COLUMNSheila Sitalsing

Nu de boel weer half open gaat, is het de vraag van wie de straten en pleinen zijn

null Beeld

Donderdag moest ik naar het centrum van Den Haag. Hoe noodzakelijk die tocht was op de schaal van noodzakelijkheid durf ik niet te zeggen, want de premier zegt dan wel de hele tijd ‘alleen als het nodig is’ maar laat de precieze invulling daarvan aan ons over. Thuis waren we het snel eens: essentieel.

Het was er druk en grimmig. Door de Grote Marktstraat stroomde een rivier van mensen. Daar, in het grijze gebied van zoek-het-zelf-maar-met-elkaar-uit, liepen mensen die zich groepsgewijs breed maakten, anderen in de nek hijgden en uit hun loopbaan drukten. Tegen twee vrouwen die met elkaar in gesprek waren (luid, want ze hielden afstand) klaagde een oude man ‘Mondkapje! Je schreeuwt! Je spat!’ – hij schreeuwde erbij. In winkelopeningen stond personeel dat te moe was om nog vriendelijk te zijn een poging tot menigteregulering te doen. Een groep wilde met z’n vijven een winkelopening bestormen; er klonken afkeurende smakgeluiden en er was geïrriteerd gedraai met ogen toen ze werden gestopt.

De overheid deed weer eens niets.

In de podcast Wijsneuzen van dagblad Trouw vraagt Frits van Exter, journalist, aan Menno Hurenkamp, politicoloog, of de publieke ruimte nu van de grootste bekken is. Hurenkamp vermoedt van wel: ‘De anderhalvemeter-ego’s gaan heel veel plek innemen, en dat gaat ten koste van de mensen die zich aan de regels houden.’ Hurenkamp ziet ‘mensen die zich al zelfregulerend een schaarse plek in het openbaar vervoer toe-eigenen’.

Dat de openbare ruimte niet onvoorwaardelijk ‘van ons allemaal’ is, zoals blijmoedige planologen en beleidsmakers ons weleens willen doen geloven, weten wij vrouwen allang. We zijn allemaal weleens weggekeken, lastiggevallen of erger op straten en pleinen die verdomme ook van ons zijn. Waarna iemand ‘maar liefje, wat deed je daar op dat tijdstip en wat had je dan áán?’ vraagt.

Nu de boel weer half open gaat, is het de vraag van wie de straten en pleinen zijn. Niet ‘van ons allemaal’, nu iedereen op de tast moet zien uit te zoeken wat kan en wat niet kan, en de ene helft er nog niet uit durft, en de andere helft triomfantelijk zoveel mogelijk levensruimte koloniseert. In Barcelona gunnen ze elke groep een eigen tijdvak op straat: kinderen, sporters, bejaarden. Hier werd het ouderenuurtje van de supermarkten met enige hoon onthaald.

Op tv zag ik boze sportschoolhouders. Ze mogen nog niet open, Mark Rutte heeft hun scholen afgeschilderd als viezige holen vol rondspattend speeksel, en dat steekt begrijpelijkerwijs. Ze hebben Arie Boomsma als lobbyist. Hij beargumenteert dat de mensen in kroegen, die straks wél open mogen, ook zweten en ook speeksel laten rondvliegen. Hij zat met een andere sportschoolhouder bij Op1, die strijdlustig meedeelde ze ‘op 1 juni gewoon open’ gaat.

Ook een manier om je breed te maken, dacht ik verward. Gewoon ruimte grijpen waar een ander dat niet durft. Houd me maar tegen als je kan. Gelijk de mensen die zich door de Grote Marktstraat heen bulldozeren: blijf maar staan als je durft.

Vrijdagmiddag vroegen journalisten aan de premier of hij van plan is iets aan wildwesttaferelen in volle trams en op volle straten te doen. Nee, zei de premier. En hij draaide zijn liberale riedel af: het is hier geen politiestaat, dit is een volwassen land, we moeten het met z’n allen oplossen, ik ga daar niet bovenop zitten, ga toch lekker fietsen als de tram uitpuilt.

Het is een variant op ‘vecht je gewoon in’, een zinnetje dat wortelt in het geloof dat de samenleving er sterker van wordt als de mensen alles zelf regelen. Terwijl: dat vergt een mentaliteit die niet iedereen heeft. Een democratie is er ook om de minderheidsgroepen te beschermen tegen de grootste bek op straat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden