te gaan en te kijken of er voldoende maatregelen zijn genomen om het huis koel te houden’. Naast vochtinname en luchtige kleding is het goed om een extra oogje in het zeil te houden wat medicatie betreft. ‘Sommige medicijnen hebben invloed op de vochthuishouding.’

Afscheid

Wie een uitvaart heeft een dezer dagen moet ook extra waakzaam zijn. Dat stelt Monuta, specialist op het gebied van afscheid. Het is nodig om gasten van een uitvaart in de gaten te houden. Ze zijn minder gefocust dan anders, omdat ze in een emotionele periode zitten. Mensen kunnen onwel worden. Met de hitte zijn we ons hier nog meer van bewust. We bieden extra water aan voor alle aanwezigen. Bij begraafplaatsen zorgen we dat de bezoekers en de nabestaanden in de schaduw kunnen staan bij het graf. Indien mogelijk plannen we het afscheid vroeg op de dag. Of we organiseren het afscheid volledig binnen, bijvoorbeeld in een crematorium zodat zo min mogelijk gereisd hoeft te worden’, zegt Marijn Beekman, uitvaartverzorger bij Monuta Venlo.

Ook de Nederlandse Vereniging van Spoedeisende Hulp Artsen waarschuwt voor de gevaren van de warmte: herken een hitteberoerte. ‘De combinatie van flinke inspanning en hitte kan leiden tot een hitteberoerte. Je herkent dat doordat er sprake is van plotselinge bewusteloosheid, soms spiertrekkingen of schokken van het lichaam, een lichaamstemperatuur die oploopt tot boven de 41 graden, een droge, warme en rode huid, maar geen zichtbaar zweet op de huid’, aldus NVSHA-voorzitter Annemarie van der Velden. Naast 112 bellen is het belangrijk om het slachtoffer in de schaduw te leggen, de huid te koelen met water en natte handdoeken en van frisse lucht te voorzien. 

Hittestresskaart

Een gewaarschuwd mens telt voor twee, dachten ook verzekeraar Achmea en consultancybedrijven Royal HaskoningDHV en Nelen & Schuurmans. Eind juni lanceerden zij BlueLabel: de eerste nationale hittestresskaart. De kaart toont de impact van warm weer op de leefomgeving. Erik Oostwegel, CEO van Royal HaskoningDHV zegt daarover: ‘Klimaatverandering en toenemende verstedelijking zorgen ervoor dat de samenleving voorbereid moet zijn op weersextremen zoals hitte en extreme neerslag. BlueLabel zorgt voor nauwkeurig inzicht in deze risico’s zodat overheden, bedrijven en particulieren gericht maatregelen kunnen nemen voor een betere leefomgeving.’

Al die voorbereidingsmaatregelen zijn leuk en aardig, maar voor dieren gaat er ‘geen hitteprotocol op’, zegt een verontruste Sandra van de Werd van het Comité Dierennoodhulp in Amsterdam. Ze maakt gebruikt van de hitte om de gruwelen van de vleesindustrie aan te stippen. ‘In deze extreme hitte gaan de diertransporten richting slachthuis gewoon door. Vleeskuikens, legkippen, eenden, kalkoenen en konijnen bijeen gepropt in kratten. Het vangen en transport is al een verschrikking voor de dieren, met de opgelopen kneuzingen en botbreuken. Maar in deze hitte voelt alles nog erger. En dat geldt ook voor de varkens, koeien en kalfjes op transport: voor hen geen goed werkend hitteprotocol. 

‘Laten we hopen dat hun gruwelijke einde dan maar snel komt en dat ze niet ook nog eens opeengestapeld in kratten uren moeten wachten in het slachthuis. En al die miljoenen dieren die nog niet aan de beurt zijn en in de stallen zitten opgesloten. Daar is geen waterbad of airco om je mee te verfrissen Misschien is deze hitte voor jou het moment om de keuze te maken voor de dieren. Stop met hen op te eten. Dat is al lang niet meer nodig met de overvloed die wij hebben aan gezonde en lekkere vleesvervangers.’

De grote Boris-show kan beginnen - 24 juli

Boris Johnson dinsdag bij het partijbureau van de Conservatieven in Londen. Beeld AFP

Boris Johnson is premier van Groot-Brittannië. Natuurlijk juichende reacties in zijn fanblad The Daily Telegraph, waarin hij zijn lucratieve maandagcolumn schrijft. ‘Boris moet drie verprutste jaren van Theresa May goedmaken’, is het hoofdcommentaar. Columnist Stewart Jackson: ‘De overwinning van Boris Johnson heeft het infantiele Remain-verzet verpulverd.’ The Economist schudt daarentegen het hoofd: misschien duurt zijn regeerperiode niet lang maar ‘het wordt waarschijnlijk een miserabel tijdje’. Hieronder ook commentaren uit Zweden en Ierland.

The Daily Telegraph

‘De oorlog is beëindigd, of de rebellen dat nu leuk vinden of niet’, gaat Jackson verder. ‘Het is allemaal voorbij. De idiote oorlog is afgelopen. De drie armzalige jaren van Theresa May’s consensus, defaitisme, doormidden splijten, huichelarij, capitulatie en overgave zijn voorbij.

‘Het is weer ochtend in het Verenigd Koninkrijk, om Ronald Reagan te parafraseren vlak voor zijn overweldigende presidentiële overwinning in 1984. De ontknoping van Brexit komt eraan.

The Economist

‘Het is moeilijk in te schatten wat voor premier hij zal zijn. Het probleem is niet dat Johnson geen aanwijzingen daarvoor in zijn geschriften of met zijn gedrag in het verleden heeft achtergelaten: hij heeft zo veel aanwijzingen achtergelaten, vaak tegenstrijdige, dat we daar weinig wijzer van zijn geworden. Hij is een bedrijfsleven-gezinde belastingverlager die ‘fuck business’ heeft geroepen, een voorstander van immigratie die vrouwen in boerka beledigt. Zijn politieke kring bestuderen heeft ook geen zin, want die heeft hij niet. Toen hij de eerste keer tot burgemeester van Londen werd gekozen, had hij moeite personen te bedenken die hij op topposities kon benoemen. Zelfs zijn broer, Jo Johnson, is het fundamenteel met hem oneens over Europa, hoewel hij fatsoenlijk genoeg is zich anders voor te doen. Groot-Brittannië heeft Blairites, Brownites en Cameroons gehad, maar het is een zekere gok dat er, zelfs als Johnson het als premier een paar jaar volhoudt, geen Borissians zullen zijn. (..)

‘Het wordt waarschijnlijk een miserabele korte tijd als premier, met maar een positieve kant. De nieuwe leider van de Conservatieve Partij hoeft niet te worstelen met een getalenteerde, ambitieuze querulant genaamd Boris Johnson.’

Dagens Nyheter

‘God help ons!’, is de reactie van het Zweedse dagblad Dagens Nyheter op het aantreden van Johnson als Britse premier. ‘Zoals een speciale editie van The Economist onlangs stelde, gaat het op veel plaatsen in de westerse wereld slecht met centrum-rechtse partijen die ooit verantwoordelijk waren en staatsgezind. Uit angst voor populistische, reactionaire en irrationele krachten hebben zowel de Amerikaanse Republikeinen als de Britse Conservatieven zich laten overnemen door twee politieke opportunisten die altijd eerst in hun eigenbelang handelen. Door de hoogste functie nu aan Johnson over te dragen, maken de Tory’s de toekomst onzekerder, niet alleen voor hun eigen partij en hun land, maar in het slechtste scenario voor de gehele wereld. Als de spanningen in de Straat van Hormuz verder oplopen, moeten we onze hoop vestigen op Donald Trump en Boris Johnson. God save the Queen? Dat is niet genoeg. God, help ons allemaal!’

The Irish Times

In Ierland worden de verwikkelingen in Londen met extra aandacht gevolgd, vanwege de controverse over de grens tussen de twee landen. Toch geeft The Irish Times in een hoofdcommentaar een optimistische draai aan de komst van een Brexit-hardliner in 10 Downing Street. 

‘Ten eerste zouden Johnsons beperkingen het, paradoxaal genoeg, wel eens gemakkelijker kunnen maken tot een werkbare deal te komen die de ramp van een no-deal Brexit kan voorkomen. Niet alleen omdat zijn beroemde slechte voorbereiding, zijn gebrek aan detailkennis en zijn doelloosheid hem tot een slechte onderhandelaar maken, hoewel dat waar is. Belangrijker nog is dat hij een man is met slechts een paar duidelijke standpunten, die geen belang hecht aan consistentie en met een gave zichzelf eindeloos tegen te spreken. Ten tweede geven Johnsons mandaat, en zijn populariteit binnen zijn partij, hem de vrijheid om de harde brexiteers te verraden in de wetenschap dat hij zoiets wel zal overleven.’

‘Samenwerken aan een musical in groep 8 is niet doelloos’ - 23  juli

Groep 8 van de Johan Frisoschool in Woerden speelt in 2013 de afscheidsmusical ‘Het Amstelhotel’. Beeld Marcel van den Bergh

Het leven van een leerling in groep 8 bestaat grotendeels uit het herhalen van lesstof tot februari en na het advies voor een middelbare school uit ‘een reeks van zinloze, doelloze activiteiten afgewisseld met oefenen voor een even zinloze, doelloze musical’, schreef Keyvan Shabazi in zijn online-column voor ‘Opinie op Zondag’. Dat verbaast lezeres Lidka Marshall-Mikolajczyk : ‘Samenwerken en het leren van vaardigheden zoals muzikaliteit, beweging en decorontwerp lijken mij zeker niet doelloos.’ 

Geen  verloren schooljaar

Met verbazing heb ik de column van Keyvan Shahbazi op 21 juli op de site van de Volkskrant gelezen. Hij betoogt dat groep 8 van de basisschool een verloren schooljaar is. Voornamelijk omdat er eerst herhaling van lesstof wordt gegeven en daarna eindeloos getoetst wordt, maar voornamelijk omdat er een zinloze en doelloze musical plaatsvindt aan het einde van het jaar. Hierna schrijft hij dat de overgang van het primair naar het secundair onderwijs te groot is.

Ja, er wordt lesstof herhaald en ja er wordt veel getoetst, helaas is dit inherent aan ons onderwijssysteem zoals dit nu is vormgegeven. En de schoolmusical is zeker niet zinloos of doelloos. Van leerlingen die vaak jarenlang bij elkaar in de klas hebben gezeten wordt afscheid genomen en zij nemen afscheid van elkaar. Samenwerken en het aanleren van vaardigheden zoals muzikaliteit, beweging en decorontwerp lijken mij zeker niet doelloos. Niet voor leerlingen die praktisch zijn ingesteld, en evenmin voor leerlingen die naar het gymnasium zullen gaan.

De overgang van het basisonderwijs naar het voortgezet wordt door een heel groot aantal middelbare scholen een stuk kleiner gemaakt door de zogenoemde ‘warme overdracht’, waarbij de scholen intensief contact hebben over de leerlingen. Ook maken veel leerlingen al heel vroeg kennis met de nieuwe school op kennismakingsdagen in groep 8. Vrijwel elke middelbare school begint in het nieuwe schooljaar met introductiedagen waarin de kennismaking met de nieuwe school, het gebouw, de vakken, de leerlingen en de leraren centraal staat. Veelal met hulp van leerling-mentoren. In de eerste maanden zal het aanleren van nieuwe schoolse vaardigheden zoals plannen en het maken van huiswerk. Geen enkele goede school of docent zal verwachten dat de leerlingen in september van de brugklas al zelfstandig en zelfredzaam zijn.

Ik ben een ervaren mentor van de brugklas en mijn leerlingen geven al jaren aan na ongeveer twee weken gewend te zijn op hun nieuwe school en het gevoel te hebben er al jaren rond te lopen. In het begin zoeken ze hun docent van groep 8 nog graag op, maar ook deze behoefte neemt na een paar weken af, hoor ik van mijn collega’s uit het primair onderwijs.

Wat echt een probleem is, zijn de overbetrokken ouders die denken dat hun eigen prinsje of prinsesje van suiker is gemaakt en geen enkele verandering aan zou kunnen. En die bij voorbaat alles geloven wat hun kind bij thuiskomst vertelt. Zonder na te gaan hoe er op school over deze zaken wordt gedacht.

Lidka Marshall-Mikolajczyk, Steenbergen, docent  geschiedenis op het middelbaar onderwijs

Dank Aleid, voor je bijdrage aan de generatiekloof - 22 juli

Jongeren strijden voor een beter klimaat tijdens de klimaatmars in Amsterdam. Beeld Pauline Marie Niks

Millennials, verenig jezelf en strijd voor beter beleid. Aldus de boodschap van Volkskrant-columnist Aleid Truijens voor de ‘klemgezette generatie’. Ze roept op tot een jongerenpartij, collectieve actie van ‘de eerste generatie die het slechter krijgt dan haar ouders’. Opinieredacteur en millennial Anouk Boone reageert: ‘Weer een zestiger die zich uitspreekt over millennials. Zo houdt de generatiekloof zichzelf in stand.’

‘Truijens beschrijft millennials als ‘goed gelukte jonge mensen’, ‘geweldige kinderen’ en ‘gehoorzaam investerend in zichzelf’. Met haar maternalistische toon draagt ze bij aan de vermeende ‘nare generatiekloof’ waaraan ze appelleert. Ik kan me niet voorstellen dat ze met haar stuk millennials inspireert tot het vormen van een collectief geluid. Als ze al wordt gelezen door generatiegenoten, online uiteraard, meet ze zich de rol van bezorgde ouder aan. En wat doen we daar mee? Precies: vrij weinig.

‘Dat betekent niet dat we niet voor uitdagingen staan. Dat het krijgen van een hypotheek en het kopen van een huis geen probleem is, maar was dat dertig jaar geleden zo anders? Uit de brievenstroom die de Volkskrant toekomt blijkt dat de woningmarkt al decennialang een probleem opwerpt: het verkrijgen van woonruimte is nooit voor iedereen vanzelfsprekend geweest.

‘Dus ‘de eerste generatie die het slechter krijgt dan haar ouders’ zoals Truijens zegt en onderzoek uitwijst? Materieel gezien: ja. We investeren minder snel in stenen en blik, maar mochten studeren wat we wilden, groeiden op in vrijheid. Geen sluimerende oorlogsherinneringen die ons tekenden, geen ervaring te gek. We hebben al jong veel van de wereld gezien – menig pensionado zal groen uitslaan van reizen die wij in ons twintiger jaren al maakten – tot vliegschaamte aan toe: rijkdom, inclusief het bewustzijn wat we er op de koop toe bij krijgen.

‘Inzoomend op dat doorstuderen: mijn vader mocht niet naar de universiteit, want broer X en zus Y hadden ook niet gestudeerd. Ik ken ook genoeg verhalen van dominante vaders van toen die bepaalden wat hun dochters gingen studeren, of misschien nog wel pijnlijker: wat niet. Daar vervloog de artsendroom, want ‘meisjes worden geen arts’. Toen een voldongen feit, tegenwoordig ondenkbaar. Die keuzevrijheid levert ons misschien nu en dan wat stress op, maar wederom vooral rijkdom.

‘Truijens oproep voor een nieuwe partij terwijl er al talloze jongerenpartijen zijn, inclusief petities – bijvoorbeeld ‘Fix de woningmarkt’ van de Jonge Socialisten in de PvdA – voegt daarom ook weinig toe. Maatschappelijk engagement wordt door millennials anders beleefd dan door geloof in het logge karakter van de politiek. Zoals ontwikkelingsadviseur Ilham El Khayari recent al zei in een gesprek over de ‘avocadogeneratie’: ‘We zetten ons in op een andere manier. We zijn geen lid van vakbonden, maar hebben een activistisch karakter.’

Ook lezer Marijke Van Schendelen is het oneens met Truijens: 

‘Beste Aleid, je vergelijkt jongeren van nu met jouw eigen ervaringen. Ik ben 10 jaar ouder, mocht zoals vele anderen, doorleren, was de trots van mijn ouders, voor wie dat niet mogelijk was. Een situatie, vergelijkbaar met vele jongeren nu, die niet opgroeien met ouders die het in financiële zin hebben gemaakt, maar die nu de eersten van de familie zijn die het hbo of de universiteit bereiken en de trots zijn van hun ouders. Zij wonen aan de rand van de grote steden, in Amsterdam, bijvoorbeeld in Zuid-oost, Noord of Nieuw-west. Zij zitten niet op de terrassen, maar bedienen de terrassen.

‘Ook in mijn tijd, afgestudeerd in 1971 – opoe vertelt – was vooral voor vrouwen een vaste baan nauwelijks aan de orde. Dat betekent dat een huur of hypotheek berekend werd op het salaris van de kostwinner, die ook meestal een starter was op de woningmarkt. Inwoning tot je 35ste was geen uitzondering als je ouders niet gefortuneerd waren.

‘De negatieve generatiekloof die je beschrijft geldt voor een piepklein blank segment van de samenleving. Dat je dat veel breder trekt is jammer. Natuurlijk moet de woningmarkt worden bijgestuurd. Gelukkig heeft je eigen krant het afgelopen weekend een gedegen inzicht gegeven in het feilen van de woningmarkt, inclusief portretten van een aantal hoofdrolspelers. Ook een jongerenpartij, of jongeren die actief zijn in een partij, zijn als dwingende tegenmacht van belang. En dan vooral jongeren met een zeer diverse achtergrond.’ 

Lezersreacties: ‘Regering ondergraaft vertrouwen in pensioenen’ - 19 juli

Een gepensioneerde vrouw houdt een waaier kaarten in haar hand. Ze speelt bridge bij een bridgeclub. Beeld Flip Franssen / HH

Het rommelt weer in pensioenland. Mogelijk wordt gekort op ons nationale ‘appeltje voor de dorst’.  Redacteur Gijs Herderscheê, gespecialiseerd in de materie: ‘De pensioenen gaan niet direct omlaag, dat gebeurt pas als de pensioenfondsen ook op 31 december niet voldoende scoren.’ Lezers ondertussen voelen zich ‘belazerd’, vinden het de rekenregels ‘absurd’ en bemerken dat een ‘keiharde oppositie van de fondsen ontbreekt’.

‘De pensioenen moeten gekort worden van de regering. Daar wordt heel misleidend aan toegevoegd: omdat het anders ten koste gaat van de jeugd. Met andere woorden: de pensioenfondsen zijn aan het potverteren. Niets is minder waar. Door absurde regels worden de pensioenfondsen volstrekt onnodige arm gerekend.

‘De pensioenvermogens zijn in 11 jaar verdubbeld van 800 miljard naar 1.600 miljard. In die 11 jaar zijn er niet meer pensioengerechtigden bijgekomen. Kortom de positie van de pensioenfondsen is aanzienlijk verbeterd en niet verslechterd, zoals wordt gesuggereerd. Dit feit maakt het onbegrijpelijk dat er moet worden afgewaardeerd. Onze pensioenen worden steevast als een van de beste van de wereld aangemerkt in vergelijkend onderzoek.

‘De Nederlandsche Bank hanteert in opdracht van de regering de zogeheten dekkingsgraad. Als de dekkingsgraad 100 procent is, kan elke deelnemer worden betaald totdat de laatste het licht uit doet. De rendementen die op de beleggingen gemaakt worden tellen niet mee voor de dekkingsgraad. Gemiddeld 6 procent.

Loonconcurrentie

‘Er wordt wel gerekend met een rekenrente. Daarmee wordt de toekomstig toename van het vermogen berekend. Dit is een armrekenrente. Die is in Nederland 1,2 procent: de laagste van Europa bij kapitaalgedekte pensioenen. Gemiddeld is de rekenrente in Europa 2,1 procent. Tot 2007 gold in Nederland een rekenrente voor pensioenen van 4 procent. Een percentage dat de regering nog steeds hanteert als het gaat om het belasten van spaargeld. Als de rekenrente van 2,1 procent in Nederland wordt gehanteerd schieten de dekkingsgraden omhoog, hoeft er niet afgeboekt te worden en kan er sneller worden verhoogd.

‘De suggestie dat er minder deelnemers aan pensioenfondsen zijn, klopt niet. Nederland telt 9 miljoen werkenden. Dat aantal kan hoger door, zoals de vakbonden willen, zzp’ers en uitzendkrachten bij pensioenfondsen onder te brengen in de bedrijfstak waarin ze werkzaam zijn. Het is verwijtbaar dat de regering weigert dit verplicht te stellen. De regering laat haar oren hangen naar werkgevers die de loonconcurrentie tussen uitzendkrachten en zzp’ers en werknemers met een dienstverband willen handhaven.

‘De vakbonden hebben pensioenakkoord gesloten. De AOW-leeftijd blijft 2 jaar op 66 jaar en 4 maanden en stijgt daarna langzamer dan oorspronkelijk de bedoeling was. Maar de strijd is nog niet gestreden. De rekenrente, de compensatie van 60 miljard die nodig is omdat de regering de doorsneepremie wil afschaffen, het AOW-gerechtigd zijn na 45 jaar dienstjaren en een aparte regeling voor wat wordt genoemd de zware beroepen staan nog ter discussie.’

Anne van Dijk, gepensioneerd vakbondsbestuurder, Drachten

Motivatie

‘Wat ik vooral mis in de huidige, opnieuw actuele, discussie is dat pensioenen al 11 jaar niet meer meer zijn verhoogd. Je zou denken dat dit al een enorme besparing moet hebben opgeleverd. Maar nee, er wordt gemotiveerd uitgelegd waarom er nu toch moet worden verlaagd. Volgens mij worden we met motivatie belazerd!’

Paul SotthewesLimmen

Toekomst opsnoepen?

‘Rekenrente, dekkingsgraad en de blinde vlekken van Wouter Koolmees, Jeroen Dijsselbloem en Klaas Knot: je ziet maar weer, zelfs de knapste koppen kunnen er finaal naar zitten. Zien ze echt niet in dat ze veel te streng zijn met het aanscherpen van de rekenregels voor de pensioenfondsen? Op hun aanpak valt veel af te dingen.

‘Wie verzint het om lange termijn beleggers af te rekenen op basis van de dagkoersen van de (kunstmatig) lage rentestand? Pensioenfondsen hebben slechts een beperkt deel belegd in obligaties. Het merendeel is belegd in aandelen, participaties en onroerend goed. De nu opgelegde lage rekenrente staat in geen enkele verhouding met de feitelijke lange termijn rendementen van de fondsen, circa 8 procent.

‘Met de huidige rekenrente zou nog te leven zijn, ware het niet dat 1 procentpunt verschil in rekenrente 12 procentpunt verschil in dekkingsgraad oplevert. Terecht dat men de fondsen scherp wil houden en potverteren moet worden voorkomen, maar de fondsen worden nu te veel afgeknepen.

‘De aanpak van Koolmees, Dijsselbloem en Knot leidt naast negatieve macro-economische effecten, daling van de koopkracht, ook tot maatschappelijke onrust. De jongeren vinden dat de ouderen hun toekomst aan het opsnoepen zijn en de ouderen dat wat hen toekomt gestolen wordt. Het nog zo prille pensioenakkoord komt onnodig onder druk te staan.

‘Men denkt met het strenge beleid de maatschappij een dienst te bewijzen. Maar beter zou zijn de rekenrente weer vast te zetten op 4 procent. Dat geeft stabiliteit en de marge ten opzichte van de feitelijke lange termijn rendementen van de fondsen is groot genoeg. Vervolgens kunnen dan met de pensioenfondsen afspraken gemaakt worden de ontstane bestedingsruimte verantwoord te benutten.

‘Wat ik helemaal niet begrijp is de houding van de pensioenfondsen. In het publieke debat hoor ik ze wel wat pruttelen, maar een keiharde oppositie ontbreekt. Dubbele agenda?’

Lex Rietveld, Haarlem

De ‘lastige ouder’ maakt zich zorgen om het kind. Neem hem serieus - 18 juli

Scène uit de serie De luizenmoeder. Beeld RV

Al te mondige ouders, die op hun rechten staan, bezorgen docenten handenvol werk. De ‘juridisering van het onderwijs’ en de ‘claimcultuur’ ondermijnen hun aanzien en gezag. Er is een herwaardering voor hun professionaliteit nodig, betoogde schoolleider Titia Wittenberg donderdag in de Volkskrant. De overheid moet niet alleen de rechten van ouders regelen maar ook die van docenten. Begrijpelijk, schrijft oud-schoolleider Ameling Algra, maar ‘bij haar oplossing zijn scholen noch ouders gebaat’.  

Neem klagende ouders serieus

Schoolleiders en docenten, structureel overbelast, lopen de laatste dagen voor de zomervakantie op hun tandvlees. Dan kan een klagende ouder snel te veel worden, zeker als het voor hem of haar ook maar een spelletje is; ‘niet geschoten is altijd mis’.

Begrijpelijk dat schoolleider Titia Wittenberg onder die druk pleit voor het inperken van de rechten van ouders, voor grenzen aan de claimcultuur. Je werkt je met je docenten uit de naad om het zo goed mogelijk te doen en dan krijg je dit gezeur. Bij haar oplossing echter zijn scholen noch ouders gebaat.

Ik ken ze ook uit mijn verleden als schoolleider: de lastige ouder die zijn zoon of dochter naar een hoger leerjaar probeert te praten. Maar – hoe professioneel docenten en scholen ook proberen te zijn, er gaat óók te vaak iets mis. De ouder die ineens op de laatste schooldag als donderslag bij heldere hemel hoort dat zijn kind naar een ander schooltype moet, de ouder die wanhopig probeert voor zijn kind voorzieningen te regelen voor diens beperking, die ouders lopen vaak tegen een bureaucratische muur aan. Uit angst als ‘lastige ouder’ te worden getypeerd (daar wordt immers je kind de dupe van) laten ze het er vaak bij zitten.

Wittenberg meent dat in de medische professie de rechten van de beroepsbeoefenaars beter beschermd zijn. Terwijl ook daar een heel systeem bestaat van klacht- en beroepsprocedures en tuchtrecht. Het fenomeen van de energiezuigende beroepsklager is daar evenmin onbekend. Maar anders dan in het onderwijs is de medische wereld er (inmiddels) meer van doordrongen dat je het probleem niet oplost door klagen te ontmoedigen. Dat je moet beginnen de klager serieus te nemen.

De ‘lastige ouder’ is iemand die zich zorgen maakt over de toekomst van zijn kind, zoals de ‘lastige patiënt’ iemand is die zich (terecht of onterecht) zorgen maakt over zijn gezondheid. Neem die ouder serieus.

Ameling Algra, Almere, ex-schoolleider in het voortgezet onderwijs.

Ouders, kijk in de spiegel

Met belangstelling het artikel van Titia Wittenberg gelezen vanochtend, ‘Ouders kunnen ook iets té mondig zijn’. Ik ben het met haar eens dat het tijd wordt de professionaliteit van docenten te erkennen. Maar ook vind ik het tijd dat we eens in de spiegel kijken. Willen we een juridiserende samenleving voorleven aan onze kinderen? Willen we ze leren niet zelf verantwoordelijkheid te nemen (door te communiceren en te accepteren dat je niet altijd het gelijk aan je zijde hebt) maar meteen hogere instanties in te schakelen als het even tegen zit? Willen we ze leren dat niemand, wat voor opleiding hij of zij ook genoten heeft, te vertrouwen is? Fijne ouders zijn we dan.

Anja Kuiken, Warnsveld

Wat doet al die publiciteit rond MH17 met de nabestaanden? - 17 juli

Nabestaanden bij het MH17-monument in Hilversum, vijf jaar na de ramp met het vliegtuig van Malaysia Airlines. De gemeente organiseerde een herdenking in het Dudokpark om de vijftien omgekomen inwoners van Hilversum te herdenken. Beeld ANP

Vijf jaar nadat vlucht MH17 werd neergeschoten boven Oekraïne, brengen de Nederlandse kranten opnieuw verhalen van nabestaanden, hoe zij die jaren van onzekerheid zijn doorgekomen. In de Volkskrant doen Sandra en Mirjam Verploeg hun verhaal: ze willen niet allen meer aandacht voor het verdriet, maar ook voor mooie momenten van steun die ze kregen. De publiciteit was ook pijnlijk voor nabestaanden, merkt Trouw op in een commentaar, ‘voor de media is het zoeken geweest naar het juiste evenwicht’. Een keuze uit commentaren. 

De nabestaanden van de MH17-ramp ‘is rust gegund’, schrijft Trouw in een hoofdredactioneel commentaar. De rechtszaak is noodzakelijk, maar de jarenlange rechtsgang zal ook ‘een zware wissel trekken op het uithoudingsvermogen en geduld van de nabestaanden’.

‘Nederland heeft met hen meegeleefd, van de indrukwekkende thuiskomst van de lichamen op vliegveld Eindhoven, de komst van een monument tot de publieke herdenking woensdag. Aan de andere kant hebben de aandacht in de media en het onderzoek ook hun tol geëist bij de nabestaanden. Zij hadden niet gevraagd om al die publiciteit, al die gruwelijke details, al die berichten, het nepnieuws en de ontkenningen van enige betrokkenheid, die zout in de wonde zijn.

‘Voor de media is het zoeken geweest naar het juiste evenwicht tussen publiciteit, het brengen van nieuws rond het onderzoek en menselijk medeleven. Dat blijft een precaire balans, waar wij ons zeer bewust van zijn. Ieder mens zou in alle rust, op zijn eigen manier, afscheid moeten kunnen nemen en rouwen om zijn geliefden. Die rust vinden is de nabestaanden van de MH17-slachtoffers zó gegund, in de wetenschap dat ook vandaag weer heel Nederland aan hen denkt.’

AD-hoofdredacteur Hans Nijenhuis schrijft in een commentaar dat de ramp Nederland ‘heeft getekend’.

‘Al vijf jaar lang vertellen media de verhalen van de nabestaanden, zeker ook deze krant. Elk verhaal is anders, elk verhaal verdient het gehoord te worden, en herhaald. Dat is niet overdreven, denken wij. MH17 is onderdeel van onze nationaal bewustzijn geworden. De manier waarop ons land met de ramp, de misdaad, omgaat, is ook Nederlands. In de beste zin van het woord. De respectvolle manier waarop de doden naar hun laatste rustplaats werden gebracht. Het monument dat er kwam. En zeker ook de manier waarop de autoriteiten blijven proberen de schuldigen te vinden en te berechten. (..)

‘Het boek van MH17 zal wel nooit gesloten worden. Maar zelfs als de daders ooit achter slot en grendel zitten, verdient het gelezen te blijven worden. We kunnen er kracht uit putten.’

De Telegraaf legt de nadruk op het aan de schandpaal nagelen van Rusland in het hoofdcommentaar met de kop ‘Made in Moscow’.

‘De gruweldaad die op 17 juli 2014 een van de grootste naoorlogse tragedies van ons land werd, draagt als stempel ‘made in Moscow’. Vijf jaar na het neerschieten van vlucht MH17 is het nog steeds onverteerbaar voor de nabestaanden dat Rusland blijft liegen en bedriegen om de eigen rol in de massamoord te verhullen. (..)

‘Het OM volhardt in het naar boven brengen van de waarheid. Alleen zo kan aan de slachtoffers en hun nabestaanden recht worden gedaan. Hoe onwaarschijnlijk het ook is dat de aangeklaagden daadwerkelijk voor de rechter zullen verschijnen, het OM moet Moskou laten sidderen met overtuigende bewijzen zodat de wereld weet waar de schuldigen zitten.’

Apollo 11-missie keerde wereld ondersteboven: een sterk staaltje propaganda - 16 juli

Festiviteiten rondom het vijftigjarig jubileum van de eerste maanmissie in Florida, vlakbij de lanceringsplek van de Apollo 11. Beeld REUTERS

De Apollo 11-missie was ongekend, een iconisch succesverhaal. Voor het eerst was de wereld niet meer dan een zinderende bol van ‘blauw marmer’ bezien vanuit het heelal. Wereldwijd wordt vandaag stilgestaan bij het vijftigjarig jubileum van de maanmissie die zowel ‘een wereldwijde mediasensatie’ als ‘propagandistisch’ van aard was. 

Sciencefiction schrijver Ken Liu betoogt in een essay in de New York Times dat het Apollo-programma de toon zette voor de nationale rivaliteiten vandaag de dag. ‘De Apollo 11-missie was doordrenkt van een spanningsveld tussen idealistisch universalisme - ‘een gigantische sprong voor de mensheid’ - en de alledaagse politieke realiteit die het mogelijk maakte: een propaganda-inspanning van de Koude Oorlog in de schaduw van wederzijds verzekerde nucleaire vernietiging’. 

Politieke leiders dweepten met de bovenmenselijke prestatie en een ieder drukte zijn stempel - ‘inspirerend maar ook zelfingenomen, kortzichtig en bombastisch’ - op de maanmissie.

‘Het Apollo-programma gaf ons een kans de aarde te zien zoals we dat nooit hadden  gedaan. Maar die visie moest worden gemanipuleerd om aan onze verwachtingen te voldoen. Toen de Apollo-astronauten op de maan stapten, waren ze vertegenwoordigers van de hele menselijke soort, maar ze droegen ook een schijf vol propaganda die de ene kant weerspiegelt in een wereld die helemaal niet vredig was. En de geschiedenis herhaalt zich: de VS, China, India, Israël, Rusland en andere landen plannen en kondigen missies naar de maan, maar deze lijken gedreven door de dorst naar verovering. Als maanmissies worden ingezet om te triomferen over onze vijanden, zou het dan niet beter zijn om helemaal geen vorderingen te maken richting de sterren?’, besluit Liu zijn betoog.

David Smith, bureauchef voor The Guardian in Washington blikt terug op de impact van de ‘mythische’ Apollo 11-missie voor zwart Amerika. Burgerrechtenleider Ralph Abernathy noemde Nasa’s maanmissie ‘een onmenselijke prioriteit’. ‘De Apollo 11-missie is geprezen als de grootste technologische prestatie van de mensheid en, na de onrust van de jaren zestig, een verlossend moment van nationale en internationale eenheid. Maar bij de zwarte pers rees de vraag hoe het prijskaartje van de missie te rechtvaardigen was terwijl miljoenen Afro-Amerikanen nog steeds in armoede verkeerden.’

‘De politie is een afspiegeling van de samenleving: het mag best zinderen’ - 15 juli

Agenten komen in Sittard bijeen voor een cao-bijeenkomst. Beeld Marcel van Hoorn

Terwijl ‘diversiteit’ het stokpaardje is van de korpsleiding, stapt een adviseur bij de politie op vanwege discriminatie. Is ‘inclusiviteit’ een illusie bij het korps? Danielle Braun, antropoloog afgestudeerd op politiecultuur, vindt dat we niet te hard moeten zijn voor het blauw op straat. ‘De politiecultuur is een afspiegeling van de samenleving, daar hoort imperfectie bij.’

‘De top van de Nederlandse politie ligt onder vuur. De korpsleiding doet kennelijk te weinig aan wangedrag en discriminatie. Een politiecoach luidde de klokkenluidersklok. Weer eens. Toen ik 25 jaar geleden promoveerde op een onderzoek naar politiecultuur en klachtencoördinator ongewenst gedrag was bij de politie Kennemerland, was dat ook al zo. Op exact dezelfde thema’s. En tien jaar geleden, vijf jaar geleden… 

‘Wat is dat toch met integriteit, diversiteit, ongewenst gedrag en politie? Is het echt zo ‘verrot’? Ik denk van niet. De politie is hiermee een afspiegeling van de samenleving. Een samenleving die onder druk staat waar het gaat om meningen over diversiteit, samenleven, religie, politiek, macht, open grenzen, man-vrouwverhoudingen en jezelf zijn versus je aanpassen. We willen graag een politie die dichtbij mensen staat, met voeten in de samenleving. Die divers en niet elitair is of het geweldmonopolie vanuit een smalle staatsdogmatiek invult. Dat lukt goed. Vergeleken met andere landen scoort de Nederlandse politie hoog op toegankelijkheid en met je been in de samenleving staan. 

‘Die samenleving is niet alleen maar nobel. En niet eenduidig van mening. Juist door de down to earth samenstelling van de Nederlandse politie zijn er veel politieke meningen, persoonlijke voorkeuren en verschillen tussen mensen. Wordt er uitgedaagd en worden er harde grappen gemaakt. Het zindert. Dat is een afspiegeling van de samenleving. Soms gaat het te ver. Natuurlijk mag je van de politie net iets meer neutraliteit, inclusiviteit, opkomen tegen onrecht, veiligheid, met je handen van je collega’s afblijven, open houding en wijsheid verwachten dan van de gemiddelde burger. Intern en extern. Maar het mag zinderen. Willen we divers zijn, dan moeten we een zekere mate van conflict en spanning kunnen verdragen, ook binnen de politie. 

‘Moet je er dan maar niks aan doen als het misgaat? Natuurlijk wel. Ik verwacht van de politietop dat ze die spanning kan ‘vasthouden’ en ‘dragen’. Juist in een gepolariseerde tijd. Dat ze manieren vindt om elegant het debat aan te gaan, intern en naar buiten toe. Maar ik hoop niet dat ze die spanning wegpoetst of een eenvormig ideologisch model voorschrijft waaraan elke politiemedewerker moet voldoen. Want ook dat is geen diversiteit. 

‘Ik ben blij met enige imperfectie. Daaruit krijg ik het beeld van de politie dat ik wil zien als burger: een menselijk gezicht. Wat mij betreft moet de politieleiding keihard en continue werken aan een ‘schone’ politiecultuur. Als je dat niet actief doet, wordt het rot. Niks gaat vanzelf. Net als in de samenleving. Maar stop met een heilige graal opleggen op een maatschappelijk aangehaakte bewogen organisatie of denken dat je dit probleem voor eens- en voor altijd kunt oplossen; want bewogen is precies wat ze moet zijn.’

Voor een andere opinie aangaande dit debat, zie ook het betoog van Juan Codrington: ‘Dat een adviseur van de nationale politie van autochtone afkomst, Carel Boers, ontslag heeft genomen uit onvrede over de aanpak van discriminatie in het korps, is een unicum in ons land en toont de ernst van dit probleem anno 2019.’

‘Gezonde festivalbranche wordt weggezet als bron voor criminaliteit’ - 12 juli

Regenboog over het festival Down The Rabbit Hole. Beeld Ben Houdijk

Minister Ferdinand Grapperhaus van Justitie en Veiligheid (CDA) pleitte gister in zijn strijd tegen drugscriminaliteit voor minder festivals in De Telegraaf. Zijn uitspraken leiden tot veel onrust in de festivalbranche. Ze worden bestempeld als ‘te kort door de bocht’ en ‘verwerpelijk’. Een rondgang onder betrokkenen toont eveneens weinig sympathie voor de plannen van Grapperhaus.

‘Symboolpolitiek’, volgens Willem Westermann van de VVEM, de branchevereniging voor evenementenmakers. ‘Het is uitermate storend dat een gezonde en hardwerkende branche op deze manier door de minister wordt weggezet als bron voor maatschappelijke en criminele problemen. Het aanmerken van festivals als bron of oorzaak van drugsoverlast en -criminaliteit door de minister is een vreemde conclusie. Drugsgebruik is een maatschappelijk probleem dat van buiten de poorten een evenemententerrein op kan komen, niet andersom.

‘De daadwerkelijke bron is het grote aantal drugslaboratoria in het land. Daar ligt kennelijk wel focus op, maar op het gebied van bestrijding daarvan gebeurt vrij weinig. De minister moet de problematiek bij de bron aanpakken, niet de symptomen bestrijden, dat is te kort door de bocht.

‘Het zijn momenteel de festivals zelf die controles aan de poort regelen en betalen. Veel festivalorganisatoren merken bovendien dat zodra een bezoeker wordt gepakt met drugs in het bezit, zowel politie als OM niets met deze gevallen kan of wil doen.’ Daarnaast: ‘We staan samen met de politie scherp op het aanpakken van dealers op of rond het evenemententerrein.’ Met als kanttekening: ‘Landelijk gezien gaat de meeste politie-inzet niet naar festivals maar naar evenementen die door niet-commerciële organisatoren worden georganiseerd. Denk aan Sinterklaas-intochten, 4 en 5 mei-vieringen, bezoek van leden van het koninklijk huis et cetera’, aldus de VVEM.

Sullige crisis tussen Londen en Washington loopt uit de hand - 10 juli

De Britse ambassadeur Kim Darroch (midden, armen over elkaar) luistert in het Witte Huis in Washington naar de Amerikaanse president Trump (links) en de Britse premier May. Beeld REUTERS

Na een eerste, tamelijk beheerste tweet, heeft Donald Trump de Britse ambassadeur in Washington toch woedend in de ban gedaan. Die kreeg niet alleen een paar beledigingen op Twitter, maar ontvangt ook geen uitnodigingen meer voor belangrijke bijeenkomsten. Aanleiding: gelekte geheime ambtsberichten waarin ambassadeur Kim Darroch president Trump en zijn regering incompetent, onvoorspelbaar en hopeloos noemt. De reacties in de Amerikaanse pers zijn vooral meewarig. Voor de Britten staat er meer op het spel: moet de Britse regering achter de ambassadeur blijven staan, zoals premier May doet, of kan Darroch beter worden vervangen, zoals haar kandidaat-opvolger Boris Johnson niet wilde uitsluiten? 

Vervelend dat The Mail on Sunday sappige typeringen uit de vertrouwelijke mails afdrukte, maar een diplomaat moet open en eerlijk zijn inschattingen naar het moederland kunnen sturen, was aanvankelijk de reactie van May en in de meeste hoofdredactionele commentaren. De kwestie was vooral om de boosdoener op Buitenlandse Zaken te vinden, die de geheime mails naar de pers had doorgestuurd. Maar nu Trump Darroch het werken moeilijk maakt, kan Londen toch beter eieren voor zijn geld kiezen, vindt bijvoorbeeld de doorgewinterde commentator Simon Jenkins in The Guardian: ‘Het is moeilijk voor te stellen hoe Darroch nog effectief kan lobbyen voor de belangen van Groot-Brittannië in Trumps Washington – al helemaal niet over handelsconcessies na de Brexit die toch al onwaarschijnlijk zijn. Ja, van diplomaten wordt verwacht dat ze de waarheid spreken, zoals Darrochs verdedigers zeggen. Ja, hij zei weinig dat iedereen toch al in een krant kan lezen, wat het des te verbijsterend maakt dat hij überhaupt zulke simplistische opinies uitte. Maar het is zijn beroep om in het openbaar te veinzen, net te doen alsof, hoffelijk en beleefd te zijn. Misschien dacht hij dat zijn meningen geheim gehouden zouden worden. Maar dan was hij een dwaas.’

In The Daily Mail haalt de eveneens oudgediende columnist Richard Littlejohn nog veel harder uit naar Darroch, een typische vertegenwoordiger van de klasse van arrogante topdiplomaten in zijn ogen. ‘Voor zijn luie hoop gemeenplaatsen, wat voor iedereen overduidelijk is, krijgt Darroch, die al een titel heeft gekregen, een klein fortuin betaald, mag op kosten van de belastingbetalers wonen in een van meest luxueuze ambassades in Washington en is verzekerd van een nog hogere adellijke titel en een verguld pensioen waarvan de meeste mensen niet kunnen dromen. In ruil daarvoor wordt van hem verwacht dat hij een nauwe band met president Trump onderhoudt, niet om hem af te kraken. Welke kritiek je ook mag hebben op The Donald, hij is een goede vriend van Groot-Brittannië en de eerste gegadigde om een uitgebreid vrijhandelsakkoord mee te sluiten, wanneer we ooit losbreken van de EU-ketenen.’

The Times roept premier May daarentegen in een hoofdcommentaar op: ‘Stand by your man’. De tweets waarin Trump premier May ‘dwaas’ en ‘een ramp’ noemt en ambassadeur Darroch ‘gek’ en ‘achterlijk’ zijn ‘respectloos’ en ‘onaanvaardbaar’. De goede sfeer die tijdens Trumps recente bezoek aan het Verenigd Koninkrijk leek te zijn geschapen, lijkt al weer vervlogen, schrijft The Times. ‘We moeten Trump ervan verdenken met opzet deze diplomatieke rel te laten escaleren om Groot-Brittannië onder druk te zetten. Hij ruikt een mogelijkheid om een nieuwe premier onder druk te zetten, die weldra in een diplomatiek isolement zal komen en een handelsakkoord dringend nodig heeft.’ Niet toegeven dus, vindt The Times.

The Guardian steunt (anders dan zijn columnist Jenkins) in een hoofdcommentaar May’s weigering de ambassadeur te vervangen. De nijdige tweets van Trump bevestigen precies wat Darroch in zijn berichten over hem schreef, merkt de krant fijntjes op. Maar wie zit er aan Britse kant achter het lekken? ‘Hoewel de bron onbekend is, wekken het Brexit-gezinde publicatieplatform (The Mail on Sunday) en de manier waarop Nigel Farage de gelegenheid onmiddellijk aangreep om de diplomatieke dienst een veeg uit de pan te geven en de benoeming van een Brexit-voorstander te eisen zeker argwaan.’

‘De moslimburger van morgen heeft islamitisch onderwijs nodig’ - 9 juli

Een islamitische basisschool. Beeld ANP

Wel of geen bijzonder onderwijs: het is al langer onderwerp van discussie. Met name islamitisch onderwijs ligt onder vuur. Vandaag werd bekend dat alle aanvragen voor nieuwe islamitische middelbare scholen zijn afgewezen. De reden: onvoldoende bewijs van toekomstige aanmeldingen. Speelt de negatieve beeldvorming rondom het Haga Lyceum mee?

Haci Karacaer, directeur van een islamitische basisschool in Heemskerk, denkt van wel. ‘Het straalt op ons af, jammer.’

‘De kans op doorstroom naar islamitisch middelbaar onderwijs wordt leerlingen momenteel ontnomen. Er zijn maar twee islamitische middelbare scholen, in Amsterdam en Rotterdam. Dat is onvoldoende. Je kan een kind niet twee uur laten reizen om naar school te gaan. Maar na acht jaar basisonderwijs op een islamitische school, is vervolg op regulier middelbaar onderwijs een koude douche.

‘Veel leerlingen geven aan dat ze het ritme van islamitisch onderwijs graag voortzetten. Zo zijn er de dagopening en de dagsluiting, met gebed, de vieringen rondom bijvoorbeeld het offerfeest en de bedevaart. De sfeer is hier warmer dan bij regulier onderwijs, de afstand naar thuis kleiner. Dit zit vooral in de rituelen. Zo bidden we voor elke les zoals er thuis voor aanvang van iets nieuws, bijvoorbeeld het eten, ook wordt gebeden. Voor kinderen is veel herkenbaar en ik geloof sterk in de kracht van pedagogische continuïteit.

‘De maatschappelijke discussie over het bijzonder onderwijs gaat alleen over islamitische scholen. Sinds het moment dat er islamitisch onderwijs in Nederland is, woedt die discussie, nog voor de kwestie rondom het Haga Lyceum. Al straalt die wel op ons af, dat is jammer. De beeldvorming speelt vooral op politiek niveau en in de pers, op microniveau heb ik nog steeds voldoende vertrouwen in de samenleving. Een voorbeeld: toen wij in 2014 openden was er initieel een heftige reactie op de komst van een islamitische school, maar er is nu veel lokale betrokkenheid. Zo stond een gepensioneerde buurvrouw hier een jaar voor de klas en zijn er ook veel niet-islamitische voorleesvrijwilligers.

‘Het tekort aan leerkrachten is landelijk een probleem, wij hebben er nog meer last van dan gemiddeld. Leraren hoeven niet islamitisch te zijn, toch merken we vaak principiële bezwaren van niet-islamitische leraren om hier te werken. Dat wordt alleen maar erger.

‘En dat terwijl de moslimburger van morgen stevig in zijn of haar schoenen moet staan. Het fundament voor een goede Nederlandse moslimburger die een maatschappelijke bijdrage levert, begint op school. Daarom ligt onze focus op de ontwikkeling van taal en burgerschap. Zo hebben we een programma ‘de vreedzame school’ en zijn er buitenschoolse maatschappelijke activiteiten, zoals het gemeentehuis bezoeken en gastlezingen – laatst nog van een getuige van de Tweede Wereldoorlog. Uiteindelijk draait het allemaal om verbinding.’

Wim Littooij (directeur islamitische middelbare school Avicenna College in Rotterdam):

‘Om een islamitische middelbare school op te mogen richten, wordt gekeken naar het aantal leerlingen op islamitische basisscholen in de buurt.Die norm was toepasbaar toen kinderen in een verzuild systeem naar school gingen en zonder enige twijfel vanuit het basisonderwijs naar hetzelfde soort voortgezet onderwijs gingen. Je kon feilloos voorspellen hoeveel kinderen in de eerste klas zouden komen, door te tellen hoeveel er in groep acht zaten. Nu is die regel ouderwets, streng en niet efficiënt. Bij ons komt slechts de helft van onze leerlingen vanuit het islamitische basisonderwijs.

‘Wat niet veranderd is, is de motivatie van ouders om hun kinderen naar bijzonder onderwijs te sturen. Elke onderwijssituatie is ook een opvoedsituatie, je doet de hele dag niet anders dan corrigeren en adviseren. Ouders willen dat in dezelfde sfeer en geloofsovertuiging als thuis, daarvoor hebben ze ook een langere reistijd over. We hebben leerlingen uit Schiedam, Den Haag en Dordrecht. Basisschoolleerlingen uit die steden zouden op basis van afstand niet meegeteld worden, dus ook in dat opzicht is de huidige norm achterhaald.

‘Het wetsvoorstel Meer Ruimte voor Nieuwe Scholen wil de belangstelling voor bijzonder onderwijs meten met handtekeningen van ouders. Dat is een meer reële indicatie, maar hoe dat precies lukt, moet concreet gemaakt worden. Hoe kom je alleen al aan die duizenden adressen?’

Gökhan Çoban (dagelijks bestuurder Islamitische Schoolbesturen Organisatie):

‘De huidige methode voor nieuwe scholen is onduidelijk. Een islamitische basisschool met een net ongunstige prognose mocht er in Zeist toch komen, en er schreven zich meer leerlingen in dan verwacht. In Veenendaal mocht een school er niet komen, terwijl voldoende aannemelijk was gemaakt dat de school in het eerste jaar al ruim 260 leerlingen zou krijgen, maar het college vond dat het voor het vijfde jaar onvoldoende was aangetoond dat er dan 318 leerlingen zouden zijn. Er is altijd gedoe.

‘Het is mooi dat dat nu gemoderniseerd wordt en dat vooraf wordt gekeken naar de kwaliteit van bestuur. De ISBOheeft zelf ook een handvest voor goed bestuur dat alle islamitische scholen die onder ons vallen (90 procent van het totaal) hebben ondertekend. Zo’n tien jaar geleden stond het islami- tisch onderwijs er minder goed voor, sinds het bestuur en het financiële beleid geprofessionaliseerd zijn, behoort het tot het beste van het land.

‘Vrijheid van onderwijs is zeer belangrijk, daar hebben onze voorouders zich niet voor niets hard voor gemaakt. De discussie wordt nu gevoerd vanwege een incident in Amsterdam. Het effect van de berichten over het Haga op de beeldvorming over islamitisch onderwijs is best groot. Het islamitisch onderwijs is qua Cito-scores al vijf jaar het beste . Het persbericht daarover werd door nietmand opgepakt. Een week erna werd het verhaal over hetHaga van burgemeester Halsema landelijk nieuws. Goed onderwijs is de realiteit, de media-aandacht is veelal negatief. Dat moet evenwichtiger.’

Internationale pers over WK-finale: ‘Oranje kan volgende wereldkampioen worden’

Lieke Martens (NL) wordt gestuit door Ali Krieger (VS) tijdens de WK-finale in Lyon, 7 juli 2019. Beeld Guus Dubbelman / de Volkskrant

Bijna 5,5 miljoen Nederlanders zagen zondag hoe de Verenigde Staten de WK-titel veroverden op de Oranje Leeuwinnen. Wat schrijven de internationale media over de finale? ‘Het Amerikaanse elftal is van een andere planeet.’

Zo hoog als de kijkcijfers zijn, zo laag zijn de beoordelingen die de Franse sportkrant L’Equipe uitdeelt aan de Nederlanders spelers: alleen keeper Sari van Veenendaal en Vivianne Miedema scoren een voldoende. Wel prijst de krant de fysieke inzet van Nederland die ‘de Amerikaanse machine deed haperen’.

De Spaanse sportkrant Marca schrijft lovende woorden over de Nederlandse defensie in de eerste helft, die ‘het hoge ritme en de intensiteit die de rivaal vanaf het fluitsignaal toepaste, wist te controleren’. Maar de krant concludeert eveneens dat Oranje kansloos was na de 1-0 en dat het Amerikaanse elftal van een andere orde is: ‘De VS hebben de meest ervaren selectie (met een gemiddelde leeftijd van 29 jaar) van alle 24 deelnemers van het kampioenschap, met twaalf spelers die in de dertig zijn. Ze zullen zich moeten vernieuwen om op wereldniveau te blijven, maar op dit moment blijven ze aantonen dat ze van een andere planeet zijn.’

Op het sportblog van The Guardian is de meest optimistische kijk op Oranje te vinden. ‘Met aanvallend vermogen, een moedig middenveld en een uitstekende keeper, is Nederland een groeiende kracht in het wereldvoetbal’, aldus de Australische schrijver Kieran Pender. ‘Eerder in het toernooi zei de Braziliaanse voetbalster Marta: ‘Huil aan het begin, zodat je kan lachen aan het eind.’ Zondag was een dag van tranen en hartzeer voor de Nederlandse nationale ploeg. Maar nadat Nederland alle verwachtingen overtrof door de finale van hun pas tweede WK te bereiken, zou het geen verrassing zijn om ze te zien lachen in 2023.’

Dat de meeste buitenlandse media ‘hard en kritisch’ over Oranje schrijven, begrijpt Valentijn Driessen, chef voetbal bij De Telegraaf, wel. ‘Slechts bij hoge uitzondering – in de eerste helft tegen Japan en tweede helft tegen Italië – lukte het de vrouwen om het soms sensationele niveau van twee jaar geleden in eigen land te halen toen Oranje Europees kampioen werd.’ Maar volgens hem staat buiten kijf dat de Leeuwinnen het nationale vrouwenvoetbal op de kaart hebben gezet. ‘En daar zullen ze ook nooit meer van verdwijnen. Of je het leuk vindt of niet, of het qua voetbalniveau terecht is of niet; Nederland heeft de Oranje Leeuwinnen definitief in het hart gesloten.’

De zomer van de Oranje Leeuwinnen

Lees hier de mooiste verhalen over het toernooi, de spelers en de opkomst van het vrouwenvoetbal (oftewel ‘het nieuwe mannenvoetbal’).

Debat over gratis retourneren: ‘Ik beloon klanten liever dan dat ik ze straf’ - 4 juli

Producten van Zalando. De webwinkel zegt de helft van alle bestelde kleding retour te krijgen. Beeld Reuters

Een mooi paar schoenen bestellen kan steeds makkelijker online. Het gratis terugsturen als ze toch niet mooi zijn ook. Dat kosteloos retourneren drukt de winst bij webwinkels, en dan is er ook nog de impact van al die verzendingen op het milieu. Hoe moeten webwinkels dat aanpakken, volgens winkeliers en duurzaamheidsexperts? ‘De klant laten betalen, pakte heel goed uit.’

Veel bedrijven wagen zich niet aan een betaald retourbeleid uit angst dat consumenten dan uitwijken naar de concurrent die daar geen kosten voor rekent. Webwinkel Sans Online durfde vijf maanden geleden wel de stap te zetten (klanten betalen nu 2,95 euro om te retourneren), en dat is goed uitgepakt volgens directeur Tom Sans: ‘Qua afzet zitten we nog steeds in de plus. En de grootste winst zit ’m erin dat we minder retour krijgen: we zijn van 48 procent naar 40 procent geretourneerde producten gegaan.’ Hij ziet in de reviews dat sommige klanten het jammer vinden dat het bedrijf kosten rekent voor het retourneren, maar ‘het grootste gedeelte vindt het normaal’.

Sans ziet niets in een retourlimiet waarbij klanten niet meer gespreid kunnen betalen als zij dat overschrijden. ‘Ik hou me liever bezig met de groep klanten die veel opleveren, dan met de groep die ik moet blokkeren. We voerden dit betaalbeleid in als een noodstop, nu gaan we dat meer finetunen. Misschien dat trouwe klanten op termijn niet meer die 2,95 hoeven te betalen. We zetten liever in op belonen dan op straffen.’ Speelde duurzaamheid ook een rol in het besluit om een prijskaartje aan het retourneren te hangen? ‘Daar hebben we wel aan gedacht, maar daarvoor hebben we ook een andere functie. Klanten kunnen bij het bestellen de optie ‘geen stress’ aanvinken. Dan maakt het niet uit wanneer het pakket komt, en worden dus meer bestellingen gecombineerd bezorgd. We zien dat die optie ook steeds vaker wordt gebruikt.’

Ellen de Lange, duurzaamheidsadviseur bij Thuiswinkel.org, ziet dat bedrijven al op veel verschillende manieren bezig zijn om het retourvraagstuk ook vanuit duurzaamheidsoogpunt aan te vliegen. ‘Consumenten kunnen bijvoorbeeld hun retourproduct weer meegeven aan de bezorger wanneer die weer aan de deur komt. Er wordt nu ook mee geëxperimenteerd om dat zonder verpakking te doen. De bezorger zorgt dan dat hij verpakking in zijn busje heeft waarin hij het weer mee kan nemen. Daarnaast wordt gelet op meer herbruikbare verpakkingen en dat verpakkingen ‘monomateriaal’ blijven, zodat ze beter te recyclen zijn.’

De Lange wijst ook op de verantwoordelijkheid van de consument zelf, die bijvoorbeeld de auto kan laten staan en in plaats daarvan fietsend en lopend naar het afhaalpunt voor retourproducten kan gaan. Ook ligt het natuurlijk bij klanten zelf of ze spullen wel of niet kopen. Tegelijkertijd benadrukt ze dat het om een klein percentage gaat dat echt misbruik maakt van het gratis retourneerbeleid: ‘Het overgrote deel bestelt niet zomaar van alles en stuurt alleen kleding terug die echt niet mooi stond of waarvan de maat niet goed was.’

Jonger stemmen een goed idee? ‘Ook 16-jarigen kunnen een geïnformeerde stem uitbrengen’ - 2 juli

Leerlingen van een middelbare school in Assen brengen hun stem uit voor de Scholierenverkiezingen, de schaduwverkiezingen van de gemeenteraadsverkiezingen, 19 maart 2018. Beeld ANP

Moet de stemgerechtigde leeftijd omlaag? Minister Ollongren is ‘heel blij’ dat de mogelijkheid wordt onderzocht, tegenstanders vinden dat 16-jarigen veel te beïnvloedbaar zijn. In België woedt al jaren dezelfde discussie. Het stadsbestuur van Gent begon een experiment tijdens de lokale verkiezingen. De conclusie: 16-jarigen zijn perfect in staat een doordachte stem uit te brengen, maar of ze dat ook willen is nog maar de vraag.

Voorafgaand aan de gemeenteraadsverkiezingen van oktober 2018, ontvingen alle 16- en 17-jarigen in Gent per brief een persoonlijke oproep om te stemmen. De stemmen zouden niet officieel meetellen, maar het stadsbestuur zou wel rekening proberen te houden met de resultaten. ‘Er bestaat een stereotiepe beeld dat jongeren zich laten leiden door een mooi gezicht of een pakkende slogan,’ vertelt Dieter Stiers, een van de betrokken onderzoekers van het experiment van de Katholieke Universiteit Leuven. ‘Maar hun logica was vergelijkbaar met die van volwassen stemmers. Zo hechten kiezers van de groene partij aan het milieu, terwijl stemmers op een liberale partij meer denken aan de economie.’

Wel viel op dat scholieren die een academische scholing volgen veel vaker gehoor gaven aan de oproep dan scholieren die richting het beroepsonderwijs gingen. Is dat een reden om het stemmen toch uit te stellen? Stiers vindt van niet: ‘Die ongelijkheid van opleidingsniveaus geldt ook op latere leeftijd. Als je jongeren bereikt terwijl ze nog op school zitten, kun je die ongelijkheid juist verkleinen.’

Daarbij is het volgens hem wel belangrijk dat scholen een actieve rol op zich nemen. ‘Een vak als burgerschapsvorming is heel belangrijk. Terwijl vroeger stemmen op zich al enkele positieve veranderingen teweeg kan brengen, is het vooral belangrijk jongeren tegelijkertijd al vroeg warm te maken voor democratie en het belang daarvan: wat gebeurt er in de politiek, waarom gebeurt dat en waarom op deze manier?’

Goed idee dus, 16- en 17-jarigen naar de stembus? Stiers ziet meer kansen dan problemen, maar: ‘De meeste jongeren en ouders die we ondervraagd hebben, vonden het wel prima dat de leeftijdsgrens nu 18 jaar is. De vraag is dan natuurlijk wel of je zoiets moet opleggen als jongeren het zelf niet willen.’

LEES OOK:

‘Kinderen laten zien dat ze gehoord willen worden – geef ze stemrecht,’ betoogt Asha ten Broeke in haar column.

Ook Caesar Bast, voorzitter van de Nationale Jeugdraad, is duidelijk in dit opiniestuk: ‘Geef de 16- en 17-jarigen middels het stemrecht invloed op de beslissingen die hun toekomst bepalen.’

Minister Kajsa Ollongren vindt het idee van een verlaging van de kiesgerechtigde leeftijd interessant: ‘We vragen al best veel van 16-jarigen. Je kunt op die leeftijd al heel veel en we willen mensen heel graag laten meedoen en meedenken en meebeslissen.’ Lees hier het hele interview.

Reacties op ontmoeting Trump en Kim Jong-un: ‘Geef Trump de Nobelprijs’ - 1 juli

De Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un loopt de Amerikaanse president Donald Trump tegemoet bij de demarcatielijn tussen Noord-Korea en Zuid-Korea, 30 juni 2019. Beeld AFP

Als eerste zittende Amerikaanse president ooit zette Donald Trump zondag voet op Noord-Koreaanse bodem. Is dit het begin van verandering? Of is het pure symboliek? Dit schrijven internationale media over de ontmoeting tussen Trump en Kim Jong-un: ‘De ontmoeting is vooral goud waard voor de Noord-Koreaanse propagandamachine.’

Volgens The Wall Street Journal is de symboliek van de ontmoeting sterker dan de inhoud. ‘Vooralsnog is door Trumps diplomatie in ieder geval de kans op nieuwe Noord-Koreaanse nucleaire testen afgenomen. Maar Kim wil dat de Verenigde Staties sancties verlichten voor hij ook maar de meest bescheiden stappen neemt om zijn onderzoekslaboratoria, testfaciliteiten en kernwapenvoorraden te onthullen, laat staan te ontmantelen. Zonder dat toe te zeggen, zijn de beloftes van Noord-Korea niets waard.’

De krant is wel positief over de ‘meer substantiële vooruitgang’ die Trump heeft geboekt bij de Chinese president Xi Jinping. ‘De twee hebben een wapenstilstand uitgeroepen over hun handelsoorlog en afgesproken om onderhandelingen over een groter akkoord te hervatten. (...) De wapenstilstand houdt in ieder geval de escalatie tegen die de economie van beide landen zou hebben beschadigd.’

‘Trump vond het prima om met Noord-Korea samen te werken op hun voorwaarden, waarmee hij impliciet de legitimiteit van het regime als kernwapenstaat erkent’, schrijft The Economist. ‘Zijn opmerkingen, in combinatie met de foto’s van Trump die Noord-Korea betreedt en zegt dat hij vereerd is dat Kim hem ontvangt, zijn goud waard voor de Noord-Koreaanse propagandamachine. Ze zullen die foto’s gebruiken om het diplomatieke vernuft van hun grote leider aan te tonen. (...) Ondertussen gebruikte Trump de gelegenheid om zichzelf te feliciteren met het feit dat hij de regio had gered van een verwoestend conflict dat zonder zijn inspanningen zou zijn uitgebroken.’

Veel vleierij dus, maar levert het ook iets op? Daar heeft het magazine een hard hoofd in: ‘Als een vredesoperatie inhoudt dat de relaties met een losgeslagen dictatuur verbeteren, heeft de ontmoeting zeker enig nut. Maar het heeft zeer weinig bijgedragen aan het Amerikaanse doel om Noord-Korea ervan te overtuigen dat het zijn kernwapens moet opgeven.’

Harry J. Kazianis, hoofd Koreaanse Studies van de Amerikaanse denktank Center for the National Interest, ziet het allemaal een stuk zonniger in. ‘De president heeft de Koreaanse kwestie in anderhalf jaar meer goed gedaan dan president Obama in acht jaar’, schrijft hij in een opiniestuk voor Fox News. ‘Noord-Korea test niet langer kernwapens of langeafstandsraketten, en Trump is nu blijkbaar maatjes met Kim. Is het allemaal wat vreemd? Ja. Maar is het beter dan een oorlog die miljoenen mensen zou doden? Zeker. En hoewel we nog een lange weg te gaan hebben voordat we kunnen beweren dat Noord-Korea geen bedreiging meer is voor Amerika, hou ik van waarmee de president bezig is. En dat zou het Amerikaanse volk ook moeten doen.’

‘En verdomd, als president Obama een Nobelprijs ontving voor bijna niets, dan resteert er één duidelijk actiepunt: en dat is ervoor zorgen dat Donald Trump ook die prijs krijgt.’

‘Het gevaar is dat Trump Kim Jong-un alleen maar op een voetstuk heeft geplaatst met hun ontmoeting,’ schrijft Bert Lanting in het commentaar.

Democratie op de schop? ‘Het kabinet kiest ervoor de burger op afstand te houden’ - 28 juni

Minister Kajsa Ollongren in de Eerste Kamer tijdens het debat over de intrekking van de wet raadgevend referendum, 3 juli 2018. Beeld ANP

In reactie op de staatscommissie-Remkes, komt het kabinet met voorstellen om het parlementair stelsel te vernieuwen. Maar in hoeverre is er echt sprake van vernieuwing? De tendens in de Nederlandse krantencommentaren is teleurstelling: ‘Het kabinet gooit het rapport vol aanbevelingen vrijwel geheel in de prullenbak.’

Raoul du Pré was eerder deze week in het commentaar van de Volkskrant positief over de grotere rol voor de voorkeurstem, maar: ‘Die stap kan niet goedmaken dat het kabinet op het meest wezenlijke punt van de staatscommissie, het referendum, weer kiest voor doorschuiven en verder ‘onderzoek’. Alsof er niet al een scherp advies lag met de stelling dat het juist in de oprukkende diplomademocratie – waarin de lager opgeleiden zich steeds minder vertegenwoordigd voelen – van belang is om een democratische noodrem in te bouwen.’

Hans van Soest schrijft in het AD-commentaar dat het kabinet de aanbevelingen van de staatscommissie ‘vrijwel geheel in de prullenbak’ gooit. Hij is vooral kritisch op het voorstel om de Eerste Kamer weer in twee etappes te kiezen:

‘In haar rapport schreef de staatscommissie nou juist dat zo’n verkiezing in twee delen onwenselijk is. Immers: de keuze van de kiezer werkt dan slechts vertraagd door in Den Haag. Inderdaad stonden de Statenverkiezingen in maart wel héél erg in het teken van de landelijke politiek. En inderdaad zouden senatoren geen Tweede Kamertje moeten spelen. Maar het kabinet moet niet de illusie hebben dat dat minder wordt door de grondwet weer te wijzigen. Bovendien is het land niet onbestuurbaar geworden de afgelopen jaren. Wel moet er met de wens van meer partijen rekening worden gehouden, maar dat is niet per se slecht.’

Het commentaar van Trouw begint met twee positieve punten: de snelheid waarmee het kabinet reageert op de adviezen van de commissie-Remkes en het feit dat op regeringsniveau ‘wordt erkend dat een belangrijk deel van de bevolking zich niet vertegenwoordigd voelt in Den Haag.’ Wel stellen de oplossingen zelf enigszins teleur omdat ‘grote, meer principiële veranderingen’ op zich laten wachten.

Toch is de krant vrij optimistisch: ‘De kiezer krijgt meer mogelijkheden om op een kandidaat uit de eigen regio te stemmen en de wijze waarop leden van de Eerste Kamer worden gekozen wordt – terecht – grondig gewijzigd. (...) Het bindende correctief referendum is vooralsnog niet uit beeld. Dat is al heel wat, gezien de jarenlange stilstand op dit punt.’ En over het stemrecht vanaf 16 jaar: ‘Er wordt steeds meer van jongeren van 16 en 17 jaar gevraagd in deze samenleving. Het is dan ook goed daar nog iets breder over te discussiëren.’

NRC Handelsblad concludeert dat de reactie van het kabinet in lijn is met de langdurige geschiedenis van het onderzochte probleem: ‘Voorzichtig aan, niet forceren, nader bestuderen, verder uitwerken.’ Een ‘iets opener benadering’ van het referendum-vraagstuk zou het kabinet volgens de krant niet hebben misstaan. In plaats daarvan kiest het er nu voor ‘de burger op afstand te houden’.

Met de nieuwe opzet voor de Eerste Kamer ‘wordt teruggekeerd naar de situatie van voor de Grondwetswijziging van 1983. Het is eigenlijk wel zo illustratief. Niet voor niets wordt staatkundige vernieuwing in Nederland al decennialang vergeleken met een processie van Echternach.’

LEES OOK:

Hoe zitten de drie belangrijkste voorstellen van minister Ollongren in elkaar?

‘Veel mensen zijn heel tevreden over hoe onze democratie werkt, maar zoom je in, dan is grofweg eenderde dat niet.’ Lees hier een interview met Kajsa Ollongren.

Gaat deze foto te ver of heiligt het doel de middelen? - 27 juni

De lichamen van Óscar Alberto Martínez Ramírez en zijn dochterje Valeria, migranten uit Salvador. Beeld AP

De foto van een verdronken vader en dochter, migranten uit Salvador, roept veel reacties op binnen de Verenigde Staten en daarbuiten. Gaat publicatie van zulke schrikwekkende beelden te ver of heiligt het doel de middelen?

Marcel Molle, bestuursvoorzitter van Stichting Zilveren Camera, ziet eigenlijk geen reden om dergelijke foto’s niet te publiceren. ‘Zulke foto’s spelen een belangrijke rol. Goede fotojournalistiek kan bijdragen aan objectieve oordeelsvorming. Daarbij is het wel belangrijk dat het vanuit zuivere motieven is gemaakt (zo objectief mogelijk, zonder kanten te kiezen), en dat het niet voor nog verdere afstomping van het publiek zorgt. Ik zag gisteren in een Facebook-groep voor fotografen de vraag of deze foto schokkend is. Ik mag toch nondeju hopen van wel. Als we dit al niet meer schokkend vinden...’

Stichting Vluchteling publiceert bewust de foto niet en directeur Tineke Ceelen noemt het ‘ten hemel schreiend’ dat dit soort foto’s nodig zijn om een beeld te schetsen van het vluchtelingendrama. Molle is het ermee eens dat de beelden die we al kennen uit vluchtelingenkampen schokkend genoeg zouden moeten zijn. ‘Maar we leven in een wereld die nogal cynisch in elkaar zit, waar afstomping is. Alleen al het feit dat we het hier nu toch weer over hebben, geeft aan dat het blijkbaar toch nog nodig is.’

Wel ziet hij een glijdende schaal: waar vorig jaar de World Press Photo-winnaar een huilend meisje aan de grens was, raken we nu ondersteboven van een dood meisje en haar vader. ‘Ik hoop niet dat we er straks pas ondersteboven van zijn als het om een heel gezin gaat, of een hele boot.’ Maar zolang het vanuit die zuivere journalistieke motieven gebeurt, zijn er wat Molle betreft geen grenzen.

Is de storm net zo groot als destijds bij de foto van het verdronken Syrische jongetje Alan? Molle denkt van niet. ‘Het zal moeten blijken of dit een kantelpunt is, maar ik ben geneigd om te zeggen van niet. We moeten laten zien wat er gebeurt, in dit geval de gruwelijke gevolgen van beleid dat door mensen is gemaakt. En we moeten vooral niet doen als dat niet gebeurt. Tegelijkertijd moeten we niet overschatten wat zo’n foto doet. Ik kan me voorstellen dat de Amerikaanse maatschappij te hard en gepolariseerd is om hierdoor te veranderen.’

Oud opinieblog – 24 juni

Lees hier ons vorige opinieblog terug.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden