OpinieCorona-apps

Opinie: Een goede corona-app vergt publieke controle

Een corona-app werkt alleen bij een goede inbedding in publiek zorgstelsel en rechtsstaat, betogen José van Dijck en Albert Meijer.

De Tweede Kamer vergadert sinds vandaag weer in de oude zaal. Op deze plek, waar de Kamer tot in 1992 plenair bijeen kwam, vindt woensdag een rondetafelgesprek over de corona-app plaats. Beeld Freek van den Bergh / de Volkskrant

Afgelopen weken hebben duizenden experts en belangstellenden zich vrijwillig in een snelkookpan gestort om een traceerapp te ontwikkelen die mogelijke corona-geïnfecteerden kan opsporen en waarschuwen. Met als hoogtepunt een ‘appathon’ van 48 uur, een soort live ‘volksaanbesteding’ voor techies om de beste app te ontwikkelen. Met als inzet een effectieve, veilige, privacy- en gebruiksvriendelijke app die de GGD ondersteunt bij het bron- en contactonderzoek. Niet meer, niet minder. Zoiets als een goedwerkende thermometer in een dokterstas van de GGD.

Met alle respect voor de honderden deskundigen die zich hebben gebogen over de ontwikkeling – die traceer-app komt er voorlopig niet. Tijdens de hoorzitting met experts die de Tweede Kamer op woensdagochtend hield, bleek er weinig animo te bespeuren. En uiteindelijk gaat het ook niet om technologie. Waar het eigenlijk om zou moeten gaan is het geheel aan interventies en het overheidsbeleid waarvan digitale instrumenten eventueel deel uitmaken.

Om effectief te kunnen zijn op korte termijn, willen we dat de GGD zicht kan houden op de verspreiding van covid-19. Daarom zou je ook eerst kunnen kijken of je beproefde middelen kunt opschalen die veel minder invasief zijn. Denk bijvoorbeeld aan het door de GGD en ook in Duitsland al gebruikte trackingsysteem op basis van postcodegebieden in plaats van individuele personen. Zo’n tracking­systeem levert, volgens Niels Chavannes van het LUMC, wellicht verfijnde analyses op.

Als je voor de langere termijn dan toch wilt gaan experimenteren met een traceer-app, gericht op individuele personen, zorg er dan voor dat dit een experiment is dat in fasen wordt uitgerold. Bedenk welke lessen het moet opleveren en hoe we het gaan bijsturen. Er kan een groot verschil zijn tussen de manier waarop beleid is bedoeld en de wijze waarop het wordt uitgevoerd. Bij grote beleidsschandalen van de laatste jaren, denk aan de toeslagenaffaire van de Belastingdienst en het SyRI-debacle, ging het vooral om uitvoeringsproblemen. Het dynamisch verloop van deze pandemie eist dat beleid en techniek voortdurend op elkaar worden afgestemd en getoetst in een openbaar debat. Dat kan bijvoorbeeld door de GGD te laten experimenteren met vormen van inspraak, klachtenprocedures of een periodieke review door een soort ‘burgerraad’.

In de discussie rond de traceer-app stond tot nu toe vooral gebruikersgemak centraal: is de app handig in het gebruik? En hoe bereik je dat een meerderheid van de mensen de app gaat gebruiken? Dit zijn vooral toegepaste vragen over specifieke apps op de korte termijn. Maar verantwoord gebruik draait niet alleen om het overhalen van burgers een bepaalde app te gebruiken: het hangt sterk samen met vertrouwen dat burgers hebben in het beleid dat onafhankelijke instituties en de overheid uitstippelen om deze gezondheidscrisis te bezweren. Daarop stemmen ze hun gedrag af. Een technische oplossing wekt pas vertrouwen als die deel uitmaakt van een breder beleid waarin burgers en maatschappelijke organisaties een duidelijke rol spelen.

Een app is geen losstaande technische oplossing die door één bedrijf of consortium ‘klaar’ wordt gemaakt voor de samenleving. Het is onderdeel van een publiek stelsel voor gezondheidszorg, ingebed in een democratisch bestel. In andere landen die al met een traceerapp werken, zoals Zuid-Korea en China, zien we dat die deel uitmaakt van een uitgebreide preventie-infrastructuur, zoals veelvuldig testen en strikte quarantaine-maatregelen bij positieve uitslagen. Hoe wil Nederland dat doen? Wie krijgt bijvoorbeeld de macht over de sturing van gebruikersgedrag: de overheid of de al dan niet commer­ciële ontwikkelaars van deze apps?

De ontwikkeling van corona-apps kan tot slot niet los gezien worden van het bredere rechtskader en de handhaving daarvan, ook in de Europese context. De discussie ging de afgelopen weken vooral over privacy of veiligheid van één enkele app. De komende tijd moet die gaan over het waarborgen van zowel grondrechten als gezondheid en over de proportionaliteit van bepaalde maatregelen. Wat gebeurt er als er een betere app op de markt komt die in andere landen meer gebruikt wordt, maar niet aan alle Nederlandse voorwaarden voldoet? Het gaat erom dat de app, welke ook, als mogelijk onderdeel van de preventie-infrastructuur is ingebed in de controlemechanismen van de democratische rechtsstaat.

Daarom hopen wij dat deze discussie niet blijft steken bij een eenmalige vlootschouw van corona-apps – een dubbel experiment in deze uitzonderlijke tijden. Dat de overheid de inzichten van zo veel (niet-)experts en betrekt bij het zoeken naar een oplossing is prijzenswaardig. Hopelijk krijgt dit participatie-experiment een vervolg in de vorm van een zorgvuldig democratisch afwegingsproces als basis voor effectief en verantwoord overheidsbeleid. Een goede thermometer in de dokterstas van de GGD heeft geen nut als de regering niet zorgt voor een goed werkende GGD in een goed functionerende rechtsstaat. Het is aan het parlement beide experimenten bij te sturen.

José van Dijck is universiteitshoogleraar media en digitale samenleving aan de Universiteit Utrecht. Albert Meijer is hoogleraar publiek management aan de Universiteit Utrecht.

Lees ook

Na mislukte ontwikkeling corona-app begint De Jonge opnieuw
Na bakken kritiek op het mislukte eerste ontwikkelingstraject, laat minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) een nieuwe corona-app ontwikkelen. Dat schrijft hij in een brief aan de Tweede Kamer.

De weg naar een corona-app voor contactonderzoek was ‘ergens wel dapper’ maar deugde van geen kanten
Voorlopig is de corona-app voor contactonderzoek nog ver weg. En dat terwijl het ministerie met ongekende voortvarendheid aan de slag ging. Wat ging er mis?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden