Opinie

Opinie: De reclameklus waardoor ik mijn ziel (bijna) aan de duivel verkocht

Laat in deze klimaatcrisis niet alle moreel lastige keuzen over aan het individu, betoogt Aren van Muijen. Want we hebben allemaal wel eens last van cognitieve dissonantie.

Test van Range Rovers bij Heerewaarden. Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant
Test van Range Rovers bij Heerewaarden.Beeld Marcel van den Bergh / de Volkskrant

Afgelopen maand viel ik met mijn neus in de boter: de hoofdrol in een commercial van de nieuwe elektrische Range Rover. Tweeënhalve week naar Spanje, een chique terreinwagen, adembenemende landschappen, van die mysterieus romantische bergwegen uit autoreclames die normaal onvindbaar zijn, een gezellige filmcrew, spannende collega-acteurs en -actrices en, om het feest compleet te maken, een half jaarsalaris. Wat een ongelooflijke klus!

En wist ik wel zeker dat het om een elektrisch model ging? Ja toch, dat kon gewoon niet anders. Het is 2021. In navolging van Tesla weten de andere grote merken niet hoe snel ze moeten elektrificeren, reclameblokken zitten vol met spotjes over nieuwe uitstootvrije modellen, benzine en diesel zijn al bijna het nieuwe roken.

Jaren geleden schreef ik me in bij een castingbureau. Sindsdien krijg ik af en toe een bescheiden rolletje in een commercial of tv-serie. Stofzuigers, terrasbeits, dat werk. Leuk, zeker, maar nooit iets groots en meeslepends. En nu dit: de lancering van de nieuwe Range Rover L460-lijn. Een groot project voor een grootse auto. Kent u ze? Potsierlijke gevaarten, vooral in de binnenstad, maar stiekem maken ze toch indruk. De terreinwagen die gesoigneerde selfmade mannen door modderpoelen loodst die ze nooit tegenkomen. Een fossiele veelvraat, maar nu gelukkig dus ook elektrisch.

Klimaatdrammer

Dit laatste is belangrijk voor mij. Al mijn leven lang heb ik buikpijn over milieuschade. Eindeloos kan ik over klimaatverandering praten en probeer ik mensen te overtuigen van het dreigende gevaar. Of vrienden me echt een klimaatdrammer vinden weet ik niet, soms vrees ik van wel. Uiteraard probeer ik zelf zo bewust mogelijk te leven. Geen vlees, nauwelijks vliegen, de bekende dingen.

Ook mijn werkende leven staat grotendeels in het teken van klimaatverandering. Na oprichting van een zonnepanelenbedrijf en een debuut met een journalistieke klimaatroman, geef ik momenteel trainingen aan startende ‘sociaal en duurzaam ondernemers’. Ik weet dat iedere ton CO2-uitstoot het klimaatprobleem exponentieel verergert. Droogte, overstromingen, wegkwijnende biodiversiteit en een apocalyptische sociale ontwrichting.

Daarom heb ik met mezelf afgesproken: geen reclames voor hamburgers, niet voor dubieuze hardhouten tuinmeubelen en zeker niet voor fossiel aangedreven voertuigen. Word ik gevraagd voor een autoreclame, wat al geregeld gebeurd is, dan informeer ik altijd netjes: ‘Elektrisch? Of toch benzine?’

Elektrische variant

Ook deze keer vroeg ik het, al vroeg ik het pas toen ik al had toegezegd om mee te doen. ‘Want hé’, bleef ik mezelf wijsmaken, ‘dit móést wel over een elektrische variant gaan toch?’ Het antwoord liet even op zich wachten. Ondertussen was mijn hoofd al behoorlijk op hol geslagen. Cruisen door onherbergzaam gebied, strandfeestjes na iedere geslaagde take, grappige ontmoetingen en romances op verlate stranden. En dan dat salaris. Het was gewoon te mooi om waar te zijn.

Uiteindelijk liet Range Rover mijn castingbureau weten: ‘We are shooting several cars and they cover all ranges.’ Het bureau voegde daar zelf voor de zekerheid aan toe: ‘Dus ook plug-in hybride en elektrische modellen.’

Cognitieve dissonantie: het verbuigen of afzwakken van de feiten om het ongemakkelijke gevoel op te heffen dat ontstaat als overtuigingen en handelen niet met elkaar in lijn liggen. Dat proces begon bij mij inmiddels goed op gang te komen. Ik dacht: ‘Eén elektrisch model is al best aardig toch?’, ‘Range Rover heeft ook tijd nodig om te elektrificeren’ en ‘Wie kijkt er überhaupt nog naar reclames?’ Ondertussen had ik bedongen dat ik met de trein naar Barcelona zou gaan. Want: beter voor het milieu.

Het vage antwoord van mijn castingbureau zat me toch niet helemaal lekker. Alsnog ging ik zelf op onderzoek uit. Binnen een minuut vond ik alles wat ik eigenlijk niet wilde weten. Het merendeel van de glimmende wagens bleek te zijn uitgerust met enorme benzine- en dieselmotoren. Er zat inderdaad een plug-in hybride tussen, maar... géén elektrisch model. Ai, niet zo mooi natuurlijk. Gelukkig was er ook goed nieuws: in 2027 komt de eerste elektrische variant! Eigenlijk best snel, dacht ik meteen.

Zuinige dieselmotor

Nog maar kort geleden had ik me vreselijk opgewonden over iemand in mijn directe omgeving die een nieuwe auto met zuinige dieselmotor had gekocht. ‘Een overgangsauto’, noemde hij dat. Wat een gelul, dacht ik toen nog. Wie houdt hij nou eigenlijk voor de gek? Nu was ik ineens vergeten hoe kwaad ik me altijd maak over die dikke, vervuilende, patserige terreinwagens.

Hoe dichter mijn vertrek naar Spanje naderde, hoe meer senang ik me voelde over mijn besluit. De hele dag dacht ik dingen als: ‘Kom op Aren, jij mag ook wel eens. Live a little! Je hebt al genoeg gedaan voor dat hele klimaat. Je hebt geeneens kinderen. Voor wie zou je dit nu eigenlijk helemaal laten? Laat eerst mensen met kinderen maar eens een beetje klimaatbewust worden. Het gaat per slot van rekening over hun toekomst, niet over die van mij. En ik ga met de trein. Dus al met al prima toch!’

Een paar dagen voor vertrek sprak ik af met vrienden. Tijdens het etentje vertelde ik enthousiast over het avontuur dat me te wachten stond. Ik verwachtte niet anders dan dat ze me zouden feliciteren, dat ze zouden zeggen: ‘Aren wat tof voor je. Wellicht ligt het niet helemaal in lijn met je idealen, maar kom op, we kleuren allemaal wel eens buiten de lijntjes.’

Cerebrale fuik

Zo reageerden mij vrienden, helaas, niet. Hun reactie stond diametraal tegenover wat ik verwachtte, tegenover wat ik misschien heel erg hoopte. Na een korte stilte schetsten ze me zonder mededogen de contouren van de cerebrale fuik waarin ik verstrikt was geraakt. Ze hielden me een spiegel voor, en dat beeld kon ik onmogelijk negeren.

Terugkijkend hadden de dagen erna iets aandoenlijks. Achter elkaar dreunde ik voor mezelf de argumenten op om wel naar Spanje te mogen gaan, waarom zo’n reclame heus niet zo dramatisch is en waarom ik dit verdiende. Maar hoe langer het duurde, hoe meer het fundament onder mijn argumentatie begon af te brokkelen. Ik ging inzien dat ik mezelf maar wat wijs maakte. Weer later realiseerde ik me dat mijn vrienden me hadden behoed voor jammerlijk gezichtsverlies en een levenslang knagend schuldgevoel. Daarna kwam zelfs opluchting. Uiteindelijk zegde ik bijna voldaan deze droomklus af.

Cognitieve dissonantie, iedereen worstelt ermee. Het is een subtiel mechanisme om je eigen leven, zonder schuldgevoel, zo leuk en aangenaam mogelijk te leven. Laat daarom niet alle moreel lastige keuzen over aan het individu. Je moet sterk in je schoenen staan (of eerlijke vrienden hebben) om de trein te pakken in plaats van het vliegtuig. De meeste mensen willen best duurzaam leven, maar bijna iedereen vindt excuses. Laat dus de overheid de regie nemen, gebaseerd op wetenschap, net zoals bij de coronapandemie. Fossiel ontmoedigen, duurzaam aanjagen. Alleen de overheid, met soms wat hulp van Urgenda en de rechterlijke macht, kan de bakens wellicht nog voldoende verzetten. De tijd dringt.

Aren van Muijen is oprichter van de Zonnefabriek en auteur van klimaatroman ‘De Lobbyist’.

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden