OpinieIS-vrouwen en -kinderen

Opinie: Koerden opzadelen met onze IS-vrouwen is gevaarlijk

Van een christelijke partij als het CDA mag je meer medemenselijkheid verwachten met IS-kinderen, betoogt Ad Corten.

Syrische vrouwen en kinderen. Beeld AFP
Syrische vrouwen en kinderen.Beeld AFP

De Nederlandse bevolking staat niet te trappelen IS-vrouwen en kinderen terug te halen uit Syrië. Terwijl sommigen van ons vinden dat we dit moeten doen uit oogpunt van rechtvaardigheid en menselijkheid, vindt het merendeel van de Nederlanders dat we deze waarden in dit geval niet hoeven toe te passen.

Zelfs een christelijke partij als het CDA vindt dat de vrouwen zó’n foute keuze hebben gemaakt dat zij hun recht op terugkeer voor altijd hebben verspeeld. Zoals een briefschrijfster op een CDA-website recentelijk schreef: ‘Laat ze daar maar lekker helemaal kapot creperen.’

Maar behalve rechtvaardigheid en menselijkheid zijn er nog twee argumenten om de vrouwen en kinderen terug te halen. Het eerste is onze nationale veiligheid. Vorige week drong de Amerikaanse coördinator voor terrorismebestrijding er bij de Europese landen opnieuw op aan om hun IS-vrouwen en kinderen snel terug te halen. Anders worden de kampen een broedplaats voor nieuw terrorisme. De Amerikanen staan klaar om ons daarbij te helpen: ‘Geef ons een telefoontje en wij regelen het.’

Niet eeuwig

Het tweede argument is dat we de Koerden niet eeuwig met de Nederlandse vrouwen en kinderen kunnen opzadelen. De meeste Nederlanders beschouwen de IS-vrouwen en kinderen als afval van onze maatschappij dat we niet terug willen hebben. Maar kunnen wij ons als fatsoenlijk land zo makkelijk ontdoen van ons ‘afval’? Toen een Nederlands bedrijf enkele jaren geleden chemisch afval had gedumpt in Ivoorkust, stond de Nederlandse politiek op zijn achterste benen. Maar in het geval van IS-vrouwen en kinderen gelden blijkbaar andere normen. Die mogen we wel over de schutting van andere landen gooien.

De Koerden vinden het ook unfair dat de westerse landen hen laten zitten met de vrouwen en kinderen van IS-strijders. Zij hebben bij de strijd tegen IS voor het Westen de kastanjes uit het vuur gehaald en nu mogen zij als dank onze IS-vrouwen en kinderen houden. Dat is natuurlijk niet zoals het hoort. In de woorden van een Koerdische dorpsbewoner in Trouw: ‘Ze dumpten hun vuil in ons land. Nu mogen ze hun eigen rotzooi ophalen.’

Hoewel we over mensen natuurlijk nooit mogen praten als ‘afval’, denk ik dat we het woord wel als metafoor kunnen gebruiken. Als brave Nederlanders scheiden we elke dag netjes ons huisvuil: zaken die hergebruikt kunnen worden in de ene bak en het restafval in de andere. Weinig Nederlanders zijn zo asociaal om hun afval ergens langs de weg te dumpen. Waarom passen we dit principe ook niet toe op de IS-vrouwen en kinderen?

Weer deelnemen

Op grond van informatie die door de MIVD is verzameld in Syrië, weten we aardig welk deel van de IS-aanhang nog te ‘recyclen’ is. Voor de kinderen is dit vanzelfsprekend, maar ook een groot deel van de vrouwen wil waarschijnlijk niets liever dan na het uitzitten van hun straf weer gewoon deelnemen aan de Nederlandse maatschappij.

Laten we dus ons eigen ‘afval’ terughalen uit Syrië, de kinderen onderbrengen bij de pleeggezinnen die al twee jaar zitten wachten, de vrouwen met spijt een tweede kans bieden, en de die-hards veilig opbergen.

Dat is uiteindelijk veel veiliger voor ons dan nietsdoen. Wanneer de kinderen nog langer in de kampen blijven, groeien ze op tot een nieuwe generatie jihadisten. Op het moment dat die uiteindelijk op vrije voeten komen, is de kans groot dat zij uit wraak hun vizier zullen richten op Europa.

Ad Corten is oprichter van het comité ‘CDA’ers voor terughalen IS-kinderen’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden