Column Rob van Essen

Op de kermis van Brussel wordt op perverse manier recht gedaan

‘Zullen we gaan wandelen op de Foor?’, vraagt ze op een avond. Ze woont vlakbij de Kleine Ring die het centrum van Brussel omsluit en elk jaar wordt op de brede middenberm van die rondweg de Zuidfoor gehouden. Ruim een maand lang loopt van de Hallepoort tot de Anderlechtsepoort een tijdelijke kermisstraat van een paar kilometer lengte.

We zijn niet de enigen, heel Brussel is er, in al zijn geledingen. We werken ons door de massa, alle zintuigen worden aangevallen. Lichten knipperen, muziek dreunt, standhouders tateren in microfoons om publiek te trekken. Ook boven ons gebeurt van alles: in gigantische apparaten worden vastgesnoerde kermisgangers met grote snelheid heen en weer gezwiept, op en neer geslingerd en gecentrifugeerd. Het gegil draagt stratenver.

Ook de Foor zelf reikt verder dan de middenberm van de Kleine Ring. Sommige attracties zijn zo groot dat je ze vanuit het centrum kunt zien. Als je bij de Beurs de Anspachlaan af kijkt, zie je in de verte een onwerkelijk lange stalen zwiep-arm waarin kluitjes mensen zitten, hun slappe beentjes buitenboord. Op een avond zijn we te gast bij een barbecue in een achtertuin. Opeens komt boven de huizen een zwaaiarm omhoog, gevuld met mensen die razendsnel voorbij schieten, achtervolgd door hun eigen geschreeuw.

Of je al dat geweld nu van veraf ziet of van zo dichtbij dat je het scherpe gezoef van de slinger- en zwaaiarmen kunt horen en de neiging krijgt te bukken als er weer eentje over je heen schiet – het is niet moeilijk om je voor te stellen dat al die gillende mensen zich niet vrijwillig hebben aangemeld, maar dat dit een perverse manier is waarop recht wordt gedaan. Deze attracties zijn machines die straffen voltrekken. De veroordeelden overhandigen geen geld aan de mannen bij de kassa, maar briefjes waarop hun vonnis staat. En nadat het briefje is ingenomen, worden ze verder geleid en ingesnoerd waarna de machine start en het voorgeschreven aantal minuten moet worden overleefd.

De felle kleuren van de apparaten, de hectisch knipperende lampjes en de harde muziek voorzien de strafvoltrekking van een achteloos sarcasme. Dit is de manier waarop de machthebbers de spot drijven met hun onderdanen. Het is de kermisversie van Kafka’s In de strafkolonie, het verhaal waarin een gruwelijke machine vonnissen tatoeëert op de rug van veroordeelden, tot de dood erop volgt.

Al deze associaties komen natuurlijk alleen maar bij me op omdat ik me voor geen goud in een van deze attracties zou laten insnoeren. Zij is lichtelijk teleurgesteld. ‘Het reuzenrad dan?’ Ik schud mijn hoofd, ik heb toch niets misdaan? Maar helemaal schuldloos is niemand, ik voel hete naaldjes in mijn rug en ben benieuwd naar de tekst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2019 de Persgroep Nederland B.V. - alle rechten voorbehouden