verslaggeverscolumnMarjon Bolwijn in den haag

Ondernemer in Den Haag vraagt zich af waarom niet meer bedrijven daklozen in hun kantoor laten slapen

.Beeld .

De dakloze Ab (31) slaapt al twee jaar in het kantoor van Monique Pouw in het centrum van Den Haag. Op een bedbank in de loungehoek. Tijdens een vakantie met vrienden in de Marokkaanse stad Tanger komt de ondernemer op het idee.

Ik ontmoet gastvrouw en logé op de dag dat de gemeente Heerlen duidelijk maakt niets te willen weten van het plan van de hofstad om haar daklozen een verhuiskostenvergoeding te geven, als zij woonruimte vinden in ‘krimpgebieden’. Net als andere steden heeft Den Haag grote moeite het toenemend aantal daklozen onder te brengen in de nacht. Het gebrek aan betaalbare huurwoningen in de Randstad belemmert de doorstroom.

Monique Pouw (47) is voor meer ruimhartigheid, ook van burgers. Waarom daklozen op stapelbedden in slaapzalen proppen als duizenden vierkante meters aan kantoorruimte er ’s nachts verlaten bij liggen? Woensdag houdt ze een Tedx-talk over haar initiatief, ter inspiratie.

Monique in Abs slaaphoek.Beeld RV

In de vakantiewoning in Tanger ligt een briefje op tafel: ‘Willen jullie de man die in onze portiek slaapt met rust laten? Hij hoort bij ons.’ Nu moet ik ook eens mijn maatschappelijke verantwoordelijkheid nemen, denkt Monique. Er verstrijken nog twee jaar van goede voornemens eer ze op een ijskoude februariochtend, gesteund door haar drie collega’s, de telefoon pakt en hulpinstanties belt: in de nacht kan wel iemand in het kantoor van mijn marketingbureau slapen. Liefst een ‘aangepast’ persoon.

Het duurt twee maanden, de kou is inmiddels uit de lucht, eer Ab op de stoep staat. ‘Je had een winkelhaak in je broek’, zegt Monique plagend tegen de logé, die wat gespannen tegenover haar zit achterin de diepe kantoorruimte. Hij is bij die eerste ontmoeting al drie jaar dakloos. Ab wil niet meer kwijt dan dat een ‘kafkaëske bureaucratische’ mallemolen hem in deze situatie heeft gebracht. Monique kijkt hem in de ogen en besluit Ab haar vertrouwen te geven, plus de sleutel van de voordeur. Van 8 tot 8 en in de weekends is het pand zijn domein. Ze wil nog iets zeggen als: ‘Haal na gebruik een borstel door de plee’, maar houdt zich in. ‘Zo bevoogdend praat ik ook niet tegen een klant.’

Het kantoor.Beeld RV

Alleen de bovenbuurman licht ze in over ‘een logé’. In de hoek van de keuken staat een tas met beddengoed, die Monique wekelijks zal verschonen.

De eerste ochtend na de sleuteloverdracht is spannend. Zou hij zijn vertrokken, en de boel een beetje netjes hebben achtergelaten? Er is geen spoor van Ab te bekennen. Het beddengoed zit netjes opgevouwen in de tas.

Ab: ‘Ik gedraag mij netter dan ik gewend ben. Ik wil jouw generositeit niet verpesten.’

Monique: ‘Waarom drink je de biertjes die we voor jou in de koelkast zetten niet op?’

Ab: ‘Ik moet gefocused blijven om mijn problemen op te lossen. Drinken is dan niet verstandig.’

Eindelijk heeft hij privacy en een plek om tot rust te komen, vertelt de zachtmoedig ogende dertiger met zijn donkerbruine ogen. Elke nacht slapen tussen tweehonderd daklozen, van wie een groot deel met psychische problemen en een verslaving, zorgt voor veel stress bovenop een toch al onzeker bestaan. ‘Zo’n plek haalt je naar beneden. Deze vaste slaapplaats heeft mij weer energie en nieuwe moed gegeven.’

Monique: ‘Weet je dat de man van de zalmrokerij verderop mij een keer kwam vertellen dat hij in de vroege ochtend een man de ramen zag zemen? Was jij dat?’

Ab lacht: ‘Ja, klopt.’

Briefjeswisseling Ab en Monique.Beeld RV

Regelmatig treffen de kantoorgenoten in de ochtend zelfgebakken zoetigheid aan. En zo ontstaat een briefjeswisseling vol bedankjes. Na een paar maanden zet Monique een ladenkastje voor hem neer en vindt ze het tijd worden voor een bak koffie.

Monique: ‘Heb je het kastje ooit gebruikt? We hebben er nooit in durven kijken.’

Ab trekt de laatjes open: telefoonoortjes, deodorant, een joggingbroek, tandpasta en een tandenborstel.

Tijdens zo’n bak koffie hoort Monique dat Ab per dag 25 kilometer aflegt, op en neer lopend naar zijn vrijwilligerswerk bij een stichting die activiteiten organiseert voor Hagenaren in de knel. Hij leeft van de cadeaubon van 30 euro die hij daar wekelijks voor krijgt. Regelmatig wordt hij bij Hagenaren thuis uitgenodigd voor het avondeten. ‘In vijf jaar dakloosheid heb ik alleen maar aardige mensen ontmoet.’

Hij heeft goede hoop over een paar maanden verlost te zijn van zijn problemen en geen kantoorslaper meer te hoeven zijn. Monique wil dan een ‘nieuwe’ dakloze zijn plaats geven. ‘Ik heb hiervan geleerd dat als je iemand je vertrouwen geeft, hij zich ernaar gedraagt.’


Ik vraag hoe ze hun relatie typeren. Monique: ‘Nu hoort Ab bij onze kantoorfamilie. Als hij vertrekt zijn we vrienden.’

LEES OOK:

Twist over daklozenhulp: dumpt Den Haag sociale problemen bij armere regio’s?
De gemeente Den Haag geeft daklozen financiële ondersteuning als ze willen verhuizen naar een andere gemeente, bijvoorbeeld een krimpregio. Volgens enkele krimpgemeenten, zoals Heerlen en Delfzijl, gooit het rijke Den Haag zijn daklozen bij arme gemeenten ‘over de schutting’.

Door gebrek aan woningen en geld zijn gemeenten niet meer in staat dakloosheid te bestrijden
Door een toenemend gebrek aan woningen en geld voor begeleiding zijn de grote gemeenten niet meer in staat de dakloosheid effectief te bestrijden. In onder meer Amsterdam, Utrecht en Nijmegen barst de nachtopvang uit haar voegen. ‘De hele keten is vastgelopen’, waarschuwt een Utrechtse wethouder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden