Opinie Syrië

Opinie: Europa moet druk op Rusland opvoeren om ultiem bloedbad in Idlib te voorkomen

Russisch-Syrische troepen dreigen aanvallen te hervatten op burgers en burgerdoelwitten in Idlib, de laatste grote antiregeringsenclave in Syrië. Het is noodzaak dat Europese regeringen Moskou onder druk zetten om dit te voorkomen, betoogt directeur van Human Rights Watch Kenneth Roth.

Leden van de burgerbescherming en Syrische burgers komen bijeen na een luchtaanval op een markt in het zuiden van Idlib. Beeld AP

Tot nog toe heeft de noordwestelijke provincie Idlib, de laatste grote Syrische enclave die in handen is van de antiregeringstroepen, gefungeerd als een soort uitlaatklep. Toen de andere antiregeringsenclaves vielen, stelden de Syrische troepen de overlevenden voor de keuze: ofwel gedumpt worden in Idlib, ofwel onderdak in overheid gecontroleerd gebied waar arrestatie, marteling en executie voortdurend op de loer liggen. De meesten kozen uiteraard voor Idlib. Ongeveer de helft van de 2,3 miljoen inwoners van Idlib is dan ook afkomstig uit andere delen van Syrië.

Asielzoekers beschoten en teruggestuurd

Maar nu loopt ook Idlib gevaar. Het risico is groot dat de Russisch-Syrische troepen hun willekeurige en soms doelbewuste aanvallen op de burgerbevolking en de burgerlijke infrastructuur, zoals ziekenhuizen, zullen hervatten. Oorlogsmisdaden zoals deze veroorzaakten al de dood van naar schatting meer dan een half miljoen mensen, en dreven sinds het begin van de oorlog meer dan 50 procent van de bevolking op de vlucht.

In het verleden zouden burgers die wilden vluchten voor de Russisch-Syrische aanvallen vanuit Idlib de grens zijn overgestoken met Turkije, waar momenteel zo’n 3,5 miljoen Syrische vluchtelingen verblijven. Maar sinds oktober 2015 hebben de Turkse veiligheidstroepen de grens gesloten. Ze sturen asielzoekers zonder pardon terug en beschieten ze soms zelfs.

Als Turkije wordt geconfronteerd met een nieuwe instroom van asielzoekers die de Russisch-Syrische bombardementen willen ontvluchten, kan het hen naar Syrische gebieden langs de grens proberen te dirigeren, zoals Afrin en Jarabulus. Turkije heeft die gebieden ingenomen, maar ze zijn daarmee nog niet bestand tegen aanvallen. Turkije kan de vluchtelingen ook het eigen land binnenlaten. Dat zou de interne druk opvoeren om de deal met de Europese Unie op te schorten, die de toestroom van asielzoekers die via de Egeïsche Zee naar Griekenland trekken aan banden moet leggen. En dat, net nu de campagne voor de Europese parlementsverkiezingen van 2019 op gang komt.

Kans voor Russisch-Europese betrekkingen

Een veel betere optie is het voorkomen van een bloedbad in Idlib, bij voorkeur door de Europese druk op Rusland op te voeren. Sinds 2015 strijdt de Russische luchtmacht aan de zijde van Syrische gevechtsvliegtuigen. Dat is de voornaamste reden waarom de regeringsgezinde troepen, die de strijd dreigden te gaan verliezen, nu aan de winnende hand zijn.

Bovendien is Rosoboronexport, de officiële Russische wapenexporteur, de grootste wapenleverancier van het Assad-bewind. Russische diplomaten gebruikten hun veto om plannen om Syrië voor het Internationaal Strafhof ter verantwoording te roepen te dwarsbomen. Ook probeerden ze, uiteindelijk zonder succes, het onderzoek naar het gebruik van chemische wapens tegen te houden. Russische staatsgebonden media, zoals RT en Sputnik, namen het voortouw in het minimaliseren van gruwelijkheden die zijn begaan door het Russisch-Syrische militaire bondgenootschap.

Europese regeringen moeten Moskou onder druk zetten om haar invloed aan te wenden. Het Kremlin wil de relaties met de Europese Unie namelijk graag verbeteren, zodat de Europese sancties worden opgeheven en de stagnerende economie weer op gang kan komen. Voordat het zover is, is er nog een lange weg te gaan die bezaaid is met obstakels, zoals de Krim, Oost-Oekraïne, MH17 en incidenten met het zenuwgas Novichok, maar de regeringen van Europese lidstaten zoals Nederland moeten duidelijk maken dat een bloedbad onder de burgerbevolking van Idlib de bilaterale relaties nog verder zou bevriezen.

Rusland heeft al laten blijken dat het dat scenario wil vermijden. Idlib is de enige van de vier zogenaamde ‘deëscalatiezones’ die Rusland en Syrië niet opnieuw hebben ingenomen. Rusland heeft ingestemd met de Turkse inrichting van een tiental ‘observatieposten’ rond Idlib. Turkije stelt dat Idlib een ‘rode lijn’ is, terwijl Rusland een minder eenduidige houding aanneemt.

Voorkeursbehandeling regimegezinde gebieden

Maar belangrijker nog is dat Rusland voorzichtig het idee heeft geopperd om de militaire opmars naar Idlib te staken, in ruil voor harde Westerse toezeggingen om te helpen met de wederopbouw van de verwoeste Syrische steden en infrastructuur, aldus bronnen dichtbij de onderhandelingstafel.

Zelfs als Europese regeringen overtuigd kunnen worden om mee te betalen aan de wederopbouw van steden die door Russische en Syrische troepen in puin zijn gelegd, blijven de voorwaarden van het voorstel voer voor controverse. De Syrische overheid heeft namelijk de terugkeer van de vluchtelingen bemoeilijkt door hun bezittingen in beslag te nemen en te dreigen met arrestatie, terwijl de wederopbouw in gebieden die het regime gunstig gezind is voorrang krijgt. Bovendien hebben de Syrische troepen en inlichtingendiensten al de hand gelegd op aanzienlijke bedragen, bedoeld voor humanitaire hulp, om hun eigen zakken te vullen en hun slachtpartijen te financieren. Bij gebrek aan transparantie en onafhankelijk toezicht, is de vrees dus gegrond dat ook de wederopbouwfondsen zullen worden afgeroomd.

In elk geval mag het leven van de Syrische burgers niet afhangen van de betaling van enorme geldsommen. Het alternatief is om de Russische medeplichtigheid aan de Syrische oorlogsmisdaden aan de kaak te stellen en het Kremlin onder druk te zetten om een eind te maken aan de gruwelijkheden. De tijd is rijp om Rusland duidelijk te maken dat er van betere relaties met Europa geen sprake kan zijn zolang het zich achter de gewelddadige onderdrukking in Syrië blijft scharen. Die boodschap moet duidelijk weerklinken. Het lot van 2,3 miljoen Syriërs in Idlib hangt ervan af.

Kenneth Roth is directeur van Human Rights Watch. Op Twitter: @KenRoth

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.