OpinieGevolgen coronacrisis

Opinie: Het volgende theaterseizoen komt misschien niet

Theaters moeten niet doormodderen met goed bedoelde filmpjes op de site of met online optredens waar mensen uit medelijden naar kijken, stelt theatermaker René M. Broeders. De cultuursector verdient meer steun, betoogt theaterdirecteur Edwin van Balken.

Op de stoep van theater De Nieuwe Regentes in Den Haag wordt het 100-jarig bestaan afgelopen vrijdag, ondanks de coronacrisis, gevierd.Beeld Getty

Er verschijnen regelmatig schattige foto’s in de media van theaterdirecteuren, die vanuit hun deftige kantoor zijn afgedaald naar de lege zaal, waar met A4-tjes is nagebootst hoe de zaalbezetting er in de anderhalvemetersamenleving zal uitzien. Ze schrikken zich rot.

Blijkbaar kan niemand zich vanachter het bureau voorstellen hoe weinig mensen er in de zaal kunnen als je ze anderhalve meter uit elkaar zet. Ook kan bijna niemand zich voorstellen hoe de toekomst van de theaters en concertzalen er uit gaat zien.

Veel theaters probeerden aanvankelijk voorstellingen te verplaatsen naar een paar weken later. Toen het erop leek dat de corona-maatregelen langer zouden gaan duren, werden voorstellingen doorgeschoven naar het nieuwe seizoen. Maar dat leverde zo’n complexe puzzel op, dat niemand wist hoe die opgelost moest worden.

Het coronavirus gedraagt zich vooralsnog onvoorspelbaar, maar het lijkt erop dat het niet heel fijn is als een paar honderd mensen een paar uur in dezelfde ruimte verblijven. Er hoeft maar één besmette persoon te zitten om tientallen anderen aan te steken, zo is inmiddels uit onderzoek gebleken.

Dus zou de oplossing zijn om nog maar een vijfde van de capaciteit te benutten en te bewaken, dat toeschouwers genoeg afstand houden. Los van de immense praktische problemen die opdoemen: maken we een kaartje dan vijf keer zo duur of verdient degene die optreedt nog maar een-vijfde? Bovendien valt een belangrijk deel van de toeschouwers in de risicogroep: welke senior durft straks nog in een zaal met 500 potentiële doodvonnissen te zitten?

Stel dat we al deze hindernissen overwinnen of accepteren, dan blijft het grootste probleem onoplosbaar: de sfeer in het theater is weg. Het slagen van een voorstelling leeft van het collectief beleven ervan. Als er gelachen moet worden steken de mensen elkaar aan en rolt de lach door de zaal. Je merkt al bij een schouwburg met een balkon dat cabaret lastiger is, eigenlijk heb je dan twee zalen, die je in hetzelfde ritme moet zien te krijgen. Niet voor niets zijn het Oude Luxor en Carré zulke fijne zalen om in te spelen. En ook om in te zitten trouwens. Het belang van collectief beleven geldt niet alleen voor vrolijke voorstellingen. De gezamenlijke beleving van andere emoties is hetzelfde bij toneel, bij muziek en bij dans. Als het publiek ontbreekt, wordt het net zo doods als bij de talloze goedbedoelde online initiatieven die nu ontstaan. Die leveren bovendien geen bal op.

Ik denk zelf dat het nog minstens een jaar gaat duren voordat er weer ‘normale’ voorstellingen kunnen plaatsvinden. Toen ik dat een maand geleden zei, werd ik door iedereen in mijn omgeving uitgelachen. Gisteren sprak ik een van nature optimistische cabaretcollega, die zijn Pabo-diploma uit de lade heeft opgediept. Ik weet zeker dat leerlingen de tijd van hun leven krijgen als hij weer gaat lesgeven.

Zou het niet beter zijn om zo snel mogelijk de theaters in diepe Doornroosje-slaap te brengen, zodat de kosten niet meer doorlopen? Ik ken een klein theater in Brabant, dat het op deze manier heeft aangepakt. Ze waren als eerste dicht, heel droevig, maar wedden dat ze ook weer als eerste opengaan? Niet doormodderen met goed bedoelde filmpjes op de website, met online optredens waar mensen uit medelijden naar kijken, met ludieke mailtjes aan het publiek, ‘want we moeten het klantencontact onderhouden’. En vooral niet zo lang mogelijk al het personeel in dienst houden, dat je eigenlijk financiert met de vooruitbetaalde kaartjes voor volgend seizoen. Dat volgende seizoen komt er misschien niet. Er zijn volgens mij nu al theaters technisch failliet, maar ze houden het nog uit omdat ze geld gebruiken dat eigenlijk voor volgend seizoen in kas was.

Natuurlijk raken veel theatermedewerkers werkloos door de coronacrisis. De artiesten zijn het al, hoewel sommigen het zelf nog niet doorhebben. Als het ene na het andere theater gaat omvallen, zijn medewerkers en artiesten sowieso werkloos. Gemeentes moeten dan gaan kiezen: houd ik de sportclubs in leven, of het theater? Terwijl de gemeentelijke inkomsten drastisch zullen afnemen. Ik weet al wat het dan gaat worden.

Veel kleine- en middelgrote theaters waren sowieso al ondergefinancierd en stonden permanent op omvallen. Hoeveel gemeentes moeten niet eens in de zoveel tijd hun theater weer ‘redden’? Daar zijn al heel wat wethouders op gesneuveld.

De overheid heeft ons in ‘het nieuwe normaal’ gemanoeuvreerd, zonder erover na te denken hoe we daar nog uit kunnen komen. Want op anderhalve meter is geen enkel normaal leven mogelijk. Niet op het werk, niet op school, niet in het OV en zeker niet in het theater. Dus moeten we zelf vooruitdenken, ver vooruit. Bijt door de zure appel heen, slik hem in, dan heb je later nog iets om voor wakker gekust te worden.

René M. Broeders is oprichter van improvisatiegezelschap Op Sterk Water. Sinds 2011 is hij artistiek leider van het muziektheaterproject BeVoice in Berlijn. Dit seizoen speelde hij in Nederland voor Opera2Day.

Theaters hebben geen alternatief voor overheidssteun

De komende maanden zullen theaters en concertzalen in onze steden en dorpen failliet gaan en verliezen tienduizenden mensen daardoor hun werk. Als directeur van een schouwburg en concertzaal kan ik het weten. Mijn organisatie verliest per maand nu zo veel geld, dat de weinige buffers die wij hadden, snel op zijn. Zonder acute steun van de overheid zullen de deuren van onze gebouwen definitief dicht blijven. Waarom? De toegezegde 300 miljoen van het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschap is niet voor ons en niet voor de andere 150 theaterlocaties die jaarlijks tien miljoen bezoekers trekken. Door een technische weeffout profiteren theaters slechts gedeeltelijk van de Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging Werkgelegenheid.

De huidige subsidie, als deze blijft bestaan, dekt slechts een deel van onze doorlopende kosten. Het honderd procent verlies aan eigen inkomsten is niet te compenseren. Voor ons geen afhaal- of thuisbezorgingsmogelijkheid. Toneel of dans online aanbieden levert geen euro op. Publiek ontvangen binnen de anderhalvemetersamenleving kost straks wellicht meer geld dan gesloten blijven. 

Kortom, er is voor ons geen ander alternatief dan overheidssteun. Zonder die steun gaan wij het simpelweg niet redden. Alles is welkom; direct geld, kwijtschelding van huur, langlopende leningen, et cetera. Onze sector verdient ook substantiële overheidssteun. 300.000 werknemers dragen in de cultuursector bijna 4 procent bij aan het Bruto Nationaal Product.

Daarnaast zijn wij een schone en eerlijke sector met maatschappelijke opbrengst. Vette bonussen, privaat dividend en belastingtrucs bestaan bij ons niet. Al onze financiën zijn voor iedereen in te zien. Eventuele winsten worden aangewend voor maatschappelijke projecten en bijna alle podia hebben Green Key-certificaten. Ik zeg niet dat andere bedrijven of sectoren geen steun verdienen, maar mogen wij alstublieft als relevante bedrijfssector naar verhouding hetzelfde? Politici op landelijk, provinciaal en gemeentelijk niveau: weeg uw argumenten zorgvuldig in de toewijzing van overheidssteun en vergeet ons niet.

Edwin van Balken is algemeen directeur Stichting Stadsschouwburg & Philharmonie Haarlem.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden