Opinie op zondag Rosa van Gool

Opinie op zondag - Noem me elitair, maar waarom zoveel sport en BN’ers op de publieke omroep?

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag een bijdrage van een vaste club van acht auteurs. Eerder vandaag historicus Geerten Waling, nu classica Rosa van Gool.

Joost Vullings, Dione de Graaff, Frank de Boer en Thijs Zonneveld tijdens de opnames van De Avondetappe. Beeld ANP

Het is zomer, dat zal u vast gemerkt hebben. Een van de typische kenmerken van dit seizoen is de eindeloze hoeveelheid sport en bijbehorende zomeravondvullende praatprogramma’s op televisie. Begrijp me niet verkeerd: ook ik kijk op zijn tijd graag toe, terwijl Dione de Graaff op de binnenplaats van een Frans kasteel met haar tafelgasten keuvelt over wielrennen. Maar ik zou nog liever kijken als ik wist dat de binnenplaatsjes niet gefinancierd werden uit publiek geld, terwijl de omroep tegelijkertijd stevig bezuinigt op serieuze journalistiek.

En dan vallen de productiekosten van De Avondetappe ongetwijfeld nog in het niet bij de bedragen die de publieke omroep onlangs neerlegde voor de rechten van de wedstrijden van het Nederlands elftal: volgens NRC Handelsblad betaalt de NOS 800 duizend á 900 duizend euro per kwalificatiewedstrijd. In totaal komt dat voor de komende vier jaar neer op 24 á 28 miljoen euro  exclusief eventuele eindtoernooien en productiekosten van de uitzendingen. De voetbalrechten zijn blijkbaar zelfs van zulk fundamenteel belang dat de omroep ver boven de marktprijs kan bieden. Maar waarom moet sport per se door de publieke omroep uitgezonden worden?

Zijn drie zenders echt nodig?

De kerntaken van de NPO zijn vastgelegd in de Mediawet. Een belangrijk criterium is dat de programma’s ‘publieke waarde’ moeten hebben: dat wil zeggen dat zij ten eerste ‘gevarieerd zijn’ en ten tweede ‘een hoge kwaliteit hebben’. Het derde punt voert de NPO steevast aan om de aankoop van de voetbalrechten te legitimeren: de programma’s moeten ‘geschikt zijn voor alle groepen in de samenleving’. Het doet denken aan de slogan van een andere publieke omroep, de NTR: ‘Speciaal voor iedereen’. Voetbalwedstrijden domineren het lijstje van de best bekeken uitzendingen van de publieke omroep.

Hetzelfde argument wordt vaak aangedragen om licht entertainment bij de publieke omroep te rechtvaardigen: entertainment is toegestaan, als het ten doel heeft ‘om een moeilijk bereikbare doelgroep naar de publieke omroep te trekken’. Alsof er ook maar één voetbalfan na de EK-uitschakeling van Oranje blijft hangen om een aflevering Andere Tijden te kijken. Alsof door De Curling Quiz ook maar één kind overtuigd raakt van het belang van de onderzoeksjournalistiek van Zembla.

Want moeilijk bereikbare doelgroepen, dat zijn jongeren: zij kijken geen tv, maar YouTube en Netflix. Je kunt je afvragen of het, in het snel digitaliserende medialandschap, überhaupt nog wel nodig is om drie publieke tv-zenders te hebben. Die vraag wordt des te nijpender als de publieke omroep bezuinigt op journalistieke en educatieve programma’s als Tegenlicht, Brandpunt en Andere Tijden, maar tegelijkertijd wel BN’ers naar verre landen stuurt om over de ‘gevaarlijkste wegen ter wereld’ te rijden en quasi-diepzinnige gesprekken te voeren.

Niet-commerciële waarde

Zulke programma’s bestaan al in overvloed, zowel online als op commerciële zenders. De waarde van de publieke omroep ligt juist in programma’s die niet automatisch goed bekeken worden en die, als de publieke omroep niet zou bestaan, niet door een commerciële partij zouden worden overgenomen. Volgens NPO-directeur Frans Klein komt ‘de groep die van Tegenlicht houdt (...) al voldoende aan zijn trekken.’ Waar hij die conclusie op baseert, is volstrekt onduidelijk. Ook noemt Klein deze opvatting  dat er op amusement in plaats van op journalistiek en educatieve programma’s bezuinigd moet worden  ‘een heel elitaire’. Misschien heeft hij daarin wel gelijk.

Volgens deze redenering zou je het trouwens ook elitair kunnen noemen dat we kinderen op school rekenen en taal onderwijzen; de meerderheid van de kinderen zou vermoedelijk liever andere dingen doen. Of dat we van universitair onderzoekers eisen dat zij volgens de wetenschappelijke methode werken, in plaats van gewoon op te schrijven wat de meerderheid van de mensen graag leest. De primaire taak van de publieke omroep ligt op het vlak van journalistiek, educatie en cultuur. Als het elitair is om doelstellingen aan publiek gefinancierde instellingen te verbinden, kwaliteitseisen te stellen en die ook te controleren, ben ik met alle liefde elitair.

Rosa van Gool is classica en publiciste.

Meer opinie over de (bezuinigingen op de) NPO

Grootse klappen voor de EO
Van de bezuinigingen op de NPO krijgen levensbeschouwelijke EO-programma's de grootste klappen. Maar juist die programma's behoren tot de kerntaak van de publieke omroep, vindt RvB-voorzitter van de EO Arjan Lock.

Bezuinig op BN’ers
De NPO moet bezuinigen, soit, maar schrap dan die dure shows met BN’ers (of alle programma’s met Frans Bauer), betoogt tv-recensent Julien Althuisius.

Waaróm die bezuinigingen?
Tv-recensent Frank Heinen ontwaart een bizarre ménage à trois tussen politiek, NPO en publiek. Het publiek roept ‘Spring’ (in een van de talloze kijkersonderzoeken, of gewoon op Twitter) en de andere twee springen al.

Met sloop bedreigd
Niet alleen de kijkers, maar ook de makers van Andere Tijden zijn de dupe van de bezuinigingen, betoogt onder andere Ad van Liempt, journalist en mede-oprichter van het programma.

‘Bescherming van de overheid waard’
Het is de vraag of de Publieke Omroep na de dreigende bezuiniging nog in staat is zijn huidige kwaliteitsniveau vol te houden, stelt NTR-directeur Paul Römer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.