OpinieHongarije

Opinie: Orbán echt aanpakken kan alleen buiten EU om

De Europese Unie mist de politieke wil en procedurele middelen om de Hongaarse rechtsstaat te behoeden voor de autoritaire neigingen van premier Orbán, betoogt historicus Maurits Bredius. 

In Hongarije is de lockdown voor onbepaalde tijd verlengd. Beeld EPA

De coronacrisis bedreigt in Hongarije niet alleen mensenlevens, maar ook de ­democratie. Premier Viktor Orbán regeert sinds kort per decreet en laat journalisten vrezen voor hun vrijheid. Deze grove schending van EU-waarden vraagt om krachtige tegenmaatregelen. De EU in de huidige vorm is niet in staat de ontmanteling van de Hongaarse rechtsstaat te stoppen. Dus moeten lidstaten zelf in actie komen, buiten het EU-kader om.

Brussel probeert al jaren Orbáns streven naar een ‘constitutionele dictatuur’ een halt toe te roepen, maar mist daarvoor zowel de politieke wil als procedurele slagkracht. Zo kostte het Europese Commissie-voorzitter Ursula von der Leyen vier hele ­dagen om Hongarije expliciet te ­bekritiseren. Daarna volgde een kritische verklaring van slechts zeventien lidstaten die zó algemeen geformuleerd was, dat Hongarije deze mede-ondertekende. Vorig jaar besloot de christen-democratische EVP-fractie vanuit partijpolitieke overwegingen Orbáns partij Fidesz niet te royeren, maar slechts te schorsen voor onbepaalde tijd. Zij kon immers de zetels van Fidesz goed gebruiken om de grootste te worden bij de Europese verkiezingen.

Politieke wil

Naast politieke wil mist de EU ook de procedurele middelen om Hongarije in het gareel te krijgen. Onder ­leiding van Frans Timmermans ­begon de Commissie in 2017 een zogenaamde inbreukprocedure tegen Hongarije bij het Europees Hof van Justitie. Een eventuele veroordeling kan echter hooguit resulteren in een boete. Dat Hongarije zich door boetes niet laat beïnvloeden, werd vorige week pijnlijk duidelijk. Het Hof oordeelde, in een andere procedure, dat Hongarije in 2015 ten onrechte had geweigerd om vluchtelingen op te nemen. In een ­reactie verklaarde het land evenwel nog steeds achter zijn oorspronkelijke besluit te staan en meer dan ­bereid te zijn om eventuele boetes daarvoor te betalen.

Het zwaarste EU-middel blijkt ook ontoereikend: de artikel 7-procedure, ook bekend als de ‘nucleaire optie’. Deze kan bij vastgestelde schending van EU-waarden leiden tot schorsing van het stemrecht in de Europese Raad. Onder leiding van GroenLinks- Europarlementariër Judith Sargentini begon het Europees Parlement in 2018 zo’n procedure tegen Hongarije. Hoewel artikel 7 in theorie tot zware sancties kan leiden, is dit in de praktijk zeer onwaarschijnlijk. Hiervoor is namelijk unanimiteit van de Raad vereist, zodat Polen, dat momenteel ook zelf wordt geconfronteerd met een artikel 7-procedure, zijn vetorecht zou aanwenden om Hongarije te steunen.

Artikel 7 is ook erg omslachtig: er ontbreekt een duidelijk afgebakende tijdspanne en het middel kan pas in gang worden gezet als het kwaad al is geschied. En dus kon Orbán vorige week de democratie in zijn land om zeep helpen, terwijl de Raad na twee jaar nog niet eens had vastgesteld of er in Hongarije überhaupt ‘een duidelijk gevaar bestaat van een ernstige schending’ van EU-waarden.

Paradox

De huidige paradox is dus dat om de fundamentele EU-waarden – vrijheid, democratie en rechtsstatelijkheid – te beschermen, de oplossing buiten het formele kader van de EU moet worden gezocht.

Een internationale coalitie opgezet door een sterk land als Duitsland zou uitkomst kunnen bieden. Maar alleen als de betrokken landen ook daadwerkelijk bereid zijn om hardball ­politics te voeren tegen Hongarije. Om te beginnen zou deze coalitie een ­diplomatiek isolement van Hongarije kunnen instellen, net zoals veertien EU-landen in 2000 deden tegen Oostenrijk, toen de extreem-rechtse FPÖ tot de regering toetrad.

De betrokkenheid van Oost-Europese landen zou cruciaal zijn, zodat Orbán dan niet kan beweren dat het ‘moreel superieure’ Westen weer met het vingertje naar het ‘achtergebleven’ Oost-Europa wijst. De zeventien-koppige groep lidstaten, minus Hongarije, die vorige week de kritische verklaring ondertekenden, zou bij uitstek als basis kunnen fungeren voor zo’n coalitie: Slowakije, dat kortgeleden nog nauw samen met Orbán optrok via de zogenaamde Visegrad-alliantie, schaarde zich namelijk ook achter dit statement.

De huidige coronatijd, waarin de roep om solidariteit groot is en de Hongaarse economie ernstig te lijden heeft, is niet het juiste moment. Maar zodra blijkt dat Orbán na de crisis zijn noodwet niet intrekt, moet er direct worden gehandeld. Anders zal ­Europa lijdzaam moeten toezien hoe Orbáns autoritaire regime zijn greep op Boedapest verder versterkt.

Maurits Bredius is historicus (Oxford) en redacteur bij debatcentrum De Balie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden