OpinieEenzaamheid

Opinie: Complexiteit van eenzaamheid wordt wel degelijk erkend

Veel professionals en vrijwilligers die iets willen doen aan eenzaamheid, weten dat het hierbij draait om maatwerk. Zij beseffen dat hulp verder gaat dan samen een kopje koffie drinken. Filosoof Marjan Slob erkent dit onvoldoende, menen Anja Machielse en Theo van Tilburg. 

Koningin Máxima tijdens een werkbezoekt aan buurthuis Thuis in West. Met het project Samen Ouder in West wil het buurthuis eenzaamheid onder ouderen in de wijk tegengaan met steun van het Oranje Fonds.Beeld ANP

Marjan Slob schrijft in haar essay dat de opvatting over eenzaamheid die ten grondslag ligt aan het actieprogramma ‘Een tegen eenzaamheid’ van het ­ministerie van VWS grof en weinig subtiel is, terwijl eenzaamheid in feite een complex gevoel is. Het programma zou suggereren dat een kopje koffie, aangereikt door een vrijwilliger, de beste oplossing is.

Slob vindt dat professionals en vrijwilligers die hulp bieden aan mensen die eenzaam zijn, voorbijgaan aan de complexiteit van eenzaamheid. Deze voorstelling van zaken doet professionals en vrijwilligers tekort. Zij zetten zich op tal van manieren in om eenzaamheid in al zijn complexiteit bespreekbaar te maken en putten daarbij uit een ­uitgebreid repertoire van ondersteuningsvormen.

Slob schrijft terecht dat eenzaamheid een onvermijdelijk aspect van het menselijk leven is, dat de kleur aanneemt van een individu en vast zit aan de overtuigingen ervaringen en wensen van die persoon. Talloze onderzoeken laten zien hoe waar dit is. Eenzaamheid is complex en verschilt van persoon tot persoon.

Daarom vraagt het actieprogramma nadrukkelijk aandacht voor de specifieke ervaringen en behoeften van mensen die zich eenzaam voelen. In het ene geval gaat het om een gemis aan contact, en kan een vriendelijke vrijwilliger om koffie mee te drinken, een plezierig gevoel opleveren. Bij anderen gaat het om emotionele eenzaamheid, waar de diepe behoefte aan een meelevende gesprekspartner prevaleert; of het betreft existentiële eenzaamheid die verband houdt met levensvragen of vragen over zi-­geving. Dan kan aandacht voor iemands persoonlijke verhaal een mogelijkheid zijn het lijden te verlichten. Veel professionals en vrijwilligers die iets aan eenzaamheid willen doen, zijn zich bewust van deze verschillen. Ze weten dat eenzaamheid een uiterst persoonlijke ervaring is en proberen met hun hulp aan te sluiten bij die beleving.

Om inzicht te krijgen in de complexiteit van eenzaamheid zijn verschillende soorten onderzoek nodig: zowel filosofisch en conceptueel onderzoek naar de innerlijke ervaring van eenzaamheid als sociaalwetenschappelijk onderzoek naar de prevalentie van eenzaamheid en de effectiviteit van interventies.

Ook op dit punt slaat Slob de plank mis. Ze maakt een karikatuur van het onderzoek naar eenzaamheid als ze stelt dat sociale wetenschappers en beleidsmakers alleen maar willen observeren en tellen om de omvang van het probleem in kaart te brengen en het effect van interventies te meten. Ook vindt ze ‘doorsnee-eenzaamheidsonderzoek dat aan mensen zelf vraagt of ze zich eenzaam voelen’ armoedig. Als Slob onduidelijk vindt wat precies is onderzocht, zoals zij stelt, en het onderzoek ‘armoedig’ is, waarom haalt ze dan toch met instemming resultaten van dat type onderzoek aan?

Ze gaat bovendien voorbij aan het vele onderzoek naar subjectieve ervaringen van eenzaamheid, naar werkzame elementen van interventies, en de ervaren baat van interventies in de ogen van mensen die eenzaam zijn.

De aandacht die Slob vraagt voor de complexiteit van eenzaamheid is terecht. We moeten voorkomen dat álle mensen die zich eenzaam voelen over één kam worden geschoren en naar de koffiecorner of de kerstmaaltijd worden gesleept. Wij dringen dan ook aan op een gevarieerde aanpak van eenzaamheid die aansluit bij de verschillende vormen van eenzaamheid. Wij voelen ons met die boodschap gehoord door het actieprogramma ‘Een tegen eenzaamheid’.

Anja Machielse is hoogleraar humanisme en sociale weerbaarheid, Universiteit voor Humanistiek. Theo van Tilburg is hoogleraar sociologie en sociale gerontologie, Vrije Universiteit. Deze bijdrage is mede namens de leden van de adviescommissie van het VWS-programma ‘Een tegen eenzaamheid’.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden