Opinie: Met een hoger loon krijgt leraar meer respect

Foto anp

'Aanzien leerkracht maakt vrije val', kopte de Volkskrant op dinsdag 23 mei. Uit onderzoek van Researchcentrum voor Onderwijs en Arbeidsmarkt (ROA) en beleidsadviesbureau Ecorys blijkt een forse daling van het lerarenberoep op de 'beroepsprestigeladder'. Mijn onderzoek naar bronnen van waardering en zelfrespect, waarop ik vorig jaar promoveerde, laat zien hoe de status van het leraarschap kan stijgen. Daarvoor is een hogere beloning nodig. Niet alleen vanwege de centen, maar bovenal als blijk van waardering.

Net als in genoemd onderzoek liet ik respondenten beroepen ordenen naar waardering. Niet alleen wilde ik weten welke plek beroepen in de hiërarchie kregen, maar ook waarom. Bovenaan kwam de arts. Artsen worden volgens respondenten hoog gewaardeerd. Ze 'redden levens', zijn hoogopgeleid en 'ze verdienen goed'. Op de laagste sport van de waarderingshiërarchie staat de schoonmaker. 'Het werk is laagbetaald dus het moet wel weinig status hebben', legt een respondent uit. Er is bovendien geen opleiding voor nodig. Schoonmaakwerk is synoniem voor ongeschoold en laag gewaardeerd werk.

Ergens tussen arts en schoonmaker in de hiërarchie staat de leraar. Mensen die ik sprak benadrukken dat leraren belangrijk werk doen. Zij zorgen voor 'kennisoverdracht' en dragen bij aan de sociale mobiliteit van kinderen. Geïnterviewden benadrukken dat het een beroep van sociaal belang is en dat er bovendien een relatief hoge opleiding voor nodig is, maar op de hogere treden staat het beroep niet. De reden: het werk wordt niet goed betaald.

Uit mijn onderzoek blijkt dat geld heel belangrijk is voor de waardering van hoog en laag werk. Het gaat hier niet alleen om geld in de platte, financiële zin, maar vooral om de immateriële, symbolische betekenis van een geldelijke beloning. Loon staat namelijk ook voor waardering en erkenning. In dit licht is het goed te begrijpen waarom schoonmakers in 2010 en 2014 staakten voor zowel meer loon als meer respect. In 2015 staakte de politie eveneens voor een 'fatsoenlijke loonsverhoging' en voor meer respect. Hun slogan was nota bene: 'Politiewerk verdient meer waardering.' De voorbeelden laten de verwevenheid zien van immateriële en materiële waardering.

Nu pikken ook de leraren het niet meer. Iedereen vindt dat ze belangrijk werk doen, maar toch ontbreekt de financiële erkenning. Als we laten zien dat we meer overhebben voor het werk, dan leidt dat tot een hogere status van het beroep. Een redelijke betaling waaruit ook immateriële waardering blijkt, maakt de leraar bovendien weer trots. Dit moet het schrijnend lerarentekort een halt toeroepen. We kunnen niet zonder gemotiveerde en bekwame onderwijzers die kinderen en jongvolwassenen helpen zich te ontplooien, hun weg en plek te vinden in de samenleving en hen voorbereiden op hun toekomstige verantwoordelijkheden.

Geef leraren het respect dat ze verdienen. Misschien maakt geld niet gelukkig, de waardering die ermee gepaard gaat wel degelijk.

Judith Elshout is socioloog.