Opinie: Zorg voor onafhankelijk toezicht op donaties aan politieke partijen

Miljoenengiften in campagnetijd werpen de vraag op hoever politieke beïnvloeding eigenlijk gaat. De roep om aanscherping van de wet klinkt steeds luider.

CDA-Kamerlid Martijn van Helvert in Zuid-Limburg op campagne.  Beeld Aurélie Geurts
CDA-Kamerlid Martijn van Helvert in Zuid-Limburg op campagne.Beeld Aurélie Geurts

De gift van 1,2 miljoen die het CDA ontving van ondernemer Hans van der Wind heeft veel los gemaakt. Het CDA is echter niet de enige partij die bij de campagne is verblijd met een grote gift. Begin maart werd al

bekend dat de internetondernemer Steven Schuurman 1 miljoen euro had geschonken aan D66 en 3,5 ton aan de PvdD. Forum voor Democratie kreeg een half miljoen van M. Ruijs uit Hongkong. Deze fikse

donaties werden door de media wel opgemerkt maar riepen weinig commotie op. Er was geen aanleiding om te denken dat er sprake was van beïnvloeding door de gulle gevers.

Dat partijen voor hun campagnes, waarvan de kosten sterk stijgen, voor een belangrijk deel afhankelijk zijn van een of enkele grote giften is in een democratisch stelsel niet gezond. De kans dat een partij bij volgende verkiezingen weer graag in aanmerking komt voor een vergelijkbare gift is groot en kan de schenker alsnog invloed geven.

Omtzig

De gift aan het CDA, die pas recent aan het licht kwam, heeft meer losgemaakt. Dat heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat Pieter Omtzigt er in zijn notitie als eerste op heeft gewezen en hij sprak van mogelijke invloed op het beleid van het CDA.

De voorstellen voor de aanscherping van de wet buitelen nu over elkaar heen. In de Volkskrant van vrijdag (O &D, 18/6) stelde Leon Trapman voor de giften aan een maximum te binden. Een dag later geeft Kars ­Veling, eerder voorzitter van de commissie die de wet Financiering politieke partijen heeft geëvalueerd, in het AD invulling aan dat maximum: een ton lijkt hem een mooi maximum.

Een goed voorstel maar uit de mond van Veling opmerkelijk. Zijn commissie constateerde in 2018 dat in de campagne van 2017 geen grote schenkingen waren gedaan en dat er dus onvoldoende aanleiding was voor het invoeren van een maximum. Die schenkingen waren er echter wel. Eind december 2016 ontving de VVD 1 miljoen van de de Stichting Ondersteuning VVD Tweede Kamerverkiezingen, in november van dat jaar had men ook al 125.000 euro ontvangen van de Stichting voor Oeconomische Politiek. Beide bedragen staan in het na de verkiezingen gepubliceerde overzicht over 2016 van giften aan partijen, maar werden door de VVD niet opgegeven bij de voor de campagne ontvangen giften. Kleinere giften van andere stichtingen werden wel genoemd. Zo bleven deze grote schenkingen voor de verkiezingen van 2017 buiten de publiciteit en ontging het Velings commissie. Overigens hoeven dergelijke stichtingen niet te openbaren hoe ze aan hun geld komen. Waarschijnlijk gaat dat wel veranderen als de wet wordt aangepast.

Onjuiste opgave

Het ministerie van Binnenlandse zaken heeft de VVD nooit aangesproken op de onvolledige en daarmee onjuiste opgave over hun giften die de partij in 2017 heeft ontvangen voor de campagne. Sterker, het ministerie heeft de omissie nooit geconstateerd, want de opgaven van de partijen worden op geen manier gecontroleerd of achteraf vergeleken met andere financiële overzichten.

Partijen zijn in het zicht van de verkiezingen geneigd de grenzen van de wet op te zoeken. Zo kan het geen toeval zijn dat bij het CDA en de VVD grote giften pas vlak voor de verkiezingen worden overgemaakt naar de partij, zodat ze voor de verkiezingen niet in het overzicht van het ministerie verschijnen.

Het maximeren van giften tot en ton is een prima voorstel. Het is daarbij de vraag of bij schenkingen de controle op de naleving van de Wet financiering politieke partijen wel bij het ministerie moet blijven liggen. Een minister van Binnenlandse zaken zal snel het verwijt krijgen partijpolitiek te bedrijven als vlak voor de verkiezingen kritische vragen worden gesteld bij de verantwoording van andere partijen. Alle reden de controle op giften aan partijen niet bij het ministerie van Binnenlandse zaken te leggen, maar bij een onafhankelijk orgaan, bijvoorbeeld de Rekenkamer. Voor dat instituut zal dat zeker geen moeilijke of grote opgave zijn.

Philip van Praag is politicoloog

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden