OpinieVerpleeghuizen

Opinie: In verpleeghuizen elkaar om de oren slaan met de pijn die je voelt, helpt niet

In veel verpleeghuizen bestrijden familie en directies elkaar over het corona-­regime. Er is een uitweg, betogen emeritus hoogleraar Sociale Wetenschappen Christien Brinkgreve en Bert Keizer, specialist ouderen-­geneeskunde.

Verpleeghuizen mogen weer bezoek ontvangen, zij het volgens strikte regels. Beeld ANP

In verpleeg- en verzorgingshuizen wonen zo’n 125 duizend ouderen. Officieel zijn daarvan ongeveer tweeduizend bewoners aan corona overleden. Maar er werd niet getest, dus zal het werkelijke aantal ­doden in deze sector waarschijnlijk eerder rond de vierduizend liggen. Al weten we niet precies hoeveel mensen stierven, we weten wel dat het een catastrofe was. En de gevolgen zijn niet gering.

Werkers in de ouderenzorg zijn zich rot geschrokken. Op sommige locaties vielen tientallen doden. Daarbij stond één feit als een paal boven water: het virus was niet afkomstig van de bewoners, die zich immers ver van wintersport en carnaval ophouden. Het virus werd naar binnen gebracht door bezoek en door personeel. Personeel viel niet buiten de deur te houden, bezoek wel. Aldus geschiedde.

In de eerste acht weken werd dit leed schoorvoetend, huilend, of improviserend met hoogwerkers, min of meer geaccepteerd. ‘Min of meer’, omdat veel tegenstrijdigheden en onvolkomenheden de toestand al snel onhoudbaar maakten. Het schrijnendst was het gebrek aan beschermende middelen, waardoor personeel precies even besmettend was als bezoek. Misschien wel besmettender, omdat ze de anderhalve meter niet kónden handhaven in hun werk.

Volgende fase

Dat ligt allemaal achter ons en we moeten nu proberen de volgende fase in te gaan. Dat gaat niet overal even goed. Op heel wat locaties is een vervelende sfeer ontstaan omdat familieleden zich onterecht beperkt voelen in wat zij zien als een draaglijke bezoekregeling. Terwijl de directies en medewerkers van de instituten met angst in hun hart naar de steeds lossere omgangspraktijk kijken.

De situatie is zo geladen dat men op meerdere locaties over en weer besloot tot juridische stappen, waarmee de beoogde opener sfeer in de verzorgingstehuizen eigenlijk al meteen is verpest. In Friesland startte men een heuse actiegroep ‘Stop Onnodige Vrijheidsbeperking In De Zorg’ om directies van instellingen in de ouderenzorg tot de orde te roepen.

En ook van de andere kant is er een overgevoeligheid die een reëel gesprek in de weg zit. Dat ondervond Anne-Mei The, die als medewerker rondliep in een verpleeghuis en daarover schreef in Trouw en de Volkskrant. Zij toont in haar verslag veel begrip voor de dilemma’s van de leiding. Helaas worden haar stukken gezien als een aanval op de sector omdat ze die in diskrediet zou brengen. Wij lezen haar heel anders: als een uitnodiging tot gesprek om samen tot bezinning te komen en te zien hoe we verder moeten.

We komen hier niet uit met advocaten en noodverordeningen. Elkaar om de oren slaan met de pijn die je voelt, helpt evenmin. En die pijn is er. Van de familie over de eenzaamheid van hun geliefden. Van de verpleeg­huiswerkers die nog lang niet hersteld zijn van een afschuwelijke loopgravenoorlog waarin zij veelal machteloos waren.

Dialoog aangaan 

Je zou zeggen dat de cliëntenraden in de zorginstituten hier een prachtige rol hebben. In de praktijk blijkt echter dat deze crisis te ernstig is voor de tactische en inhoudelijke weerbaarheid van deze raden. Het gaat niet om andere koffietijd of nieuwe gordijnen, dit gaat om leven en dood. Ze worden alle kanten op getrokken door familieleden en directies en bijna altijd treft hen het verwijt ‘te laks’ of ‘te opstandig’ te zijn.

Een veelgehoorde ‘oplossing’ is de suggestie: ‘Laat moeder dan maar ­corona krijgen, ze kiest zelf voor een leefbaarder regime. En dan plaatsen jullie de coronapatiënten gewoon bij elkaar.’ Het zorginstituut kan dan ­terecht zeggen: ‘En wie gaat die bij elkaar geplaatste coronapatiënten verzorgen met gevaar voor eigen gezondheid en zelfs het eigen leven in sommige gevallen? En dat terwijl het vermijdbaar was?’

Wij pleiten voor een dialoog waarin er over en weer ruimte is om te luisteren naar wat de ander beweegt. Hoe ingewikkeld is het om binnen een verzorgingshuis of een verpleeghuis een overleg in het leven te roepen waarin familie en instituut elkaar in een persoonlijke uitwisseling kunnen aanhoren? Zouden we er langs die weg niet beter uit komen dan door elkaar te bestrijden via advocaten of belangengroeperingen? Want in een dergelijke strijd gaat precies datgene stuk wat je wilde redden: een heilzaam verblijf voor ouderen, en een even heilzaam werkklimaat voor hun verzorgenden. 

Christien Brinkgreve is emeritus hoogleraar Sociale Wetenschappen. Bert Keizer is specialist ouderengeneeskunde.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden