Column Laura van der Haar

Op een chic kinderfeestje zijn ouders er helemaal senang mee dat hun kinderen worden weggevoerd door de politie

Ik ben op een chic kinderfeestje waar de kinderen duidelijk een excuus zijn om de bijbehorende ouders gezamenlijk aan de drank te krijgen. Naast wijnkoelers, bier en wodka-tonic zijn er kipspiesjes en visspiesjes. Op de houten buitentafels staan waterreservoirs met komkommer, munt en citroen. Er is hete pindasaus. Wortelsalade. Bakken vol Festini-aardbei. Kinderen maken salto’s op de trampoline en op het gras dreutelen kindjes die nog te klein zijn om te springen zonder dat er moeders gaan krijsen. Een jongetje trekt zijn broek omlaag en piest in de zandbak. ‘Ruif!’ roept zijn moeder. ‘Wat doe je?!’ Ruif krijgt zijn broek niet goed omhoog en moet janken.

Het grote grasveld eindigt bij een oever dichtbegroeid met riet. De hond van de jongen met het knotje gaat uitgebreid in het gras naast die rietkraag zitten kakken. Knotbaas kijkt vlug weg en is ineens heel druk zijn kind aan het zoeken. ‘Mia!’ Mia zit schuin achter hem in het gras, de hele tijd al.

Op straat rijdt stapvoets een politiewagen voorbij.

‘In zo’n wijk als deze?’

‘Ja, patrouille,’ zegt de villabewoonster tegen niemand in het bijzonder. ‘Die rijden hier dagelijks een rondje. Hoi Wim!’ Ze zwaait opgetogen naar de agent, die vier vingers optilt maar de rest van zijn hand en arm in het portier laat liggen. De kindjes zwermen naar de wagen en versperren hem de weg, het trekt dicht met kinderen rondom de auto. ‘De sirene!’ roept er eentje. ‘De sireeeeeeeene!’ roepen algauw alle kleintjes, en de agent honkt twee keer kort en hard. De zwaailichten maken een slag in de rondte en het blauw trekt in slowmotion over het zachtgele baksteen van de villavoorgevel.

‘Kom maar dan,’ zegt de agent, en een toegesnelde moeder zwaait meteen hebberig het achterportier open om haar kind er als eerste in te proppen.

‘Rustig Ruif, ook de andere kindjes een plekje geven.’

De achterbank is ontworpen voor twee wetsovertreders, die blijkbaar gelijkstaan aan vijf peuterachtigen. Als de wagen stapvoets wegrijdt roept een van de kindjes ‘MAMA’ door de luidspreker. De barbecuegasten lachen, lachen, iemand pinkt een traan weg. De mama. ‘Poeeeeeeeeep!!!!’ roept het volgende kindje als startsein. ‘Groeten uit de Strontstraat! Je bent zelf poep! Poeeeeehoeeeeeehoeeeep!’ Poeptoeterend slaan ze de hoek om.

Zodra de wagen uit zicht is draaien de ouders weer naar elkaar toe, tinkelen tumblers tegen elkaar, vervolgen hun gesprek en zijn er blijkbaar helemaal senang mee dat hun kinderen foetsie zijn. Het perfecte begin voor een thriller, denk ik onwillekeurig, en net als ik met mijn komkommerwater iets te opgewekt sta te fantaseren over compositietekeningen en afzetlint en helikopters honkt de sirene alweer aan het eind van de straat. Alle kinderen rollen ongedeerd de auto uit. Ik zou bíjna zeggen: helaas.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden