Opinie op Zondag Arnout Brouwers

Opinie op Zondag: Is Nederland in Europa nu voorloper of hekkensluiter?

Prikkelende opinie op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag twee bijdragen van een vaste club auteurs. Eerder vandaag cultuurhistoricus Thomas von der Dunk, nu Arnout Brouwers.

Aanhangers van de oppositie protesteren en eisen het aftreden van de Albanese premier Edi Rama en vervroegde verkiezingen, 8 juni 2019 in Tirana. Beeld EPA

Ergens ver, ver van ons mooie en opgeruimde land, bevindt zich de wachtkamer van Europa. Voor de kleine landen daar is Wachten op Godot geen toneelstuk, maar bittere realiteit. Men telt er de verloren tijd niet per jaar maar per generatie. Want daar waar ‘Europa’, zoals de Europese Unie buiten haar grenzen vaak wordt samengevat, niet is – is Europa hot. Zoals in Albanië.

Maar de tijd dat de Europeanen dachten dat ze de wind mee hadden, ligt ook al weer ver, ver achter ons. De tijd dat politici zonder blozen een verhaal durfden afsteken dat de uitbreiding van de Unie het meest effectieve instrument uit de (beperkte) gereedschapskist van de EU was, leek voorgoed voorbij. Oude voortrekkers van de Europese kar als Frankrijk en Nederland leerden op de rem te trappen. Liefst de noodrem.

De uitbreiding van de Unie, in 2004 gevierd als overwinning op een halve eeuw Europese deling – werd een schrikbeeld voor politici die de hete adem van populistisch-nationalistisch rechts in hun nek voelden. Zelfs het aangevallen Oekraïne mocht van Nederland geen levenslijntje worden toegeworpen – vanwege de kippen. En daarom zitten landen als Noord-Macedonië en Albanië nu in de wachtkamer. En daarom keert Nederland zich tegen het begin van toetredingsonderhandelingen met Albanië.

Toch?

Inheemse scepsis

Nou, nee. Verhalen met deze teneur zijn de afgelopen jaren vaak afgestoken in Nederland, waarbij een hoofdrol was weggelegd voor ‘onze’ inheemse scepsis die de voorhoede was van een Europese golf. Dat ‘we’ voorop liepen. Maar de wereld draaide door en Rusland viel Oekraïne binnen en China kocht Europese havens op en Amerika werd America First en opeens ziet die zo glorieus uitgedragen Nederlandse euroscepsis er soms behoorlijk achterhaald uit.

Albanië is een dienstig voorbeeld. In de Tweede Kamer liepen de emoties over Albanië onlangs hoog op. Er zijn problemen met Albanese criminelen in Nederland. En met Albanese ‘inklimmers’ in trucks die naar Engeland gaan, en er zijn Albanese asielzoekers die, omdat ze uit een veilig land komen, geen schijn kans maken. Het gaat niet om grote aantallen, benadrukken de verantwoordelijke ministers – maar als je eenmaal een slechte pers hebt, zie er dan maar vanaf te komen.

En dus probeerde de Tweede Kamer afgelopen tijd, met Madeleine van Toorenburg (CDA) voorop in de strijd, geflankeerd door moedige krijgers van de PVV, VVD, ChristenUnie en de SP, de regering te dwingen aan de noodrem te trekken. Dat wil zeggen: de Commissie te vragen de zogeheten ‘noodremprocedure’ in werking te stellen die er toe kan leiden dat het visumvrij reizen voor Albanezen (dat bestaat sinds 2010) weer wordt afgeschaft.

Maar het probleem is: niemand wil dat verder in Europa. Ook niet de populisten in Italië, of de Oostenrijkers die met extreemrechts in bed gingen. De Commissie kwam in december nog met een rapport waarin ze vaststelt dat Albanië aan alle voorwaarden voldoet – en ook de Nederlandse bewindslieden zijn heel positief over de medewerking met de Albanezen inzake criminaliteitsbestrijding en de terugkeer van asielzoekers.

Toetredingsonderhandelingen

Minder geïsoleerd staat Nederland in een andere Albanese kwestie: de regering vindt het ‘prematuur’ – ook hierin gedwongen tot stellingname door coalitiepartijen in de Tweede Kamer – om toetredingsonderhandelingen te openen met Albanië (met Noord-Macedonië kan dat onder voorwaarden wel). In dit verband spreekt minister Blok van ‘de les van eerdere toelatingen’.

Maar het continent kan niet leven van euroscepsis alleen en de internationale omgeving noopt opnieuw tot actie. Ook hierover publiceerde de Commissie onlangs een positief advies om met beide landen toetredingsonderhandelingen te beginnen. Vorig jaar kon Nederland dat inzake Albanië blokkeren met behulp van Frankrijk. Nu zijn er (tijdelijke) procedurele problemen in Duitsland, en blijven de Fransen en Denen sceptisch. Maar wat als de Fransen hun scepsis – die zich niet in direct richt tegen uitbreiding op zich – laten varen en het voorstel dit najaar weer op tafel ligt?

Dat Albanië strategisch gelegen is, omringd door EU-landen, op een cruciale doorvoerroute voor mensen- en drugssmokkelaars, dat Rusland op de Balkan inspanningen doet verdeeldheid en instabiliteit te zaaien – het speelveld waarop geschaakt wordt is bekend. Maar de partijen die deze factoren meewegen met de lokale zorgen zijn in Den Haag in de minderheid.

Noodremprocedure

Albanezen beseffen zelf, zegt de Albanese ambassadeur in Den Haag, Adia Sakiqi, dat het land grondig moet moderniseren. Dit weekend wordt er weer geprotesteerd tegen corruptie. Albanië hervormde in 2016 zijn grondwet en voert een hele stringente hervorming van het hele, corrupte rechtssysteem door. Geholpen door Nederlandse ambtenaren en rechters. Het is sinds 2009 Navo-lid en het is het eerste niet-EU-land waar al vijftig Frontex-grenswachten opereren. Europol opent er in juli een kantoor.

‘Het zijn echte problemen’, zegt Sakiqi over de Nederlandse zorgen, ‘maar hoe worden deze sneller opgelost? Door nauwere samenwerking of door ons aan ons lot over te laten?’ De ironie is dat in het debat hierover in april zowel minister van Buitenlandse Zaken Blok als zijn collega van Justitie en Veiligheid Grapperhaus exact hetzelfde punt maakten. Blok noemde de noodremprocedure daarbij ook nog ‘kansloos’ in Brussel – vanwege gebrek aan steun.

Niettemin vroeg dezelfde Blok anderhalve maand later – via zijn ambtenaren in Brussel - formeel aan de Commissie om de noodremprocedure toch in werking te stellen.

Geheugenbreuk

Ambassadeur Sakiqi zegt ‘constructief’ naar het Nederlandse debat te kijken. Ze moet wel. Over de vraag wie in deze kwestie een achterhoedegevecht uitvochten, komt het antwoord pas later. Maar ze is moe van het grote wachten. ‘Voor mijn generatie is het al te laat, maar voor de nieuwe generatie niet. Onze geschiedenis hield ons gescheiden van de Europese politieke kaart – eerst vanwege de Ottomanen, later vanwege de Koude Oorlog.’

En nu vanwege een meerderheid in de Nederlandse Tweede Kamer?

Daarop kan de ambassadeur niet antwoorden, maar ze zegt wel: ‘Soms ben ik bang dat er een breuk is in het geheugen van de Nederlandse politiek. Als je uit Albanië komt, weet je hoe geweldig de EU is. Het is ironisch dat we aan jullie moeten uitleggen hoe mooi het is wat jullie hebben bereikt.’

Arnout Brouwers is historicus en journalist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden