OpinieVrijheid van meningsuiting

Opinie: laat ons weer verbaasd zijn door een onthoofding

Na de moord op Samuel Paty klonk ook in westerse landen het verwijt dat Frankrijk ook wel een erg kort rokje droeg. Maar de vrijheid van meningsuiting is absoluut, of zij is niet, betoogt socioloog Albert van der Ploeg.

Demonstratie op de Place de la Répubique in Parijs, na de moord op leraar Samuel Paty. Beeld Getty Images
Demonstratie op de Place de la Répubique in Parijs, na de moord op leraar Samuel Paty.Beeld Getty Images

Het is het jaar 2020. Een Franse docent wordt onthoofd in Parijs, nadat hij aan de hand van een tekening de vrijheid van meningsuiting heeft besproken. Er is even tijd voor afschuw. Niet meer voor verbazing. Na Theo van Gogh en Charlie Hebdo, maar ook na Madrid, Parijs, Londen, Berlijn, Nice, Stockholm, Brussel en nog veel meer, zijn we niet meer verbaasd over zo’n reactie op een tekening.

Het Franse volk – dat eeuwen geleden zijn seculiere vrijheden ook al hard heeft bevochten – gaat de straat op om zijn afschuw te tonen en op te komen voor de vrijheid van meningsuiting. Ook president Macron verdedigt dit recht in een vrije samenleving, en waarschuwt voor het islamisme als een beweging die daar haaks op staat.

Niet de onthoofding, maar de tekening en deze Franse reactie, is de reden voor mensen in andere landen om de straat op te gaan. Van Tunesië tot Bangladesh klinken harde woorden tegen Frankrijk en zijn president. Turkse en Pakistaanse leiders spreken over Franse moslims als waren zij de Joden van de vorige eeuw. De oud-premier van Maleisië stelt dat moslims het recht hebben miljoenen Fransen te doden.

Ook in westerse landen klinkt het geluid dat Frankrijk misschien wel een erg kort rokje aan had. De Canadese premier Justin Trudeau laat, op het moment dat zijn Franse collega tot ‘vijand van de islam’ wordt bestempeld, weten dat de grens van vrijheid van meningsuiting ligt bij wat hij arbitrair kwetsen vindt. Tal van media stellen de Franse laïciteit (strikte scheiding kerk en staat, red.) ter discussie, of wijzen naar het ‘moslim-intolerante’ Franse secularisme of racisme als de aanstichters van het geweld. Het islamisme (de politieke islam, red.) waar Macron het over heeft en dat ook lokaal in Frankrijk gemeenschappen in haar greep heeft, blijft onbesproken.

Meer dan 120 duizend mensen tekenen in Nederland een petitie die oproept het beledigen van de profeet Mohammed strafbaar te stellen. Volgens Denk-Kamerlid Farid Azarkan, die doet alsof kritiek op de inhoud van deze petitie hetzelfde is als het ontzeggen van het recht op petitie, is het dít recht van tekenen dat verdedigd moet worden. In haar nieuwe verkiezingsprogramma pleit Denk ervoor het ‘nodeloos grieven van geloven’ daadkrachtiger te bestrijden.

Onhoudbaar

Keer op keer wordt impliciet of expliciet beargumenteerd dat de vrijheid van meningsuiting niet absoluut is: je moet sommige dingen niet willen zeggen als het mensen kwetst, zeker wanneer het (religieuze) minderheden zonder macht betreft. Dit is een onhoudbare positie, die bovendien de ontwikkeling van een gematigde islam tegenwerkt. Daarnaast bevat zij een analysefout.

Ten eerste is het een cirkelredenering: het gevoel van belediging maakt dat je niet meer mag beledigen. Het eigenlijke doel van een uitlating (confrontatie, perspectief en relativering) wordt irrelevant. Hiermee wordt een expliciet discriminatoire uitlating of handeling dus gelijkgesteld aan een tekening van een ­jihadist of de profeet. Het resultaat is immers hetzelfde: moslims ervaren een gevoel van belediging. Dit maakt het onmogelijk een grens te bepalen in wat nog gezegd mag worden. Dit kan immers enkel door moslims zelf gedaan worden, want hun ‘mate van beledigd zijn’ is leidend.

Dan zal eenzelfde redenering ervoor zorgen dat fundamentalistische moslims zich beledigd voelen door de opvattingen van gematigde moslims, en zo zijn het de fundamentalistische moslims die toch wel veel moeite hebben met het homohuwelijk die de grens trekken. Ik betoog niet dat dit per se aanstaande is, maar wel dat dit de implicatie is: als je één vrije mening opgeeft om niet te beledigen, verlies je ze allemaal.

Katholieke koster

Intussen worden in veel analyses alle moslims op een hoop gegooid, als hadden zij wereldwijd hetzelfde leven. Zo kan een Tunesische moslimfundamentalist, die pas enkele dagen in Frankrijk is, zich bij zijn moord op een zwarte vrouw en een katholieke koster kennelijk beroepen op racisme en secularisatie in die samenleving. Enige kennis van het Franse universalisme, dat wars is van mensen identificeren met hun oppervlakkige groep, kan verhelderend werken. Het dwingt namelijk tot kijken naar het gedachtengoed van mensen.

Ten tweede staat deze beperking van vrijheid van meningsuiting matiging in de weg. Zij laat immers twee mogelijkheden over: we mogen geen cartoons meer maken die sommige mensen beledigend vinden, of het mag nog wel, maar je moet het niet willen. Het effect is hetzelfde: het zal niet meer gedaan worden. Zo wordt voorbijgegaan aan de geglobaliseerde aard van de discussie, die factoren als minderheid en macht in een heel ander daglicht plaatst. Aanhangers van de islam zijn wereldwijd niet in de minderheid, en fundamentalistische opvattingen over cartoons krijgen alle ruimte.

Halfzacht

Tegenover deze absolute visie op islamkritiek kun je geen halfzachte visie op vrijheid van meningsuiting zetten: wat we in Parijs niet willen en in Islamabad niet mogen, zal nergens bestaan. Dan dus geen cartoons van de profeet. Bovendien moeten we juist vaststellen dat er wereldwijd een beweging is die de macht heeft om geloofwaardig te dreigen met onthoofding en zo de vrijheid beperkt. In zowel Islamabad als Parijs.

Matiging van fundamentalistische opvattingen kan logischerwijs niet anders dan van buitenaf komen. Daar is een absolute vrijheid van meningsuiting voor nodig: een universele laïciteit, van waaruit kritiek op alle wereldbeelden mogelijk is ongeacht wie dit wereldbeeld aanhangt. In de ecologie spreekt men van het ‘shifting baseline syndrome’: mensen nemen de achteruitgang van de natuur niet waar, omdat elke generatie de biodiversiteit in haar tijd als normaal ziet.

Laten we dus weer verbaasd zijn door een onthoofding in Parijs. En laten we in Nederland, waar de Franse ambassadeur nu wordt beschermd, de lat iets hoger leggen: in vergelijking met het afdwingen door onthoofding lijkt netjes vragen om blasfemiewetten misschien heel keurig, maar erg gematigd is het niet.

De ‘Jodenster’ voor Franse schooljeugd

‘Macron doet de moslims aan wat de nazi’s de Joden aandeden – moslimkinderen gaan ID-nummers krijgen (andere kinderen niet), precies zoals Joden gedwongen werden ter identificatie de gele ster te dragen op hun kleren’, twitterde de Pakistaanse minister voor Mensenrechten Shireen Mazari eind november. Na hevig protest van Frankrijk trok ze die tweet weer in. Mazari had zich gebaseerd zich op onjuiste informatie van onder meer een Washington Post-journalist, zodat de Franse ambassadeur moest uitleggen dat dit idee onzin is: alle schoolkinderen in Frankrijk krijgen een ID-nummer, om illegaal thuisonderwijs tegen te kunnen gaan. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden