Gesprek van de dagNS-compensatie

‘NS zet vermoorde Joden nog steeds op een zijspoor’

De 5 miljoen euro die de NS doneert aan vier herinneringscentra toont een gebrek aan respect voor het leed dat de nazi-moord op Joden en Roma teweeg heeft gebracht, stelt Ronny Naftaniel. 

Herdenking in 2015 van de kindertransporten van juni 1943, toen bijna 1.300 Joodse kinderen vanuit Vught, via Westerbork, naar vernietigingskamp Sobibor zijn gedeporteerd en vermoord. Beeld ANP

Aan de sinds de Tweede Wereldoorlog getroebleerde relatie tussen de Joden en de Nederlandse Spoorwegen is afgelopen vrijdag een nieuw hoofdstuk toegevoegd. Bij monde van de voorzitter van de raad van bestuur, Roger van Boxtel, maakte het bedrijf toen bekend de medeverantwoordelijkheid voor de nazi-moord op 102 duizend Nederlandse Joden te willen afkopen met een bedrag van 5 miljoen euro. Dit wordt besteed aan vier herinneringscentra.

Vrijwel alle transporten van Nederlandse Joden en Roma naar de kampen Westerbork en Vught tijdens de Tweede Wereldoorlog en enkele directe transporten naar de concentratiekampen Mauthausen, Auschwitz en Theresienstadt zijn met behulp van de NS uitgevoerd. De Joden en Roma moesten die gedwongen reis zelf betalen. Bijna 102 duizend Nederlandse Joden en circa 300 Roma en Sinti werden vermoord, ongeveer 5.000 gedeporteerden keerden gebroken terug.

Wellicht wist de NS aanvankelijk niet welk lot de Joden en Roma wachtte. Maar toen tienduizenden bejaarden, 20 duizend kinderen, duizenden zwakzinnigen en invaliden, soms krijsend en gillend, de perrons op werden gedreven, moest men toch vermoed hebben dat het verrichten van ‘arbeid in het oosten’ een illusie was.

Staking

Waar trambestuurders en dokwerkers in Amsterdam in februari 1941 een staking uitriepen tegen het wegvoeren van de Joden en in april 1943 in België een trein met Joden werd overvallen, zweeg de NS in alle talen. President-directeur Willem Hupkes koos ervoor loyaal met de bezetters mee te werken in de hoop dat zijn spoorwegmannen en het materieel gespaard zouden blijven. Op last van de Nederlandse regering in ballingschap werd uiteindelijk op 17 september 1944 een algemene spoorwegstaking uitgeroepen. Hupkes dook onder, maar het overgrote deel van de Nederlandse Joden was toen al vermoord.

Het is aan het ijzeren doorzettingsvermogen van de oorlogsoverlevende Salo Muller en zijn advocaat Liesbeth Zegveld te danken dat de NS enkele jaren geleden er mee instemde een schadevergoeding te betalen voor zijn rol in de Tweede Wereldoorlog. Er werd een Commissie ingesteld onder leiding van Job Cohen, die adviseerde dat circa 5.000 nog levende Joodse oorlogsslachtoffers of hun kinderen een uitkering konden krijgen van 5.000 tot 15 duizend euro. In het totaal is hiermee een bedrag van zo’n 40 miljoen euro gemoeid. Daarnaast adviseerde de Commissie aan de NS een historisch onderzoek in te stellen en te overwegen om in ‘in samenspraak met de betrokken groeperingen tot een collectieve uiting van erkenning te komen van het leed en lot van de grote groep getransporteerde gevangen waarvoor geen aanspraak meer op de regeling kan worden gemaakt’.

Zonder die collectieve uiting van erkenning, zijn de individuele uitkeringen een slag in de lucht. Immers, het valt niet uit te leggen om de 5 procent overlevenden van de transporten een tegemoetkoming te geven en de 95 procent vermoorde Joden en Roma te negeren. Temeer omdat vervolgingsslachtoffers, die na de oorlog overleden zijn en geen kinderen hadden, buiten de regeling vallen, evenals broers, zusters en kleinkinderen.

Gebrek aan respect

De NS heeft afgelopen week gemeend de collectieve uiting van erkenning te moeten vertalen in een donatie van 5 miljoen aan de herinneringscentra van Westerbork, Vught, het Oranjehotel en kamp Amersfoort. Nobele doelen, maar met het verzachten van de problematiek waar oorlogsslachtoffers en hun kinderen mee kampen, heeft het weinig te maken. Het toont in feite een gebrek aan respect voor het leed dat de nazi-moord op 102 duizend mensen teweeg heeft gebracht, terwijl de verantwoordelijkheid van de NS voor hun lot bepaald niet minder is, dan voor het lot van het handjevol overlevenden. Dit is beschamend.

Het Centraal Joods Overleg, het Verbond Belangenbehartiging Vervolgingsslachtoffers en de World Jewish Restitution Organization, die samen de Nederlands-Joodse vervolgingsslachtoffers vertegenwoordigen, hadden na de aanbevelingen van de Commissie-Cohen bij de NS aangedrongen op overleg, zodat een respectvolle regeling bereikt kon worden. Die zou kunnen helpen om bijstand aan oorlogsslachtoffers te verlenen, de gedecimeerde Joodse gemeenschap te versterken en educatie over Joden te bevorderen. Bovendien zou het door de NS ter beschikking te stellen bedrag in proportie moeten zijn met de gezamenlijke uitkeringen aan individuele oorlogsslachtoffers. Uiteraard waren de Joodse organisaties daarbij niet blind voor de economische problemen waarmee de NS door de coronacrisis kampt, al ligt het niet aan de slachtoffers dat een materiële erkenning al 75 jaar achterwege blijft.

Dictaat

De NS-directie wees overleg af. Daarmee schond zij de aanbeveling van de Commissie-Cohen om ‘in samenspraak met de betrokken groeperingen’ tot een uiting van erkenning te komen. Afgelopen vrijdag zou er eindelijk toch een ontmoeting zijn, maar wat samenspraak had moeten worden, was in werkelijkheid een dictaat. De NS had eenzijdig de doelen en het bedrag bepaald. Zonder raadpleging van de Joodse gemeenschap.

Deze handelwijze past in een traditie. Toen op 17 september 1945 de NS voor het eerst de spoorwegstaking herdacht, werd er gezwegen over de omgekomen Joden. In 1964 vierde de NS het 125-jarig bestaan met een speciaal boek van 160 pagina’s. Hierin wordt de Tweede Wereldoorlog slechts eenmaal genoemd.

Bizar was ook de onthulling in Westerbork van het bekende beeld van kunstenaar Ralph Prins op 4 mei 1970, waaraan de NS had meegewerkt. De autoriteiten waren ‘vergeten’ de voormalige Joodse kampbewoners uit te nodigen, waardoor de ceremonie later nog eens overgedaan moest worden.

Er is weinig veranderd. Als het zo uitkomt, zet NS de vermoorde Joden nog steeds op een zijspoor.

Ronny Naftaniel, vice-voorzitter Centraal Joods Overleg.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2020 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden