Opinie

Opinie: Fastfood voor jonge lezers: de schadelijke promotie van pulp in het onderwijs

De boeken die de Jonge Jury propageert, zijn verhalen die seksistisch en racistisch denken bevestigen, de lezer van kick naar kick jagen en die stilistisch, inhoudelijk, cultureel en moreel armoedig en zelfs schadelijk zijn.

44 procent van de Nederlandse jongeren zegt lezen niet leuk te vinden of er zelfs een hekel aan te hebben. Beeld Patricia Rehe / HH
44 procent van de Nederlandse jongeren zegt lezen niet leuk te vinden of er zelfs een hekel aan te hebben.Beeld Patricia Rehe / HH

Wat hebben we nodig om ontlezing een halt toe te roepen? Mooie verhalen natuurlijk, maar ook ‘mooie lezers’. De term is van jeugdboekenauteur Benny Lindelauf. Hij bedoelt lezers die een verhaal betekenis kunnen geven, lezers die daar scholing in hebben gehad. Van zulke mooie lezers zijn er steeds minder.

44 procent van de Nederlandse jongeren zegt lezen niet leuk te vinden of er zelfs een hekel aan te hebben, zo blijkt uit onderzoek van Stichting Lezen. Dat zijn er meer dan in onze buurlanden, en niemand begrijpt waarom juist in Nederland de ontlezing zo hard stijgt. Helaas maakt de overheid ook geen geld vrij om daar serieus onderzoek naar te doen.

In plaats daarvan investeert ze in leesbevorderingscampagnes. Waarom sorteren die nu niet het gewenste effect? Wie zich daarin verdiept, begrijpt al snel waarom de leesmotivatie laag is. De campagnes die gericht zijn op leesbevordering sturen op ‘leesplezier’, vanuit de gedachte dat op plezier vanzelf leesmotivatie volgt.

Zonder instructie, richtlijn of voorselectie

Daarom is besloten dat in de de Jonge Jury-campagne jongeren zelf kiezen welke boeken ze nomineren en bekronen. De Jonge Jury, die jaarlijks 180.000 leerlingen in de onderbouw bereikt, wordt betaald door Stichting Lezen, ondersteund door het Nederlands Letterenfonds en uitgevoerd door Passionate Bulkboek, een organisatie die zich ‘dé leesspecialist in voortgezet onderwijs’ noemt.

Leerlingen van 12 tot 15 jaar kiezen de boeken voor de shortlist aan de hand van een groslijst van uitgevers, zonder instructie, richtlijn of een voorselectie door opvoeders of leraren. Het is verontrustend dat hun keuze vervolgens leidend wordt in een campagne die wordt betaald met overheidsgeld. Het is alsof je kinderen de supermarkt instuurt met de opdracht te kopen wat ze lekker vinden en datgene waarmee ze naar buiten komen opdringt aan alle kinderen van het land, onder het mom van ‘gezond eten’. Nederland zou haar eigen cultuuronderwijs serieuzer moeten nemen.

Seksistisch en racistisch

Dit jaar brachten 10.000 kinderen een stem uit voor de Jonge Jury-prijs. De winnaar die woensdag 9 juni bekend wordt, zal met zekerheid een pulpboek zijn. Wat bedoelen we met pulp? Dat is niet hetzelfde als lectuur. Er zijn genoeg redenen om zwakke of onwillige lezers aan te moedigen door ze, pakweg, een spannende jeugdroman van Lydia Rood te laten lezen of de biografie van Wim Kieft.

Maar wat de Jonge Jury propageert, is van een ander kaliber. Het zijn verhalen die seksistisch en racistisch denken bevestigen, de lezer alleen van kick naar kick jagen. Verhalen die stilistisch, inhoudelijk, cultureel en moreel armoedig en zelfs schadelijk zijn. We analyseerden de shortlist van dit jaar en alle winnende titels van de afgelopen tien jaar, waarvan er zeven werden geschreven door een auteur: Mel Wallis de Vries. Eenlettergrepige titels, dramatisch-realistische foto’s op de voorkant en kekke elastieken buikbandjes moeten de jonge lezer verleiden: Klem, Wreed, Vals of Shock heten haar boeken.

Winnaars 2010-2020

Match – Buddy Tegenbosch (2020)
Wild – Mel Wallis de Vries (2019)
Pijn – Mel Wallis de Vries (2018)
Schuld – Mel Wallis de Vries (2017)
Shock – Mel Wallis de Vries (2016)
Wreed – Mel Wallis de Vries (2015)
Klem – Mel Wallis de Vries (2014)
IJsbarbaar – Rob Ruggenberg (2013)
Vals – Mel Wallis de Vries (2012)
Hoe overleef ik (zonder) dromen – Francine Oomen (2011)
Hoe overleef ik mijn vriendje? (en hij mij!) – Francine Oomen (2010)

Succes is besmettelijk

Het stramien is steeds identiek: na een scène waarin steevast een vrouwelijk slachtoffer wordt gepijnigd, vernederd en vaak vermoord, gaan we terug in de tijd en komen er vier à vijf verschillende meisjes aan het woord – soms via vlogs, dagboekfragmenten, app- of e-mailberichten. Ze zijn typetjes en hebben steevast één ding gemeen: het zijn altijd witte meisjes met lang, los haar. De meisjes lijken geen enkele inhoud of substantie te hebben. De personages veroordelen elkaar op hoe ze eruit zien, en wat ze eten en drinken.

Seks is vrijwel altijd ongewenst en gewelddadig in deze teksten, maar de lezer krijgt geen ruimte om dat kritisch te beschouwen, omdat die meekijkt met daders in lang uitgesponnen geweldsscènes. Verkrachting en moord worden als haast onvermijdelijk lot voor jonge vrouwen gepresenteerd: als ze in het donker door het park fietsen, maar soms ook in hun eigen slaapkamer. Het hyperrealisme met herkenbare school- en plaatsnamen maakt het nog angstaanjagender. De shortlist van dit jaar bestond uit drie jeugdthrillers die qua opbouw en verhaalinhoud sprekend op de boeken van Wallis de Vries lijken. Succes is blijkbaar besmettelijk.

Shortlist Jonge Jury 2021

Genadeloos – Jennefer Mellink
Je hebt één nieuwe volger – Chinouk Thijssen
Fake trip – Margje Woodrow

Met zulke lelijke teksten kweek je geen mooie lezers. Jonge lezers lezen vooral belevend en herkennend. Wat ze lezen, nemen ze letterlijk omdat hun literaire competenties nog niet zijn ontwikkeld. In het lesmateriaal van de Jonge Jury worden deze competenties ook niet aangesproken.

Sleutel tot ethische houding

Waarom wordt dit geld, afkomstig van de Stichting Lezen en het Letterenfonds, niet besteed aan de promotie van echte jeugdliteratuur in de klas? Verhalen kunnen je leren hoe je betekenis kan geven aan de wereld. Hoe je gevoelens, relaties, maar ook maatschappelijke verhoudingen kunt begrijpen en hoe je er taal voor kan vinden. Ze bieden de sleutel tot een volwassen, ethische houding.

Kwalitatieve jeugdliteratuur geeft de verbeelding van jonge mensen de ruimte om nieuwe en andere perspectieven en samenlevingsvormen te verkennen. Door identificatie met steeds nieuwe personages kunnen jonge lezers hun persoonlijkheid vormen, hun opvattingen toetsen. Literatuur draagt bij aan empathie en aan burgerschap.

Dat in het Nederlandse onderwijs op de basisschool en in het voortgezet onderwijs het lezen van onze internationaal geprezen jeugdliteratuur, denk aan Anna Woltz, Simon van der Geest, Martha Heesen of Bart Moeyaert, niet verplicht is, en dat er geen eisen worden gesteld aan de kwaliteit van wat er op school wordt gelezen, is een vorm van ernstige en structurele verwaarlozing. Laten we in het ophanden zijnde nieuwe curriculum voor het vak Nederlands het vrijblijvende begrip ‘fictie’ vervangen door ‘jeugdliteratuur’.

Tot het zover is, kunnen de organisatoren van de Jonge Jury het alvast over een andere boeg gooien. Een shortlist die wordt opgesteld door specialisten lijkt ons de eenvoudigste oplossing. ‘Als ze maar lezen’ is geen excuus voor pulp.

Yra van Dijk is hoogleraar Moderne Letterkunde aan de Universiteit Leiden. Marie-José Klaver is docent in het voortgezet onderwijs.
Dit is een bewerkte en sterk ingekorte versie van de studie die verschijnt bij
de Nederlandse boekengids.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden