ColumnDanka Stuijver

Omdenken in de zorg: van ‘ja, maar’ naar ‘ja en (nu)’

Danka StuijverBeeld D

Naast veel narigheid heeft de coronacrisis in de zorg ook vernieuwingen gebracht die voorheen onmogelijk leken, ziet huisarts Danka Stuijver. 

‘Als ik weer naar opa en oma mag, dan mag oma mij geen kusjes geven toch?’ Mijn zoon (4) kijkt mij ­verwachtingsvol aan. ‘Klopt schat’, antwoord ik. Een tevreden uitdrukking verschijnt op zijn gezicht. Ik ben trots op hem. Hij ziet een voordeel (geen vieze kusjes) in een nadelige situatie (het lang uitgestelde weerzien met opa en oma). Dit is omdenken op kleuterniveau.

Hoewel de maatregelen tegen het coronavirus op veel mensen een grote negatieve invloed hebben, biedt de crisis ook nieuwe perspectieven en kansen. De grondlegger van het ‘omdenken’, Berthold Gunster, beschrijft omdenken als een manier van denken en doen, waarbij je van een probleem een feit en van een feit een mogelijkheid maakt.

Zelfs in de gezondheidszorg, door creatieve denkers vaak bestempeld als log en lastig te veranderen, geldt dat de coronacrisis een ‘ja, maar’ weet om te buigen in een ‘ja en’. En dan blijkt dat zelfs in een lockdown deuren opengaan die voorheen gesloten bleven.

Elk jaar is er rond de griepgolf een nationaal beddentekort. Tienduizenden telefoontjes worden gepleegd door huisartsen en specialisten (in opleiding). Voor elke patiënt wordt weer tandenknarsend hetzelfde rijtje ziekenhuizen afgebeld want wellicht is er in de afgelopen uren toch ergens een bed vrijgekomen. Ik voel me dan net een huis-aan-huisverkoper. Leurend met een zieke patiënt. Smekend om een plekje in de herberg. En de patiënt wordt per kostbare ambulance van hot naar her gesleept.

Een voorbeeld: een te vroeg ­geboren tweeling waarbij het ene kind in Groningen en het andere in Amsterdam wordt opgenomen op de neonatale intensive care. Twee verse, maar nu al overspannen ouders die op en neer rijden met moeder half liggend op de achterbank nog herstellend van de rauwe wond van de keizersnede. ‘Hoe is het mogelijk dat we dit niet beter kunnen organiseren?’ dacht ik toen.

Nu, met de spotlight op het coronavirus, is er eindelijk een goed functionerend landelijk coördinatiepunt voor de verdeling van patiënten over de verschillende ziekenhuizen. Even geen marktwerking maar samenwerking. En dan zie je dat er een weg is waar een wil is.

Teleconsult

Al jaren probeert men te innoveren in de gezondheidszorg maar dit proces verloopt stroef. Er wordt eindeloos geagendeerd, gereflecteerd en geëvalueerd voordat ook maar iets nieuws wordt geïmplementeerd. Uiteraard speelt mee dat veiligheid en zorgvuldigheid bij patiëntenzorg zwaar wegen, maar er klinkt ook veel ‘ja maar’ bij zorgverleners die de hakken in het zand zetten uit angst voor het onbekende. Door corona blijkt dat een gezamenlijk gevoel van urgentie veel obstakels uit de weg haalt.

In een mum van tijd werden veilige kanalen gevonden om op afstand met een patiënt te communiceren. Vaak tot grote tevredenheid van alle partijen. In mum van tijd werden zorgverzekeraars en zorgverleners het eens over de bekostiging van deze contacten. Zoals Marcel Levi schetste in het blad Medisch Contact is het de hoop dat in de toekomst vele consulten worden omgezet in teleconsulten. Daardoor ontstaat tijd en ruimte voor het beoordelen van patiënten die ook daadwerkelijk een klinische beoordeling nodig hebben en kunnen we het nutteloze en kostbare zorg verslinden tegengaan.

‘Welvaartsziekten’

Uit onderzoek is gebleken dat de laagst opgeleide man in Nederland gemiddeld achttien jaar (!) korter in goede gezondheid leeft dan de hoogst opgeleide man. Oorzaken zijn armoede, slechte woon- en werkomstandigheden, discriminatie en een ongezonde leefstijl.

Juist mensen met een lage sociaal-economische status lijden vaker aan diabetes, hypertensie en overgewicht. Aandoeningen met de achterhaalde benaming ‘welvaartsziekten’, terwijl een slank en fit lijf tegenwoordig een symbool is geworden van welvaart en succes. En een ‘visitekaartje’ is op sociale media.

Een gezonde leefstijl is van ­levensbelang voor mens en maatschappij. Het beeld van patiënten met corona op de intensive care, bij wie bij 80 procent sprake is van overgewicht, lijkt te hebben geleid tot een nationale wake-upcall. Mensen willen hun leefstijl veranderen, maar moeten dan wel weten hoe.

Een patiënte zei eens tegen mij dat ze niet snapte dat ze zo zwaar was, want ze at nooit brood, alleen maar luchtige croissantjes. Het ontbrak bij haar niet aan goede wil. Wel aan inzicht en kennis. Het is dus een misvatting dat men inmiddels wel weet wat gezond is. Of dat roken of overgewicht tekenen zijn van zwakte of luiheid.

Van collega’s hoor ik dat ze moedeloos worden en het gesprek over leefstijlaanpassingen vaak niet eens meer aangaan. Zelfs niet bij rokende longkankerpatiënten die kans hebben op genezing. Wie is dan zwak of lui, vraag ik me af.

De coronacrisis heeft het ‘omdenken’ in de gezondheidszorg aangewakkerd. Het heeft geleid tot mooie en duurzame veranderingen, maar er is nog meer mogelijk. Mits we het ‘ja en’ denken durven vast te houden, of beter nog: ‘ja en NU!’

Danka Stijver is huisarts en in mei op zondagen gastcolumnist van volkskrant,nl/opinie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden