Opinie op ZondagRosa van Gool

Opinie op Zondag: Liefde voor literatuur moet leidend zijn bij studie neerlandistiek

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag bijdragen van een vaste club auteurs. Vandaag eerst classica Rosa van Gool, later vandaag psychiater Esther van Fenema.

Selexyz Dominicanen in Maastricht. Beeld ANP

Goed lezen is geen doel op zich, vindt hoogleraar Nederlandse letterkunde Yra van Dijk in een essay in De Nederlandse Boekengids. Romans zorgvuldig lezen, ook wel close reading genoemd, is voor neerlandici slechts ‘een instrument om historische, comparatieve of actuele vragen over literatuur te adresseren’, vindt Van Dijk. Het anglicisme – ‘comparatieve vragen adresseren’ – is kenmerkend voor het Nederlands dat op universiteiten gesproken wordt.

Critici menen dat de neerlandistiek zich te weinig bezig houdt met zorgvuldig lezen en teveel met hoogdravende literatuurtheorie, en dat de studentenaantallen mede daarom zo dramatisch dalen. Nee hoor, zegt de hoogleraar, scholieren en studenten vinden theorie juist geweldig: ‘De versjes van Cats zijn beter te verteren wanneer je ze kritisch bekijkt met een feministische lens.’

Nog afgezien van of deze bewering klopt – Van Dijk baseert zich hier louter op eigen ervaring, niet op onderzoek – rammelt de redenering aan alle kanten. Ten eerste is het maar de vraag of het bij het bepalen van het curriculum zo belangrijk is wat de studenten het leukst (of ‘het best te verteren’) vinden. Bovendien; zelfs als het zo is dat de studenten van Van Dijk allemaal dol zijn op theorie en het liefst op de eerste dag van hun studie zouden beginnen met een postkoloniale feministische deconstructie van W.F. Hermans’ Ik heb altijd gelijk, dan zegt dat meer over de grote eensgezindheid onder haar studenten – je zou het ook conformisme kunnen noemen –, dan over hoe goed de opleiding neerlandistiek aansluit bij de maatschappelijke behoefte.

Het probleem is namelijk juist dat er steeds meer studenten wegblijven. Misschien kiezen zij die wél van literatuur houden maar niet van theorie vaker voor een andere studierichting? Dan houd je bij Nederlandse letterkunde inderdaad een groep vol theorieliefhebbers over, die volgens Van Dijk ‘smullen’ van een artikel over de meest voorkomende beroepen van personages in romans en hun onderlinge hiërarchische verhouding.

Deze benadering van literatuur, waarbij een groot aantal boeken via de computer in de analyse wordt betrokken, is in de mode en heet distant reading, als tegenhanger van close reading. Het grote voordeel van distant reading is dat je dingen kunt tellen en die cijfers vervolgens in tabellen kunt zetten, waarvan je staafdiagrammen kunt maken. Dat alles kan leiden tot een wetenschappelijke publicatie in bijvoorbeeld de Journal of Dutch Literature, en zo’n publicatie is weer belangrijk voor de carrière van de auteurs.

In een essay in De Gids keerde schrijver en literatuurcriticus Kees ’t Hart zich tegen deze manier van ‘ontmaskerend lezen’, want dat is distant reading vaak. Er wordt niet lukraak geteld, maar geturfd met een ‘kritische’ blik, die meestal tot een nogal weinig verrassende conclusie leidt: net als in de echte wereld bestaan ook in de literatuur discriminatie, machtsverhoudingen en ongelijkheid.

‘Dat dit onderzoek recht zou doen aan alles wat literatuur interessant maakt, pretenderen de auteurs helemaal niet,’ verdedigt Van Dijk distant reading. Goed, dat één specifiek onderzoek geen recht doet aan alles wat literatuur interessant maakt, lijkt me logisch. Het probleem dat ’t Hart ter sprake brengt is alleen dat bijvoorbeeld het turven van beroepen aan niets wat literatuur interessant maakt recht doet.

Wie boeken leest vanwege interesse in de onderlinge hiërarchische verhoudingen en de beroepen van personages, houdt niet van literatuur. Niet voor niets voert een computer grote delen van dit onderzoek uit. Daarmee wil ik trouwens niet beweren dat de onderzoekers niet van literatuur houden; het lijkt me veel waarschijnlijker dat ze er zoveel van houden dat ze er hun werk van hebben willen maken.

Vervolgens blijkt in de loop van de studie dat literatuuronderzoek vaak weinig te maken heeft met literatuur en veel meer met de op dat moment modieuze en dominante theorie. Dan zijn er twee opties: blijven of weggaan. Wie weggaat, leest voortaan in zijn vrije tijd boeken, omdat ze mooi zijn, of bevreemdend, of misschien zelfs je leven veranderen. Wie op de universiteit blijft, past zich aan en ‘smult’ van theorie, want dat staat nu eenmaal op het menu.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden