Opinie

Opinie: ‘Rutte niet meer aan de formatietafel? Dat lijkt me zeer betwistbaar’

Houd in de nieuwe formatie de verkiezingsuitslag voor ogen. Rutte beschikt nog steeds over een mandaat, betoogt Peter Rehwinkel.

Sigrid Kaag (D66) en Mark Rutte (VVD) tijdens een bijeenkomst met Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib. Beeld ANP
Sigrid Kaag (D66) en Mark Rutte (VVD) tijdens een bijeenkomst met Tweede Kamervoorzitter Khadija Arib.Beeld ANP

De Nederlandse politiek heeft de afgelopen dagen een salto mortale achter de rug, waarbij we ons duizelig afvragen hoe Mark Rutte is terechtgekomen. Ook staatsrechtelijk kunnen de gevolgen groot zijn. Zelden was van een zo forse premierbonus sprake. Ruttes VVD bleef bij de definitieve vaststelling van de verkiezingsuitslag, nog maar anderhalve week geleden, tien zetels voor op de tweede partij. Nu lijkt dit kiezersmandaat voor sommigen alle waarde te hebben verloren.

Donderdagnacht is tamelijk onopgemerkt zelfs de nieuwe wijze van kabinetsformatie bij het grof vuil gezet. De Tweede Kamer sprak uit een rol voor het boven de partijen staande staatshoofd weer te willen overwegen. Er moeten lessen uit deze bijna drie weken van ‘kabinetsverkenning’ worden getrokken. Laten dit wel de goede zijn.

Zo ben je aardig op weg de langstzittende premier van ons land te worden, zo blijkt de veelbesproken ‘teflonlaag’ in een keer zwaar bekrast. Mark Rutte liep nog achter op Ruud Lubbers, die bijna twaalf jaar minister-president was, en Charles Ruijs de Beerenbrouck, ruim tieneneenhalf jaar voorzitter van de ministerraad. In zekere zin had Rutte de no-nonsense-politicus Lubbers reeds verslagen. Die wist nooit meer dan een verschil van vijf zetels met de tweede partij op zijn naam te schrijven. Toen hij zijn premierschap begon, was het CDA zelfs niet de grootste partij.

De historicus Mark Rutte moet zich dit paasweekend hebben gerealiseerd dat hij in dubbel opzicht achter Ruijs de Beerenbrouck dreigt te stranden: de tieneneenhalf jaar is hij nog niet voorbij en bovendien wist de rooms-katholieke Ruijs in 1922 de SDAP met elf zetels achter zich te laten.

Gekozen minister-president

Bij Tweede Kamerverkiezingen lijken we soms de minister-president te kiezen. Zo liet de VVD op de avond van 17 maart weten dat Nederland ‘vertrouwen in Mark Rutte’ had uitgesproken. Uiteindelijk kun je van een koude kermis thuiskomen.

Toch is dit de eerste les die ik uit het Kamerdebat wil trekken: omdat daar het vertrouwen in minister-president Rutte niet werd opgezegd, beschikt de VVD-lijsttrekker onverkort over zijn electorale mandaat. Volgens mij heeft de Nederlandse kiezer meer vertrouwen in Mark Rutte dan in Gert-Jan Segers uitgesproken. De eerste verdient nog een serieuze kans om een kabinet te vormen. Een ieder staat het vrij om al dan niet met hem in zee te gaan. Segers woorden van twee weken geleden gelden onverminderd: ‘Er zijn partijen die veel groter zijn dan de ChristenUnie, daar ligt nu de verantwoordelijkheid.’

Het wordt staatsrechtelijk wel erg ambigu als al tot nieuwe verkiezingen zou worden besloten. Een meerderheid van de Tweede Kamer had donderdagnacht het vertrouwen in Rutte kunnen opzeggen. Dat gebeurde niet.

De VVD-leider had kunnen doen wat Sigrid Kaag hem in overweging gaf: zelf zijn conclusies trekken. Dat is ook niet gebeurd.

Vertrouwen

Nu moet maar gewoon blijken wat aan de formatietafel wordt gewisseld. En welk vertrouwen daar aan elkaar wordt gegeven. Dat er volgens politieke jongerenorganisaties geen plek meer is voor Mark Rutte aan de formatietafel, lijkt mij zeer betwistbaar.

Mijn tweede les: verbeter de wijze van kabinetsformatie, maar keer niet halsoverkop terug naar waar welbewust afscheid van is genomen. In 2012 wijzigde de Tweede Kamer haar reglement van orde, waardoor voortaan informateurs door de Kamer worden benoemd in plaats van door de koning. Twee keer was dit al beproefd. De kabinetsformatie in 2017 beviel zodanig goed, dat volgens Kamervoorzitter Arib de opgestelde evaluatie een stevig fundament legde voor ‘een volgende generatie politici’.

Donderdagnacht was de pas geïnstalleerde Kamer niet bij de les. Per ongeluk stemden D66 en Volt voor een motie om de vroegere praktijk opnieuw te overwegen. De motie werd aangenomen. Nota bene D66 nam in 2012 het initiatief om de koning(in) tijdens de formatie geen rol meer te laten spelen.

Bij de keuze voor een andere kabinetsformatie is erop gewezen dat je niet met hangende pootjes naar het staatshoofd terug kan. Politici zullen in komende weken, maar ook na volgende verkiezingen moeten bewijzen zélf verantwoordelijkheid te kunnen nemen.

Informateur

Hopelijk staat ons deze week weer helder voor ogen wat bij de kabinetsformatie tot nu toe misging. De verhouding tussen de beoogd minister-president, de verkenners en hun ondersteuning deugde niet. Breng daar verandering in aan. Kies in het vervolg voor minder partijgebonden informateurs of verkenners. Hevel hun ondersteuning over van het ministerie van Algemene Zaken naar de Tweede Kamer. Voorkom dat teruggetreden verkenners tekortschieten in hun verantwoording aan de Kamer, omdat ze geen toegang tot informatie meer hebben. En het belangrijkste: doe recht aan de verkiezingsuitslag.

Peter Rehwinkel is oud-PvdA-lid in de Tweede en Eerste Kamer. Hij promoveerde op staatsrechtelijke positie van de miister-president.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden