Opinie

Opinie: Wel naar pretparken en sport, niet naar festivals: het kabinet meet met twee maten, dat doet pijn

Onder het motto Unmute us! wordt zaterdagmiddag in vijf steden gedemonstreerd tegen het coronaverbod voor festivals. Tim van Delft, drummer van De Staat, betoogt dat de (nacht)cultuur onrechtvaardig en onnodig hard wordt getroffen.

Optreden van De Staat op Lowlands in 2019. Beeld Ben Houdijk
Optreden van De Staat op Lowlands in 2019.Beeld Ben Houdijk

Met ongeloof en diepe teleurstelling hebben wij kennisgenomen van het opnieuw niet doorgaan van festivals en andere evenementen. Natuurlijk zijn we doordrongen van de ernst van de pandemie en het belang van het voorkomen van onverantwoorde situaties. Dat grote samenkomsten van mensen een risico vormen is evident en dat onze branche geen zorgeloze zomer tegemoet ging, was ons al bekend. Maar: het doet pijn en voelt diep onrechtvaardig om te zien hoe er in Nederland met (nacht)cultuur wordt omgegaan en hoe de leiders van ons land het belang en de waarde van onze sector totaal niet zien.

Even terug naar dit voorjaar: met keihard werken door de branche en veel goodwill van artiesten en hun zakelijke omgeving werden er fieldlab- evenementen uit de grond gestampt waarbij de werkbaarheid van het testen voor toegang succesvol werd onderzocht en er ideeën ontstonden voor een zomer waarin festivals op een veilige manier konden doorgaan.

Onbegrijpelijk

Het kabinet is vervolgens haar eigen gang gegaan met de aanbevelingen die op deze testevenementen volgden en heeft op totaal onverantwoorde en onbegrijpelijke wijze Nederland opengeschopt, met een testen-voor-toegangssysteem dat meteen vastliep, en op zoveel plekken tegelijk van toepassing werd, dat handhaving onmogelijk was voor gemeenten.

Dezelfde bestuurders die spraken van een middelvinger naar de zorg na een demonstratie tegen racistisch politiegeweld, staken nu zelf hun middelvinger op. Naar de zorg, naar de horeca, naar cultuur, naar gemeenten, naar politie en handhaving, naar wetenschappers die uitgebreid onderzoek doen en weloverwogen advies in de wind geslagen zagen worden, en naar jongeren die gemakshalve overal de schuld van kregen.

Na twee weken welig tieren van het virus werd de poort weer even bruusk dichtgeschopt, met een tenenkrommende persconferentie waarin enig mea culpa zeer ver te zoeken was. Pas na een weekend diepe verontwaardiging vanuit alle hoeken kwam er een schoorvoetend excuusje.

Zoveelste teleurstelling

En dan nu: we verbijten de zoveelste teleurstelling. We stellen ons in op een festivalzomer en zien die dan weer in het water vallen. We moeten iedereen die met ons werkt weer slecht nieuws brengen.

Bij pretparken en sportevenementen zijn wel weer tienduizenden toeschouwers welkom en er wordt volop vakantie gehouden in binnen- en buitenland. We gunnen bezoekers en organisatoren in andere branches uiteraard alle vrijheid, maar er wordt overduidelijk met twee maten gemeten.

In de culturele sector wordt er altijd veel voor weinig gedaan en is de inzet om iets te doen slagen gigantisch. Als er op tijd een reëel voorstel was gekomen om onder duidelijke, werkbare voorwaarden evenementen te organiseren, dan hadden we daar onze schouders onder gezet en het doen werken.

Maar de huidige maatregelen zijn niet alleen heel rigide en niet in verhouding tot wat er in andere sectoren al mogelijk is, ze zijn vooral zo laat afgekondigd dat het volstrekt onmogelijk is op grote schaal iets te organiseren.

Wantrouwen

Het is moeilijk te verkroppen, en het getuigt van een wantrouwen naar de bezoekers en onverschilligheid tegenover de evenementenbranche en het nachtleven dat er zo mee wordt om­gegaan.

Wij hebben met De Staat deze zomer in België en Tsjechië kunnen optreden. Alles onder verre van normale omstandigheden, maar wel onder voor organisatie en artiesten werkbare, en voor het publiek veilige, voorwaarden. Het was een bitterzoete ervaring. Het geluk en de opluchting dat we weer ons vak konden uitoefenen, met daar tegenover het besef dat dit in ons eigen land niet mogelijk is.

Het gebrek aan vooruitdenken, en daardoor al improviserend aanmodderen om vervolgens door de realiteit te worden ingehaald en draconische maatregelen te moeten nemen, is kenmerkend voor de werkwijze van het kabinet sinds het begin van de pandemie.

Het kabinet lijkt evenmin het woord ‘cultuur’ opgenomen te hebben in de aanvraag van het herstelfonds van de Europese Unie, terwijl omringende landen daar wel degelijk mee bezig zijn. Het zoveelste signaal dat we als sector onzichtbaar zijn voor dit kabinet.

We sluiten ons daarom aan bij de ­betogingen op 21 augustus.

Tim van Delft is drummer van de band De Staat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden