Opinie op Zondag Dirk-Jan van Baar

Opinie op Zondag: ‘Nationalisme brengt juist meer nationale verdeeldheid’

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag een bijdrage van een vaste club auteurs. Later vandaag cultureel psycholoog Keyvan Shahbazi, nu historicus Dirk-Jan van Baar.

Oud-president François Mitterrand (rechts) en zijn vrouw Danielle (rechts) in 1983. Beeld afp

Le nationalisme, c’est la guerre,’ zei François Mitterrand in 1995 in een rede voor een ademloos luisterend en applaudisserend Europees parlement. De president wist dat de dood hem op de hielen zat (prostaatkanker), en gaf zijn woorden een mysterieuze klank mee, alsof alleen hij op grond van zijn verleden kon weten wat oorlog was. Eigenlijk was dat ook zo. Meer dan Charles de Gaulle had Mitterrand de Tweede Wereldoorlog in al zijn facetten meegemaakt: krijgsgevangene in Duitsland, ambtenaar voor Vichy, verzetsman in de ondergrondse, politicus met ‘foute vrienden’ na de oorlog. Begonnen als conservatieve katholiek transformeerde hij tot eerste socialistische president van de Vijfde Republiek die hijzelf lang had bestreden. In al zijn ambiguïteit personifieerde Mitterrand als geen ander het Frankrijk van de twintigste eeuw.

Toen Emmanuel Macron vorige maand bij de herdenking van de Eerste Wereldoorlog – de Grande Guerre in Frankrijk – met een vergelijkbare boodschap kwam, was hoon zijn deel. Macron zou een ‘Faux Pas’ ten opzichte van het nationalisme hebben begaan (Walter Russel Mead in The Wall Street Journal, 12 november) en de postnationale lessen van West-Europa ten onrechte voor universele waarheden houden. De rest van de wereld heeft daar geen boodschap aan, te beginnen met Donald Trump, ook in Parijs aanwezig, die net als de leiders van Rusland en China in nationale belangen denkt. Het is Europa, niet Amerika, dat een lesje in realisme nodig heeft. Collega Willem Melching (de Volkskrant, 26 november) vond dat Macron wel wat meer ‘deemoed’ had mogen tonen tegenover de Amerikanen, die Europa tweemaal van de duisternis hebben gered.

Morele chantage

Nu moet ik bekennen dat ik destijds bij de top in Maastricht, waar eind 1991 tot de euro werd besloten, ook heb gedacht dat er te makkelijk aan nationale gevoeligheden voorbij werd gegaan en dat het EMU-regime risico liep om op eenzelfde manier onder vuur te komen liggen als het Verdrag van Versailles na de Eerste Wereldoorlog. De EMU deed mij denken aan de herstelbetalingen en de wankele financiële constructies uit de jaren twintig, waarbij het idee dat Helmut Kohl de D-Mark op het Europese altaar had opgeofferd in ruil voor Franse instemming met de Duitse eenwording een hypotheek legde op toekomstige verhoudingen. Daar ben ik nog steeds bang voor. Volgens critici van de euro exploiteert Frankrijk het Duitse schuldgevoel en bedrijft het morele chantage. Bij alle crises die er verder nog zijn, zoals de immigratie, het klimaat, de revanchistische Poetin, de erosie van de Navo (allemaal óók financiële verdelingsvraagstukken), giftige kritiek waarmee nationale fronten die overal weer de kop opsteken fijn stemming kunnen maken tegen het ‘Europese project’. Dus ook tegen Macron, die zich daar in verheven toespraken sterk voor maakt.

Dan is het goed te weten dat Kohl het nationale belang indertijd helemaal niet uit het oog heeft verloren (de Duitse eenwording was niks anders) en zelf voor de euro heeft gekozen. Frankrijk kon Duitsland ook niet moreel chanteren, omdat het tonnen boter op het hoofd had en onder Vichy met de nazi’s collaboreerde. Niet alleen de ruggengraat van Duitsland was gebroken, die van Frankrijk evenzeer. Wie wél moreel denken te kunnen chanteren zijn de Britten, die tot de Brexit in de illusie verkeerden dat zij met een ‘better deal for Europe’ (David Cameron) konden komen en anders de EU uit elkaar zouden spelen. Het Britse superioriteitsgevoel, tegen de klippen op in stand gehouden, beleeft momenteel een realitycheck (wat ooit misschien Britse ‘deemoed’ brengt).

Kleintjes nog erger dan de groten

Natuurlijk leidt niet elk nationalisme tot oorlog. De geschiedenis kent geen automatismen, niet bij de Europese eenwording, en zeker niet op nationaal niveau. Universeel kenmerk van nationalisme is wel dat het overal tot gespannen verhoudingen met buurstaten leidt, waarbij de kleintjes (zie de Balkan) vaak nog erger zijn dan de ‘groten’. Sterker, juist in eigen land brengt nationalisme niet de nationale eenheid die het belooft. Zie de Brexit, die in het VK zelfs families verscheurt, en Trumps Amerika, waar twee partijen als kemphanen tegenover elkaar staan.

Hedendaagse nationalisten mogen zich spiegelen aan het keizerrijk van Napoleon III (1852-1870), dat onberekenbaar was, de geest van de Franse Revolutie aanriep en volksraadplegingen hield. Na de vernedering door de Pruisen (1871) werd Frankrijk geplaagd door een nerveus ressentiment dat de natie tot op het bot verdeelde. Die morele gespletenheid leidde tot de ineenstorting in 1940, een wond waarop het gaullisme slechts tijdelijk een pleister plakte. In de jaren vijftig stond Frankrijk aan de rand van een burgeroorlog. De Vijfde Republiek was autoritair en chauvinistisch en riep bij links fel protest op. Het was de verdienste van de machtspoliticus Mitterrand dat hij links met die nationale constructie heeft verzoend en Frankrijk via de euro aan Duitsland heeft vastgeklonken. In die pacificerende traditie staat Macron, die zowel in eigen land (de opstand van de gele hesjes) als in Europa nog grote tegenstellingen moet overwinnen.

Dirk-Jan van Baar is historicus.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.