ColumnMerel van Vroonhoven

Omgekeerd mentorschap is heel effectief om nieuwe dingen te leren

Het is vroeg in de ochtend, ik loop te ijsberen door het huis. Vandaag is een speciale dag. Het is de dag dat de instituutsopleider mijn les komt beoordelen. De instituutsopleider is een leraar die is opgeleid en aangesteld door de Pabo om een eindoordeel te geven over je eerste praktijkperiode als leraar in opleiding. Best belangrijk dus.

Klamme handen, een voortdurende onrust in mijn lijf. ‘Check, check dubbelcheck, heb ik alles bij me? Heb ik mijn les echt wel voldoende voorbereid?’ De twijfel slaat toe.

Het is alweer vijf maanden geleden, dat ik in het diepe sprong. Mijn werkomgeving veranderde compleet. Van ‘baas’ werd ik ‘stagiaire’, van ‘leraar’ werd ik ‘leerling’. Van iemand bij wie jongere collega’s altijd aanklopten voor raad en daad, werd ik degene die bij hén aanklopt. Het is misschien een van de dingen die ik me van tevoren het minst had gerealiseerd, dat mijn belangrijkste leermeesters 16 tot 40 jaar jonger zijn dan ik.

Je kwetsbaar opstellen en accepteren dat je iets nog niet kunt, is niet altijd even makkelijk. Maar je kwetsbaar opstellen als je ‘meester’ zoveel jonger is, is nog lastiger. Vreemd eigenlijk, want omgekeerd mentorschap – je laten coachen door iemand die veel jonger is dan jijzelf – is juist heel effectief om nieuwe dingen te leren. Verrijkend voor jong en oud. Bedrijven doen het steeds vaker, ook kunstenaars. Als zij-instromer heb ik afgelopen maanden de kracht van omgekeerd mentorschap ervaren. Door mijn 26 10-jarige coaches uit groep zeven, die me elke les weer een spiegel voorhouden. Door mijn 16 jaar jongere mentor Seval, die als ervaren leerkracht me de kneepjes van het vak leert. Die me zonder enige aarzeling tips geeft over hoe ik dat ene kind met een taalachterstand net beter kan helpen, orde kan bewaren als de kinderen onrustig zijn en een pakkende introductie kan geven die beklijft. En door al die andere jonge, bevlogen leraren op mijn school bij wie ik altijd kan binnenlopen om een les te observeren en die me helpen bij het gebruik van moderne, digitale werkvormen in de klas.

Toch moest ik wel even slikken, toen ik via Google zag dat instituutsopleider Evy, een recentelijk afgestudeerde, piepjonge vrouw blijkt te zijn. Eerste helft 20, zo oud als mijn stiefdochter. Hoe kan zij mij beoordelen? Ik glimlach om mezelf. Ophouden met dat ouwevrouwengezeur.

Op school word ik zoals altijd hartelijk ontvangen. ‘Een spannende dag vandaag’, zegt Murad, de conciërge. Jos, de directeur, komt even langs en wenst me succes. De altijd enthousiaste gymleraar Achmed roept in het voorbijgaan: ‘Komt goed hoor!’ En Seval, mijn onvermoeibare mentor, schenkt een kopje thee voor me in: ‘Vertrouw op jezelf. Gewoon net als anders, doen wat je hebt geleerd. Je kunt het. Ik weet het zeker.’

De les verloopt voorspoedig. De kinderen doen enorm hun best en gedragen zich voorbeeldig. Na afloop heb ik een evaluatiegesprek met Evy. Ze heeft de les uiterst serieus en zorgvuldig geobserveerd. Ze geeft complimenten en ook een aantal concrete, bruikbare tips.

Als ik de kinderen bij terugkomst in de klas vertel dat ik een goede beoordeling heb gekregen, klinkt er spontaan een luid gejuich en een daverend applaus. Ik voel mijn wangen rood worden. Seval knipoogt naar me en lacht: ‘Oud geleerd is jong gedaan.’ Het is alsof we samen kampioen zijn geworden.

Tiende aflevering van de serie die Merel van Vroonhoven schrijft over haar overstap van topvrouw bij de Autoriteit Financiële Markten naar zij-instromer in het onderwijs. Lees hier de vorige aflevering.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden