Opinie Seksueel misbruik

Opinie op Zondag: De samenleving kijkt collectief weg bij seksueel misbruik

Prikkelende opinies in het weekend: de Volkskrant presenteert elke zondag bijdragen van een vaste club auteurs. Vandaag psychiater Esther van Fenema die betoogt dat de lijn tussen dader en slachtoffer van seksueel misbruik minder scherp is dan we zouden willen.

Still uit een campagnevideo van Fonds Slachtofferhulp uit 2017.

‘Niks aan de hand’ is de veelbetekenende titel van een nieuwe documentaire over seksueel misbruik. Als psychiater heb ik in mijn spreekkamer bijna dagelijks te maken met de slachtoffers van dit grensoverschrijdend gedrag. Misbruik laat diepe sporen na en tekent mensen voor het leven. Uit de Slachtoffermonitor seksueel geweld tegen kinderen die de Nationaal Rapporteur jaarlijks uitbrengt, blijkt dat bijna één op de twee meisjes (48 procent) en één op de vijf jongens (17 procent) vóór de achttiende verjaardag een strafbare vorm van fysiek seksueel geweld heeft meegemaakt. Hierbij komen de meeste daders uit de familiekring, zo blijkt op de website seksueelgeweld.info. Indrukwekkende cijfers, waarbij je je afvraagt waarom dit geen speerpunt is voor de minister van Volksgezondheid, maar dat terzijde.

In ‘Niks aan de hand’ zien we het verhaal van Miranda. Bij haar begon het misbruik toen ze vier jaar oud was en het heeft uiteindelijk zo’n tien jaar geduurd. De confrontatie met haar dader is de essentie van deze documentaire: hij en Miranda zitten tegenover elkaar en gaan het gesprek aan over dat wat zo vreselijk was en nog steeds is.

Doodgewoon

De dader is nagenoeg onherkenbaar in beeld en zit met zijn armen over elkaar. Zijn vingers bewegen nerveus, de nagels waarschijnlijk keurig kortgeknipt voor de gelegenheid. Op zijn armen staan blonde haartjes recht overeind, als teken van spanning of angst. Hij draagt een grijzige broek en een blauwe trui met een gerstekorrel. Wie weet gewoon samen met zijn vrouw uitgezocht bij de Bijenkorf en daarna gezellig samen koffiedrinken.

Als Miranda hem vraagt naar zijn eigen misbruik moet hij even zijn keel schrapen. Hij miste destijds de geborgenheid, aandacht en genegenheid van zijn eigen ouders en zocht liefde, troost en erkenning bij nichtje Miranda op wie hij in eerste instantie gewoon moest oppassen. Miranda zit tegenover haar dader, maar we zien als kijker toch niet ‘de belichaming van het kwaad’ zoals we graag zouden willen. We zien juist een doodgewone man: een manager of een bloemist die graag goeie grappen vertelt op familieverjaardagen, fluit bij de voetbalvereniging, misschien vrijwilligerswerk doet voor de plaatselijke bejaarden en altijd een zakje bij zich heeft als hij de hond uitlaat. Het zijn blijkbaar deze ‘gewone’ mensen die zoveel leed kunnen veroorzaken dat mensen getraumatiseerd raken, angstklachten krijgen, zichzelf beschadigen, niet functioneren en soms zelfs niet meer willen leven. We zijn dol op Hollywoodfilms, omdat goed en slecht in harde kleuren wordt neergezet, het kwaad is duidelijk afgegrensd en we hoeven geen moment te twijfelen wie de kwaaie pier is.

Podium

Maar tijdens het gesprek tussen Miranda en de dader blijkt dat de lijn tussen dader en slachtoffer minder scherp is dan we zouden willen. De neef die Miranda misbruikte was zelf ook sinds zijn elfde jaar slachtoffer van seksueel misbruik door een bijlesleraar. Jarenlang was hij de ene dag slachtoffer en de andere dag dader, soms wisselde hij zelfs per uur van rol. Hoe verwarrend kan de werkelijkheid zijn?

Als een vader zijn dochter verkracht dan kijkt hij haar niet in de ogen. Op die manier ben je in staat om dat moment alleen lust te voelen en zie je niet je dochter die juist door jou beschermd moet worden. Als samenleving lijkt het ook alsof we collectief wegkijken als het over misbruik gaat. Slachtoffers krijgen gelukkig steeds vaker een podium om over hun gruwelen te vertellen, maar over de daders willen we relatief weinig weten. In ons hoofd is het overzichtelijk: daders zijn ‘slechte’ mensen waar we gelukkig niks mee te maken hebben.

Maar veruit de meeste daders zijn juist die gewone mensen om ons heen die blijkbaar ook een verborgen zieke kant hebben. Omdat ze te veel pech hebben gehad in hun ontwikkeling, een volstrekt verkeerde afslag hebben genomen en grenzeloos zijn geworden, aldus psychotherapeut Sander van Arum.

Geloven in de duivel lijkt soms makkelijk, maar we moeten de alledaagse realiteit onder ogen zien kunnen zien om te voorkomen dat we slachtoffers maar ook daders in de steek laten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden