ColumnBor Beekman

Ook cinéma vérité hoeft niet altijd waar te zijn

Scène uit Bloody Nose, Empty Pockets, de ideale Idfa-film voor iedereen die weleens in een vage bar is blijven hangen. ‘Slecht nieuws, dude’, zegt de barman met ZZ Top-baard, als hij de kroegtelefoon ophangt. ‘Het schijnt dat je op je werk wordt verwacht.’

Ira, de aangesproken vaste klant aan de overzijde van de bar, slierten haar in een geïmproviseerd staartje gebonden, tuurt uit z’n benevelde ogen en mompelt geïrriteerd: ‘Waar werk ik dan?’

Op de achtergrond beweegt Vietnamveteraan Bruce voorbij, roestig dansend op Michael Jacksons Wanna Be Startin’ Somethin’. Hier, in een sleetse buurtkroeg in Las Vegas, bevindt de clientèle zich rond het middaguur al in kennelijke staat. Het is een bijzondere dag, en straks ook nacht: de bar sluit, voorgoed. Dus iedereen valt nog even binnen. De dakloze ex-acteur, de kleinschalige drugsdealer, de travestiet en de zestiger die met wat glazen op graag haar borsten toont.

‘In deze ode aan de typisch Amerikaanse dive bar hanteren de makers de stilistische kenmerken van cinéma vérité’, meldt de omschrijving van Bloody Nose, Empty Pockets op de Idfa-website, ‘om een ervaring te verbeelden die tijd, plaats en werkelijkheid overstijgt.’ 

Slim opgeschreven. Er had ook kunnen staan: wat u gaat zien is niet echt. Toen Bill en Turner Ross hun bejubelde film eerder dit jaar inzonden voor het Sundance Film Festival, werd die tot hun verbazing opgenomen in de non-fictiesectie. De filmende broers hadden een bar afgehuurd in New Orleans en twee dozijn karakteristieke bartypes verzameld uit de directe omgeving. De opdracht aan de amateurcast: wees jezelf, maar óók vaste klant van een fictieve bar in Las Vegas. De opnamen vonden plaats zonder script of verdere instructies, en met de nodige drank.

Bloody Nose, Empty Pockets, nu te zien in veertig zalen in het land, sluit aan bij de discussie die al wordt gevoerd sinds de geënsceneerde oer-documentaire Nanook van het noorden uit 1922: in welke mate mag de gefilmde werkelijkheid worden opgerekt, als je nog van ‘documentaire’ wilt spreken?

Jos de Putter werd ooit onder vuur genomen door zijn collega’s, toen bleek dat hij een rookmachine had ingezet om zijn documentaire over het boerenbedrijf van zijn ouders (Het is een schone dag geweest) van mistflarden te voorzien. Dat mocht toch niet?

Werner Herzog rekende jaren terug al af met de zogenaamde cinéma vérité. Die filmers waren uit op de ‘waarheden van accountants’. Documentaires, vond de cineast, verbeelden een ‘extatische waarheid’ – en die mocht je best wat kneden.

Dat er nog altijd grenzen bestaan, ondervond de BBC met Frozen Planet. Toen bleek dat de jongende moederijsbeer uit de natuurserie gewoon in Ouwehands Dierenpark te Rhenen woonde, voelden kijkers zich belazerd.

Ook het zien van Bloody Nose, Empty Pockets kan vragen oproepen. Zoals: is het wel ethisch om die cafégasten zo laveloos de nacht (of ochtend) in te sturen? Wel, om de hoek van de bar stonden busjes klaar met vers gesmeerde broodjes en nuchtere chauffeurs. Alle alcoholisten zijn veilig thuisgebracht.

Wekelijks neemt Bor Beekman, Robert van Gijssel, Merlijn Kerkhof, Anna van Leeuwen of Herien Wensink stelling in de wereld van film, ­muziek, theater of beeldende kunst.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden