Opinie op de zeepkist

Op de zeepkist: ‘Geef ieder kind een stem in het kringgesprek’

Op de zeepkist: vmbo docent Abbie Chalgoum.

Abbie Chalgoum (40) werkt op het VMBO, daar ziet hij nog steeds de verschillen tussen arm en rijk. Beeld Eva Faché

Wie: Abbie Chalgoum (40), docent op het vmbo.

Probleem: Het kringgesprek op de basisschool vergroot in de huidige vorm de tegenstelling tussen arm en rijk.

Oplossing: Verplaats je als docent in het kind en bereid het kringgesprek goed voor, zodat het verhaal van ieder kind tot zijn recht komt.

‘Een op de vijf leraren is gestopt met het kringgesprek op de basisschool, bleek deze week uit een enquête onder zevenhonderd basisschoolleraren. Het zou te pijnlijk zijn om na het weekend en de schoolvakantie te horen dat kinderen uit arme gezinnen niets hadden gedaan. En pijnlijk is het inderdaad; dat is ook mijn ervaring uit mijn eigen basisschooltijd.

‘Mijn vrees voor de maandagochtend begon in de kleuterklas van de basisschool. Dan mocht ieder kind vertellen hoe het weekend was geweest. Ik hoorde van mijn leeftijdgenoten de verhalen over uitjes naar een restaurant, naar de dierentuin, naar een pretpark of naar opa en oma. Mijn verhaal was iedere maandag hetzelfde: ik had buiten gespeeld.

‘We waren met zeven kinderen thuis, mijn vader werkte dubbele diensten in een sanitairfabriek in Venlo, mijn moeder was huisvrouw. Als er al iets over was, stuurden mijn ouders dat naar de achtergebleven familie in Marokko. Uitgaan deden we niet, daar was geen geld voor; we hadden bovendien geen auto.

‘Soms verzon ik maar wat in de kring. Dan blufte ik dat we naar de Efteling waren geweest en diste ik een verhaal op over hoe lang de nek van die man wel niet was, dat ik over de kop was gegaan in de achtbaan en dat we lang gereden hadden. Maar uiteindelijk viel ik door de mand als mijn klasgenoten doorvroegen. Dan kon ik niet beschrijven hoe de Fata Morgana eruitzag en wist ik niets van ‘papier hier’.

‘Mijn uiterlijk onderstreepte dat er bij mij thuis weinig geld was. Ook kleine kinderen zien het meteen als je Nikes eigenlijk van de Bristol komen en je kleding eerst al door je oudere broer is afgedragen. ‘Schooier, zwerver’, riepen ze dan. ‘Jullie hebben niks, jullie gaan nergens naartoe.’ Als je geen verhaal hebt dat aansluit bij de rest, dan gaan ze je toch zien als die ander. Kinderen zijn daarin keihard.

‘Toch ben ik ertegen om te stoppen met die kringgesprekken. Het is goed om je verhaal te kunnen doen, dat kinderen leren van elkaars avonturen en dat je leert vertellen. Maar er is nu bij docenten nog te vaak een blinde vlek voor wat het betekent om arm te zijn.

‘Daarom pleit ik voor een empathischere insteek: verplaats je als docent in het kind dat het niet breed heeft. Vraag jezelf af: wat is voor hem of haar wél leuk om te delen in de kring. Wij moesten altijd allemaal iets vertellen. Dan hoor je al snel of een kind arm is of niet. Maar als je het laat afhangen van ‘wie er iets leuks heeft meegemaakt’, zul je vaak dezelfde kinderen horen. Houd het dus op twee of drie kinderen per keer en geef ieder kind evenveel gesprekstijd en aandacht.

‘Door na te denken over de timing, door goed te bedenken wanneer je welk kind een vertelbeurt geeft – ik had bijvoorbeeld na het Suikerfeest vaak leuke verhalen over bergen zoetigheid en bezoek – kun je ieder kind tot zijn recht laten komen. Dan blijf je weg van de wekelijkse vergelijking van wat de een wel heeft en de ander niet. Dat vergt wat voorbereiding van de docent, maar zo zorg je dat ieder kind – ook als het geen stoere verhalen heeft over de Efteling of over de dierentuin – in het zonnetje wordt gezet.’

Dit was de laatste aflevering van deze rubriek.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden