Opinie op zondag Geerten Waling

Opinie op Zondag: #MeToo-erfenis wordt een kluchtige parodie op Kafka

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag een bijdrage van een vaste club van acht auteurs. Later vandaag classica Rosa van Gool. Nu is het de beurt aan historicus Geerten Waling.

Ian Buruma in Amsterdam, 2018. Beeld Marie Wanders

Dat #MeToo een zuiverende werking heeft voor ongezonde seksuele verhoudingen op het werk lijdt geen twijfel, maar intussen maakt de beweging ook onbedwingbare krachten los. Onschuldigen worden aan de digitale schandpaal genageld waar ze voor eeuwig worden gebrandmerkt, terwijl de échte schandalen verdrinken in een zee van ongerichte verontwaardiging. Zo wordt de erfenis van #MeToo een kluchtige parodie op Kafka. De tirannieke overheid is nu een bloeddorstige massa die niet meer maalt om de simpelste rechtsstatelijke verworvenheden. Onschuld tot het tegendeel bewezen is, bijvoorbeeld, een eerlijk proces, hoor en wederhoor, het recht op bescherming van de privacy, het verbod op laster en smaad – dat soort dingetjes. Deze basale spelregels maken het verschil tussen vrijheid en totalitarisme.

Hoewel de #MeToo-beweging vooral een progressieve reactie lijkt op het presidentschap van Donald Trump (anders laten zich de timing en de rancune niet verklaren), zijn het ironisch genoeg vooral de progressieve lievelingen die sneuvelen. Zo overkwam het ook de Nederlands-Britse journalist en schrijver Ian Buruma, sinds vorig jaar hoofdredacteur van het statige New York Review of Books. Hij werd aan de schandpaal genageld en zag zich gedwongen zijn ontslag te nemen om… ja, om wat eigenlijk?

Gedreigd met boycot

Buruma had een artikel geplaatst van radiomaker Jian Ghomeshi die zelf in een aantal zaken verdachte was van seksueel overschrijdend gedrag. De rechter sprak hem vrij, maar de schuldvraag was een reeds lang gepasseerd station. Buruma, en aanvankelijk het grootste deel van zijn redactie en zelfs de uitgever, vonden het een goed idee om de man zijn verhaal te laten doen. De redactionele keuze om een omstreden persoon aan het woord te laten om zijn kant van het verhaal te vertellen is op zich niet verrassend. Het publieke debat werkt nu eenmaal zo dat het eenieder vrij staat te reageren, iets waar de Review zeker ook plaats aan zou hebben geboden.

Maar al voor publicatie ontstond grote ophef. Buruma kwam zelf onder vuur te liggen, verloor de steun van zijn redactie en uitgever en trad terug als hoofdredacteur. Toevallig was ik eerder deze zomer in Amerika en lunchte met Buruma nabij zijn redactiekantoor. In het geanimeerde gesprek vroeg ik hem naar zijn oordeel over de beperkte meningsuiting op Amerikaanse universiteiten, waar steeds vaker ‘omstreden’ sprekers worden geweigerd, tegendraadse artikelen worden teruggetrokken en ‘kwetsende’ meningen niet mogen worden gehoord. Buruma vond het allemaal niet zo belangrijk, er waren toch veel grotere dingen aan de hand in Amerika? En wat stelde dat gedoe op die universiteiten nou helemaal voor? Inmiddels denkt hij daar anders over, want de reden dat zijn uitgever niet meer achter hem stond was dat juist universitaire uitgeverijen hadden gedreigd om hun advertenties terug te trekken en de New York Review of Books te boycotten. Exit Buruma.

Puriteinse scherpslijperij

De hypocrisie is nauwelijks te harden: de Review is een hoogstaand intellectueel blad, met weliswaar een progressieve signatuur maar ook veel ruimte voor verschillende gezichtspunten. Zoals dat hoort. Er worden dan ook geregeld boeken aangeprezen van en over omstreden lieden, ja zelfs van moordenaars en despoten. Hun verhalen kunnen ook enorm interessant en leerzaam zijn. Bovendien past het bij het progressieve levensgevoel, waarin iedereen altijd een tweede kans verdient – noem het een seculiere mutatie van de oude christelijke barmhartigheid. Maar niemand kan beweren dat het aanprijzen van boeken van overduidelijke misdadigers wél kan, terwijl de getuigenis van een niet-veroordeelde MeToo-verdachte een brug te ver is.

Amerika is Amerika – we kunnen onze schouders erover ophalen. Toch is ook Nederland niet immuun voor publieke veroordelingen. We zagen zoiets al met Alexander Pechtold, Han ten Broeke en Gijs van Dam, om maar drie heel verschillende voorbeelden te noemen. Laten we niet vergeten dat een beweging als #MeToo niet alleen gerechtigheid brengt, maar dat zij ook de puriteinse scherpslijperij introduceert die in Amerika is uitgegroeid tot een virtuele guillotine. Die valbijl doodt reputaties, allereerst, maar nekt ook alle nuance, en uiteindelijk de rechtvaardige rechtsstaat en een vrije, open samenleving.

Geerten Waling is historicus, onderzoeker aan de Universiteit Leiden en auteur van o.a. Zetelroof (Nijmegen: Vantilt 2017). 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.