Opinie: Je onderscheiden met normen en waarden kan alleen als je er zelf consequent naar handelt

Na het ontslag van Mona Keijzer komt Wopke Hoekstra in het nieuws met een brievenbusfirma op de Maagdeneilanden. Maar de vele affaires maskeren een fundamenteler probleem, stelt politicoloog Matthijs ­Rooduijn: heeft de zieltogende christendemocratie nog wel toekomst?

Wopke Hoekstra na een gesprek bij informateur Johan Remkes.  Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant
Wopke Hoekstra na een gesprek bij informateur Johan Remkes.Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Even leek het CDA te kunnen terugblikken op een mooie week. Afgelopen donderdag werd bekend dat er een voorlopige doorbraak is in de kabinetsformatie: de partijen die na de verkiezingen in 2017 met elkaar zijn gaan regeren gaan opnieuw met elkaar onderhandelen. En dat zijn precies de partijen waar CDA-leider Wopke Hoekstra het liefst mee om tafel wil: naast VVD en D66 mét de ChristenUnie, maar zónder PvdA en GroenLinks.

Dit succesje in de formatie was een van de weinige lichtpuntjes in een verder ronduit rampzalig jaar voor het CDA. De partij werd werkelijk bedolven onder de affaires. Eerst was er de bruiloft van Ferd Grapperhaus, waar men het niet zo nauw nam met de coronaregels. Toen werd bekend dat Sywert van Lienden miljoenen euro’s had verdiend aan een mondkapjesdeal met de overheid. Heel recentelijk waren er het veel bekritiseerde optreden van Ank Bijleveld in het Afghanistan-dossier en het ontslag op staande voet van Mona Keijzer na kritiek op het coronabeleid van de regering. En als klap op de vuurpijl was er afgelopen zondag de onthulling dat partijleider Wopke Hoekstra geld had geïnvesteerd in een brievenbusfirma in een belastingparadijs – iets dat niet verboden is, maar wel omstreden.

In de tussentijd waren er ook nog de veel bekritiseerde leiderschapswissel nadat Hugo de Jonge zich afgelopen winter had teruggetrokken als lijsttrekker, de mislukte verkiezingscampagne (met als dieptepunt de op de vanwege corona gesloten ijsbaan van Thialf schaatsende Hoekstra), en natuurlijk het conflict met Pieter Omtzigt.

Vier zetels

Niet zo gek misschien dat kiezers het CDA massaal de rug toekeren. De partij verloor vier zetels bij de verkiezingen in maart, en raakte er daarna nog eentje kwijt door het vertrek van Omtzigt. In de peilingen heeft de partij nog maar de helft van de huidige veertien zetels over. Daarmee is het CDA virtueel ongeveer even groot als de Partij voor de Dieren of de ChristenUnie.

Wat is er aan de hand met het CDA? Waar komt de neergang vandaan? Hoewel de genoemde gebeurtenissen ongetwijfeld een belangrijke rol hebben gespeeld, zou het te makkelijk zijn de crisis binnen het CDA volledig hierop af te schuiven. Dat zou impliceren dat de dip van het CDA iets tijdelijks is, iets dat aan een paar verkeerd uitgepakte keuzes en onhandigheden te wijten is. Geen stomme fouten meer maken en de zetels komen vanzelf wel weer terug.

Maar zo eenvoudig liggen de zaken niet. De christen-democraten kampen met veel dieperliggende en structurelere problemen. De genoemde gebeurtenissen kunnen misschien wel de diepte van de huidige dip verklaren. Maar de dip zelf niet. Die heeft veel fundamentelere oorzaken.

Om te beginnen speelt de ontzuiling het CDA nog steeds parten. Dat proces begon in de jaren zestig en zeventig, maar het duurde nog een lange tijd voordat de band tussen het CDA en zijn kiezers écht begon te verbrokkelen. In de jaren tachtig wist de fusie van KVP, CHU en ARP nog ongeveer eenderde van het electoraat aan zich te binden.

Veel CDA-kiezers stemden toen op de christen-democraten omdat je dat als gelovige nu eenmaal deed. Het was de politieke uitdrukking van je religieuze identiteit. Maar vanaf de jaren negentig werd dat langzaamaan minder. Partijkeuze werd steeds meer een keuze voor een bepaald partijprogramma. Het aantal ‘identiteitsstemmers’ nam af, en het aantal ‘standpuntstemmers’ nam toe.

Harde kern

De overgebleven harde kern van het CDA-electoraat bestaat voor een groot deel uit de identiteitsstemmers van weleer. Het grote probleem is dat deze groep inmiddels letterlijk met uitsterven wordt bedreigd. Met andere woorden: het CDA leunt electoraal gezien op het laatste restje verzuiling. En het duurt niet meer lang voordat die steunzuil definitief verdwenen is.

Om op de langere termijn levensvatbaar te blijven zullen de christen-democraten jongeren aan zich moeten binden. Dat lijkt tot nu toe nauwelijks te lukken. Als bij de laatste verkiezingen alleen jongeren van 18 tot 24 gestemd zouden hebben, had het CDA in plaats van vijftien slechts zeven zetels behaald. Er worden wel wat pogingen gedaan om jongeren te enthousiasmeren, maar die blijven vrij lafhartig. Een sportief schaatsende lijsttrekker met als slogan #nudoorpakken is niet genoeg.

Eén van de redenen dat jongeren niet worden bereikt, is dat het CDA nauwelijks een onderscheidend verhaal weet te vertellen. ­Jarenlang was de strategie van de christen-democraten het verleiden van wat de boze of bezorgde burger is gaan heten. Onder ­Sybrand Buma bereikte deze strategie haar hoogtepunt. Het resultaat was dat het CDA (net als overigens de VVD en de meeste rechtse middenpartijen in andere landen) steeds meer een PVV-light werd.

De vraag is wat de partij hiermee heeft ­gewonnen. Aan de ene kant was het CDA voor de Henks en Ingrids onder ons nog steeds een slap aftreksel van het échte radicaal-rechtse geluid van Wilders en later ook Baudet. En aan de andere kant leidde de omarming van het nationalisme voor een groot gedeelte van de traditionele CDA-­achterban tot vervreemding van de eigen partij.

Rechtse koers

De laatste jaren heeft de nationalistische stroming binnen het CDA aan invloed in­geboet. Onder oud-consultant Hoekstra lijkt de partij nu vooral de nadruk te leggen op een wat rechtsere economische koers. ­Minder à la PVV, meer à la VVD, zou je kunnen zeggen. Voorbeeld: Hoekstra’s voorstel tijdens de verkiezingscampagne om de duur van de WW te verkorten.

Maar waarom zou je als kiezer met rechtse opvattingen over economische kwesties op het CDA stemmen als de VVD een soortgelijk en veel duidelijker economisch profiel heeft? Ook hier is het weer een beetje de keuze tussen de kopie of the real deal.

Wat kan het CDA dan wél doen om het tij te keren? Mijn advies is heel simpel: vertel je eigen verhaal, en niet een slap aftreksel van het verhaal van een ander. Naar dat eigen verhaal hoeft het CDA niet lang te zoeken.

Welke boodschap past goed binnen de christen-democratische ideologie, sluit aan bij wat kiezers belangrijk vinden, en wordt door kiezers ook nog eens geassocieerd met het CDA? Juist: normen en waarden. Het verhaal waar de partij in de tijd van Jan-Peter Balkenende zo succesvol mee was.

Een verhaal over normen en waarden kan prima gekoppeld worden aan een moderne boodschap over thema’s als klimaat en diversiteit – thema’s die hoog op de agenda staan en belangrijk worden gevonden door precies die groep die het CDA in het vizier zou moeten hebben: jongeren.

En niet te vergeten: bij normen en waarden hoort natuurlijk ook een pleidooi voor dat andere onderwerp dat de meeste christen-democraten links hebben laten liggen: een open politieke cultuur waarin politici respectvol met elkaar omgaan. Een dergelijk verhaal zou het CDA kunnen helpen op termijn weer levensvatbaar te worden.

Samenbindend

Het is dan wel cruciaal dat de christen-democraten ook daadwerkelijk naar dat verhaal handelen. Mooie rapporten over hoe de partij samenbindend en zij aan zij te werk zou moeten gaan hebben niet zoveel zin als politici de daad niet bij het woord voegen en terugschieten in hun oude vertrouwde rol als bestuurders van een onideologische machtspartij.

Sowieso moeten er geen wonderen worden verwacht. Het CDA gaat nooit meer structureel zo groot worden als voorheen. Daar is het politieke landschap te ingrijpend voor veranderd. Maar dat wil niet zeggen dat de christen-democraten nooit meer electorale successen zullen boeken. Dat kan nog steeds, al is de kans daarop vele malen groter als ze een sterk verhaal weten te combineren met een aansprekende leider, een goed opgezette verkiezingscampagne en een integere bestuurscultuur.

Terug naar de laatste ontwikkelingen. Gezien de huidige stand van zaken in de formatieonderhandelingen is het goed mogelijk dat bestuurderspartij CDA zich straks weer op haar vertrouwde plek in het centrum van de macht bevindt. Door het comfort van het pluche zouden de christen-democraten dan weleens snel kunnen vergeten dat de huidige crisis diepe structurele oorzaken heeft.

Dat zou een grote fout zijn. De klok van de ontzuiling tikt door. De CDA-achterban sterft langzaam uit en nieuwe groepen kiezers dienen zich nog niet aan. Zeker niet als de partij zich opnieuw als machtswellustige bestuurderspartij gaat profileren. De affaire-Hoekstra en al die andere persoonlijke affaires in het afgelopen jaar zijn een gevolg van een verzwakte morele antenne – een antenne die juist voor een christen-democratische partij die de nadruk op normen en waarden zou moeten leggen onontbeerlijk is.

Als het CDA niet hard op zoek gaat naar een (voor jongeren) aantrekkelijk nieuw verhaal zou het succes op het formatiefront uiteindelijk weleens een pyrrusoverwinning kunnen blijken te zijn geweest.

Matthijs ­Rooduijn is als politicoloog verbonden aan de Universiteit van Amsterdam.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden