OPINIE OP ZONDAG ROSA VAN GOOL

Opinie op Zondag: Diversiteit moet je doen

Prikkelende opinies op een dag dat u er tijd voor heeft: de Volkskrant presenteert elke zondag bijdragen van een vaste club auteurs. Vandaag eerst classica Rosa van Gool, later vandaag psychiater Esther van Fenema.

Studenten van de Technische Universiteit in Eindhoven (team VIRTUe) doen mee aan een internationale bouwwedstrijd gericht op innovatief en duurzaam bouwen, ‘het huis van de toekomst’. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

In de polder woedt een genderstrijd, waarvan het front zich sinds een paar weken in Eindhoven bevindt. De technische universiteit daar heeft besloten tijdelijk alleen maar vrouwen aan te nemen, om de scheve genderbalans onder docenten en hoogleraren iets te herstellen. De reacties vielen tamelijk voorspelbaar in twee kampen uiteen: de juichers – het volume van hun gejuich varieerde – en de klagers – niet eerlijk, excuustruus, enzovoorts.

Tot de klagers behoren onder meer Volkskrant-columnisten Sylvia Witteman, Elma Drayer en Daniela Hooghiemstra. Daarover klonk verbazing vanuit het kamp van de juichers: de columnisten zijn zelf vrouwen, en Witteman heeft nota bene alles te danken aan haar man, luidde de voorspelbare jij-bak. Ook gehoord: ze zeggen zulke dingen alleen maar omdat ze zo graag one of the guys willen zijn.

Daar verbaasde ik me weer over, want godzijdank sluiten de gelederen over deze kwestie zich niet langs genderlijnen. Vrouwen blijken net mensen: individuen met een eigen mening, door hun ervaringen gevormd, met verschillende opvattingen over wat het betekent om vrouw te zijn. Natuurlijk zijn niet alle vrouwen voor quota. Nog niet zo heel lang geleden waren er vrouwen die tegen hun eigen stemrecht demonstreerden. Hen dat meer verwijten dan de aanwezige mannen is, net als de demonstratie zelf, seksistisch: vrouwen hebben net zo veel recht als mannen om kortzichtige eikels te zijn.

Competitiedrang

Zelf ben ik behalve vrouw al mijn hele leven een uitermate slechte verliezer. Als kind heb ik heel wat speelborden woedend omgegooid, maar er was één ding dat ik erger vond dan verliezen: als mijn tegenstander, terwijl ik aan het winnen was, middenin het spelletje demonstratief opgaf en niet langer zijn best deed. Geen grotere vernedering dan iemand die je expres laat winnen, geen effectievere manier om een zwaarbevochten overwinning in een klap van elke glans te ontdoen.

Deze overmatige competitiedrang maakt dat ik me in de discussie over vrouwenquota intuïtief aangetrokken voel tot het kamp van de klagers, die meteen roepen dat ze nooit op zo’n baan zouden solliciteren: ook ik wil het liefst laten zien dat ik van iedereen kan winnen, mannen en vrouwen. Best een kinderachtige neiging, dat geef ik meteen toe.

Toch voel ik me uiteindelijk niet echt thuis tussen de klagers. Want ja, in een ideale wereld zou iedereen met iedereen de strijd aangaan en zouden vrouwen er net zo vaak als mannen winnend uitkomen, en mensen met laagopgeleide ouders net zo vaak als mensen met hoogopgeleide ouders, et cetera. Maar helaas weten we dat kansen in de praktijk erg ongelijk zijn en dat er daardoor talent onbenut blijft ten koste van middelmaat. Gelijk zullen de kansen nooit helemaal worden, gelukkig – wie geheel buiten zijn invloedssfeer om weinig intelligent is, wordt bijvoorbeeld nooit hoogleraar natuurkunde – maar dat wil niet zeggen dat meer gelijke kansen binnen een bepaalde groep, laten we zeggen, afgestudeerden in de natuurkunde, niet mogelijk en wenselijk zijn.

Dan de juichers. Misschien is die naam misleidend, want ook voorstanders van quota beschouwen het vaak als paardenmiddel, maar toch: enthousiasme over quota voelt voor twijfelaars al snel als teveel. Zeker als het afkomstig is van hooggeplaatste medewerkers, die ongetwijfeld vol goede bedoelingen zitten, maar zich niet realiseren dat al het mooie gepraat over diversiteit de positie van hun nieuw aangetrokken collega er niet per se makkelijker op maakt.

Tijdelijk breekijzer

Er zijn meer principiële redenen om niet enthousiast te worden van de maatregel: discriminatie van de ene groep bestrijden met (tijdelijke) discriminatie van een andere groep voelt moeizaam. En op individueel niveau wordt de wereld er ook niet direct rechtvaardiger op als eerste-generatiestudent Jordy uit Zoetermeer het bij voorbaat aflegt tegen hoogleraarsdochter Alexandra uit Wassenaar. Individuele rechtvaardigheid is ook niet wat de maatregel in de eerste plaats beoogt: voorstanders gaan ervan uit dat de weg naar meer vrouwen geplaveid is met vrouwen, en dat quota zichzelf op den duur dus overbodig maken. Als dat klopt, zou je na de vrouwen verder kunnen gaan met een andere ‘ongelijkheidsfactor’, en zo het hele lijstje af, op weg naar een gelijke-kansen-paradijs.

Veel liever zou ik zien dat organisaties die diversiteit belangrijk vinden hun daden laten spreken – ook op minder mediagenieke vlakken dan gender – en zich daar zo min mogelijk op laten voorstaan. Niet alleen om het gras voor de voeten van excuustruus-roepers weg te maaien, maar vooral omdat het de gekozen personen in kwestie een prettiger uitgangspositie en meer vertrouwen geeft.

Maar opnieuw: helaas leven we niet in een ideale wereld en blijkt ‘diversiteit gewoon doen’ voor de meeste werkgevers een onmogelijke opgave. Misschien zijn quota op sommige plekken dus toch een noodzakelijk kwaad, een laatste redmiddel, de minst slechte tussenstap. Geen reden tot juichen of borstklopperij, maar een tijdelijk breekijzer dat zichzelf zo snel mogelijk overbodig moet maken. Eindhoven wordt een interessant experiment, dat hopelijk het ongelijk van mijn intuïtie bewijst.

Rosa van Gool is classica en publicist.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden