OpinieWelstandcommissies

Opinie: Vanwege rechtsgelijkheid moeten welstandscommissies en welstandseisen worden afgeschaft

Als er zo veel vrijheid is in de literatuur en de kunst, kunnen we ook zonder dwang in de architectuur, betoogt Leo Onderwater.

Het Rietveld Schröderhuis in Utrecht.Beeld ANP

Nederland gaat er prat op dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn. Wat je gelooft, op welke partij je stemt, hoe je jezelf kleedt, zelfs voor welk geslacht je kiest: de Nederlander is er volstrekt autonoom in.

Iedere schrijver heeft in dit land de vrijheid zich naar eigen goeddunken uit te drukken. Daarop heeft de overheid geen enkele invloed. Ook in de beeldende kunst is het aan de kunstenaar zijn ideeën naar eigen inzicht vorm te geven. Hoe is dit dan te rijmen met de eisen die de overheid kan stellen aan kleur en materiaal in de ­gebouwde omgeving?

In de wijk Boatex van Den Helder moet de eigenaresse van een groengeel geverfd huis de gevel in een minder opvallende kleur schilderen. Anders mag de gemeente het huis op haar kosten laten overschilderen in een pasteltint. Maar is het verbieden van de groengele kleur niet even arbitrair als het toestaan van pasteltinten elders in de straat?

In geen van onze buurlanden kan de overheid een dergelijke dwangmaatregel opleggen. Burgers zijn er vrij hun eigendom naar eigen wens te verven, tenzij er sprake is van schending van het auteursrecht van de ­architect of van een belendend ­beschermd monument, zoals bijvoorbeeld een vakwerkhuis.

Welstandscommissies bestaan niet in Duitsland en België. In Duitsland worden regels voor bestemmingen, bouw-, goot- en nokhoogten, alsmede de hellingen en kleur van daken slechts vastgelegd in een alomvattend plan voor de wijk of het dorp – vergelijkbaar met het Nederlandse bestemmingsplan. De Duitse architect heeft in de toepassing van gevelmaterialen en kleuren wél een grote mate van vrijheid. De vraag is of de gebouwde omgeving in Nederland er zoveel ­beter bijstaat dan die in Duitsland.

En zijn er op het gebied van de ruimtelijke ordening geen belangrijkere onderwerpen om aandacht aan te besteden dan aan de kleur van een rijtjeshuis? Het College van Rijksadviseurs sloeg afgelopen jaar alarm over de verdozing van het Nederlandse landschap door de vestiging van XXL-distributiecentra aan de randen van steden en langs snelwegen. Waarom is er zo weinig verzet tegen de verdozing dan wel de schaalvergroting in binnenstedelijke gebieden?

Meteorieten

Als buitenproportionele meteorieten slaan ‘cultuurpaleizen’ zoals het Utrechtse TivoliVredenburg en het Haagse Onderwijs en Cultuurcomplex Amare in in deze van oorsprong fijnmazige stadsdelen. Het zal daarbij niet verbazen dat mede door de volksverlakkende gevel van Amare – die refereert aan het Venetiaanse Dogenpaleis – de bouwkosten zijn opgelopen van 180 miljoen naar 211 miljoen euro.

Aan TivoliVredenburg heeft een keur van architecten gewerkt, onder supervisie van Herman Hertzberger: nota bene een van de belangrijkste representanten van het voor Nederland typerende structuralisme. Alsof de ­recente architectuurgeschiedenis er niet meer toedoet, is het oude Vredenburg van Hertzberger door hemzelf bijgezet in een enorme sarcofaag.

Ook de grootschalige nieuwbouw van de laatste decennia aan bijvoorbeeld de Grote Marktstraat van Den Haag heeft geen enkele relatie met het oorspronkelijke grid van de stad. Hoe je een grootgebouw moet inpassen, laat de geleding van de gevels van de Haagse Bijenkorf van Piet Kramer, daterend uit 1926, aan dezelfde Grote Marktstraat treffend zien.

Ruimtelijk concept

In essentie is architectuur het creëren en beleven van een ruimtelijk concept. Het is daarbij van belang om eerst een grondige analyse te verrichten van de onder te brengen functies en het ruimtelijke, bouwtechnische en bouwfysische programma van ­eisen. Als vanzelf komt daaruit de layout, het samenspel der ruimten en de uiterlijke vorm voort.

Net zoals een auto of kledingstuk moet architectuur vanuit zijn functie, ofwel van binnenuit zijn uiterlijke vorm verwerven. Eerst de mens, dan zijn ruimtelijke omgeving en daarna de schil van het gebouw ofwel de daaruit voortvloeiende vorm.

Meer dan terecht koesteren we het rijksmonumentale Rietveld Schröderhuis (1924) in Utrecht als het belangrijkste icoon van de beweging De Stijl. Dit huis vormt echter een groter contrast met zijn omgeving dan het groengeel geverfde huis in Den Helder. Over het Rietveld Schröderhuis valt overigens ook menige snerende opmerking te beluisteren. Wat de een in hoge mate apprecieert, wordt door de ander verfoeid.

Vanwege rechtsgelijkheid moeten welstandscommissies en welstandseisen worden afgeschaft. De welstand van een gebouw is niet met objectieve criteria vast te stellen. Aan gebouwen kunnen slechts objectieve stedebouwkundige, veiligheids-, milieu-, bouwfysische en bouwtechnische ­eisen worden gesteld.

Leo Q. Onderwater is architect en stedebouwkundige.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden