opiniethuisonderwijs

Opinie: Thuisonderwijs vergroot de kansongelijkheid

Vmbo-docente Maxe de Rijk ziet de kloof in het onderwijs alleen maar groter worden: ‘Terwijl ik op Instagram al allerlei BN’ers trots met hun kroost huiswerk zie maken, slapen mijn leerlingen nog.’ Een verslag van een dag lesgeven op afstand.

ThuisonderwijsBeeld BELGA

Net als de rest van Nederland zit ik thuis, mijn leerlingen ook. Het nieuws dat scholen nog zeker tot de meivakantie dicht blijven, gaat als een schok door onze appgroep heen. ‘Neeeeeeee, ik wil dit niet meer. Het is genoeg!’, appt er eentje. ‘Heeft Rutte dat echt gezegd?’, vraagt de ander. De leerlingen vliegen over elkaar heen hoe boos ze zijn. Ik begrijp ze. Thuisonderwijs is voor mijn leerlingen niks. Het contrast met fysiek onderwijs op school is groot, te groot.

Ik werk op een vmbo- en praktijkschool in Amsterdam-West. ’s Ochtends open ik mijn telefoon en laptop. Terwijl ik op Instagram al allerlei BN’ers trots met hun kroost huiswerk zie maken, slapen mijn leerlingen nog. Zij worden niet wakker gemaakt. Ik probeer ze een beetje structuur te bieden en app: ‘Goedemorgen allemaal. Vandaag hebben jullie videolessen Engels en burgerschap. Daarna ga je aan de slag met je huiswerk van wiskunde en biologie.’ Terwijl mijn leerlingen nog slapen, bekijk ik wat er vannacht allemaal is binnengekomen.

Verpest

Er staan een paar gemaakte opdrachten over het jeugdjournaal van eerstejaars in mijn mailbox. Ze moesten verschillende emoties bij het nieuws noemen en vertellen waarom ze die hebben. ‘Ik vind niks meer leuk, want alles is niet leuk. Door het coronavirus is de hele wereld verpest’, lees ik. Ik open het volgende bestandje. ‘Ik ben blij dat mensen meer luisteren naar wat ze moeten doen, na het gesprek van Mark Rutte. En ik ben bang dat we allemaal doodgaan.’ 

Ik slik en vink in een Exceldocument aan dat deze leerlingen hun huiswerk hebben gemaakt. Zo maar even in de videoles bespreken. Ik scroll verder en open de opdracht van Alisha*. Ik lees: ‘Omdat mensen zoveel kopen is alles uitverkocht. Ik ben blij als andere kinderen nog wel speelgoed krijgen in plaats van de hele dag zitten en naar de muur kijken. Dat vind ik ook wel zielig voor al die kinderen.’ Van Alisha weet ik helaas dat deze zin over haarzelf gaat.

Er komt een geluidje uit mijn computer, ja hoor daar is Alisha. Ze wil videobellen. Ik neem op: ‘Goedemorgen meis, hoe is het met jou?’ Ze kamt haar haren achter haar schermpje. ‘Goed hoor juf, met u?’ 

‘Met mij gaat het ook goed, dankjewel.’ 

‘Maar juf wat moeten we vandaag doen?’ Alisha heeft geen telefoon, dus mist alle gesprekken in de groepsapp. Op de valreep heb ik nog een laptop voor haar kunnen regelen. Ik vertel Alisha: ‘Je gaat zo om tien uur videobellen met de juf van Engels, dan om half twaalf met mij voor burgerschap. Daarna maak je je huiswerk voor wiskunde en biologie.’ Alisha knikt: ‘Oké en wanneer mogen we weer naar school?’ Ik antwoord: ‘Dat weten we nog niet. In elk geval pas na de meivakantie.’ Ze kijkt me teleurgesteld aan vanachter de computer. Achter haar hangen lappen voor de ramen. Matrassen liggen op de grond. Haar zusje schreeuwt tegen haar moeder. Alisha negeert het en zegt: ‘Oké juf, tot later.’

Achter het gordijn

Het is 10.00 uur. Tijd voor de videoles. Ik verheug me erop om alle koppies weer te zien. Ik bel in. Snel appt nog een meisje: ‘Zitten we ook met jongens?’ 

‘Ja’, antwoord ik. ‘Oké, dan doe ik nog even mijn hoofddoek op juf.’ Langzaam zie ik ze verschijnen. Slaperige gezichten, liggend op een stapelbed of zittend in de woonkamer met veel familieleden om zich heen. Heel af en toe zit er eentje achter een bureau. Gister zat een meisje verstopt achter het gordijn: ‘Hier zit ik gewoon lekker rustig juf!’

Het is lastig, thuisonderwijs bieden aan leerlingen die juist thuis zo weinig hebben. De leerlingen maken thuis veel minder dan op school. De achterstanden die ze al hebben, worden groter. Op school had deze groep structuur, begeleiding als het leven even tegenzat en afleiding in de vorm van naschoolse activiteiten. Nu er geen school meer is, missen ze veel meer dan alleen leerstof. Ik gloei echter ook van trots als ik bedenk wat we binnen twee weken met deze kinderen hebben bereikt. Snel is er voor iedereen een laptop geregeld. De lijntjes zijn kort. Het docententeam is betrokken.

Zeg dat dan

De videoles zit erop en ik kijk op mijn telefoon. Zes gemiste oproepen, 134 appjes. Dit thuiswerken zorgt bij mijn leerlingen voor veel onzekerheid en stress. Ze willen het graag goed doen, maar weten niet zo goed hoe.

Nu komt de onzekerheid van een opdracht die ze hebben binnengekregen van een collega waar ze niks van snappen. Ze zijn in paniek, want de opdracht moet morgen al ingeleverd worden. Ik bekijk een printscreen van het mailtje. De meeste van mijn leerlingen lezen op groep 4/5/6-niveau van de basisschool. Een mail waarin de docent vertelt wat ze moeten doen, is al snel te ingewikkeld. Ik neem een spraakbericht op en leg de opdracht nog een keer uit. Op deze manier hoeven de leerlingen niet te lezen en kunnen ze gewoon luisteren. ‘Oooo’, appt een jongen, ‘zeg dat dan!’ 

‘Dit is wel makkelijk!’, appt een ander. Opgelucht haal ik adem. Op naar het volgende appje met een prangende vraag.

‘Juf de wiskundemeester heeft huiswerk gestuurd, maar ik zie het nergens. Hij heeft het zeker niet naar mij gestuurd.’ Ik kijk met hem mee. Natuurlijk heeft de meester ook het huiswerk naar hem gestuurd, maar dat was al een paar dagen geleden. ‘Hoe vind ik dan een mail terug?’, vraagt hij mij. Er wordt niet alleen veel leesvaardigheid, maar ook meer zoekvaardigheid en zelfredzaamheid van mijn leerlingen gevraagd dan ze aankunnen. Aangezien bij de meesten ook hun ouders hierbij niet kunnen helpen, fungeren mijn collega’s en ik nu ook als logistiek medewerker van de leerlingen, zoals mijn collega mooi omschreef.

Jeugdjournaalquiz

We proberen zoveel mogelijk leuke opdrachten te geven. Zo hebben de gymdocenten elke dag een sportieve uitdaging uitstaan en bedacht een andere collega de jeugdjournaalquiz. Aan het eind van de week kunnen de leerlingen meedoen met een online quiz over nieuwsfeitjes van de afgelopen dagen. Fanatiek doen ze eraan mee. Alisha heeft haar moeder ervan overtuigd om voortaan een half uur later te eten, zodat ze elke avond geconcentreerd kan kijken. Gespannen zit ze vrijdagmiddag achter de computer. Gaat ze deze keer winnen?

We werken hard en ik ben ongelofelijk trots op wat mijn leerlingen doen in deze moeilijke omstandigheden. Maar we schieten tekort, dat sowieso. Thuisonderwijs is niet opgelost met het regelen van laptops en internet. Onderwijs is veel meer dan het geven van informatie en huiswerk, zeker bij leerlingen in achterstandssituaties. Achterstand op achterstand hoopt zich nu op. Deze coronacrisis leidt tot veel en veel meer kansenongelijkheid. Dat doet pijn.

Mijn leerlingen hebben echter niets aan een juf die bang is voor wat nog komen gaat. Terwijl BN’ers op Instagram trots hun kinderen in mooie pyjama’s in perfecte bedden stoppen, besluit ik mijn leerlingen te appen: ‘Lieve schatten, jullie hebben weer hard gewerkt vandaag. Nu lekker slapen. Ik ben trots op jullie, morgen gaan we weer aan de slag! Probeer echt je wekker te zetten. Structuur is belangrijk.’

*De naam van de leerling is gefingeerd.
Maxe de Rijk is mentor van een ‘vmbo-kansklas’ en docent Persoonsvorming & Socialisatie aan eerste- en tweedejaars praktijkonderwijs op het Mundus College in Amsterdam-West. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden