Verslaggeverscolumn In Rotterdam

Op zoek naar sissers, fluiters, naroepers, achternalopers. Omdat ze strafbaar zijn

Lastige mannen aanpakken is knap lastig.

Een fluisterbericht bereikt de portofoon. Het komt van Dewi en Regina. De spotters hebben iets, en zijn nu in de achtervolging. We zoeken naar een rode capuchon ‘van Marokkaanse afkomst’. 

De portofoon geeft telkens andere plekken door, in de grote, stoere stad. Zere voeten. Geen capuchon in zicht.

De capuchon heeft een meisje om haar telefoonnummer gevraagd. Dat is wat de spotters weten. Een telefoonnummer vragen ‘staat niet op het lijstje’, zegt Miranda, ‘da’s lastig’. Maar ‘met z’n vieren een meisje aanspreken kan heel intimiderend zijn’.

Hopen dat Dewi daar undercover iets van meekreeg.

Een zaterdagavond serieus aan de slag tegen straatintimidatie. We zijn met veertien handhavers. We zoeken overtreders, het signalement is meestal ‘jongeman’ maar we sluiten niets uit, ook dames gaan wel eens over de schreef. We zoeken sissers, fluiters, naroepers, achternalopers. Omdat ze strafbaar zijn.

Lijnbaan bij nacht. Foto Toine Heijmans

De stad hangt vol met ‘lekkere tieten!’, ‘lekkere billen!’, lekkere teksten op posters die duidelijk maken dat het afgelopen is. Met pikpraat – dat woord hebben ze in de stad bedacht. Beter dan de ambtelijke definitie: ‘seksuele straatintimidatie’, zoals vervat in de Algemene Plaatselijke Verordening, art. 2:1a.

De stad knettert. Testosteron spuit uit de pijpen van snelle seriewagens; hoog in de toeren trekken ze op van verkeerslicht naar verkeerslicht, de jongens ver achterover in hun racekuipen, loerend naar contact. Hun hoofden krap boven de raamstijlen uit – ze leven de muziekvideo’s na die dampen van seks en gemakkelijke omgangsvormen.

In koppels trekken we door de rechthoeken van het centrum. Vier in burger: de spotters. Vier op de fiets: de bikers. Zes jeugdhandhavers te voet. Ze zijn hiervoor getraind. Ze mogen fouilleren en hebben handboeien, maar dragen geen wapens. Voor steekwerende vesten geldt een ‘dringend draagadvies’. Handhavers zijn geen politie, al naderen de beroepsgroepen elkaar steeds dichter.

84 procent van de Rotterdamse vrouwen krijgt te maken met ‘fluiten, sissen, naroepen, beledigen, om seks vragen, achternalopen, in het nauw drijven’, blijkt uit onderzoek. Daar gaan ze wat aan doen.

Er zijn drie mogelijkheden, zegt Miranda van de Peppel, de teamleider. We doen niks, we geven een waarschuwing en zetten ’m in het systeem, of we zeggen een proces-verbaal aan. Blijft ingewikkeld dat het menselijke communicatie betreft. Wildplassen is wildplassen, ‘maar wat’, zegt ze, ‘doen we met een bouwvakker die naar een meisje fluit?’

Miranda werkte lang als hoofdagent en in zedenzaken, ze heeft een neus voor menselijk gedrag. De reactie van het slachtoffer is belangrijk, zegt ze: een lichaamshouding die verandert, een gesmoorde vloek. Ook dat is niet eenvoudig vast te stellen. ‘Maar uiteindelijk is het grote doel dat het minder wordt.’

Dewi en Regina undercover in de achtervolging, wij lopen ongezien mee aan de overkant van de Coolsingel. Vier jongens. Ze lijken me meer mannen. ‘Het is verstandig’, zegt Miranda, en ze zet de pas erin, ‘dit soort even uit de anonimiteit te trekken’.

Regina lurkt aan een milkshake, Dewi’s jas bolt op van de apparatuur. Leuke meiden. De wethouder, Joost Eerdmans, had het over ‘lokboa’s’ maar dat zijn ze natuurlijk niet. Undercover opereren is al lastig genoeg. Ook daar wordt wel eens te gemakkelijk over gedacht.

Foto Toine Heijmans

Het valt niet mee om pikpraat te bewijzen, zegt Regina. ‘Je moet overal tegelijk zijn met je hoofd.’ De spotters proberen dicht bij misdragers te komen, luisteren mee – daarna schakelen ze de uniformen in.  Het geeft de avond een serieuze spanning.

De jongens/mannen zijn snel. We lopen onze zolen dun. De stad is groot, ook voor veertien mensen. Het portofoonverkeer hapert. Als we het goed horen, houden bikers Hicham en Erhan het groepje staande voor een goed gesprek.

Kort daarop zijn ze weer verdwenen. We konden niet anders, zegt Hicham: ‘Ze zeiden dat ze niets hadden gedaan. We hebben allemaal kinderen, zeiden ze, we gaan geen meisjes aanspreken, we zijn allemaal getrouwd.’

Het waren best wel oude mannen ook, zegt hij: een jaar of veertig.

Bijna alle jongens die hij aanspreekt ontkennen, zegt biker Ferdi later. In het donker van de stad is de scheidslijn dun tussen flirten en intimideren - dat weten die jongens ook. Maar hopelijk maakt het ze bewust, ‘ons grote doel is dat iedereen veilig over straat kan.’

Balans opmaken van de avond: een man onwel. Een Scooter zonder contactslot. Een beveiliger van de Jumbo geholpen met een winkeldief. Alles zeer nuttig.

Niemand op de bon voor pikpraat.

Miranda zegt: ‘De druk om verbalen uit te schrijven is best groot, die voelen we wel. Maar we kunnen moeilijk van alles binnenhalen dat geen stand houdt bij de rechter.’

Foto Toine Heijmans