Commentaar

Nood breekt wet, gericht diplomatiek offensief richting Ankara kan nu winst opleveren

De oorlog heeft prioriteiten veranderd. Het Westen zal Turkije, zonder daarbij te zwichten voor Erdogans chantagepolitiek, hier en daar tegemoet moeten komen.

Raoul du Pré
De presidenten Erdogan en Biden, oktober 2021 op de G20-top in Rome.  Beeld Reuters/Kevin Lamarque/File Photo
De presidenten Erdogan en Biden, oktober 2021 op de G20-top in Rome.Beeld Reuters/Kevin Lamarque/File Photo

Dat een oorlog de internationale verhoudingen in rap tempo op z’n kop zet, is sinds eind februari op vele fronten zichtbaar. Zie de westerse verhouding met Turkije. Nog niet zo lang geleden gold dat land als een snel groeiend veiligheidsrisico. Van het imago van de trouwe bewaker van de poort naar het Midden-Oosten was niet meer zoveel over nadat president Erdogan zich steeds minder aantrok van de Europese belangen, openlijk flirtte met Poetin en de Syrische president Assad, in Syrië ostentatief ging samenwerken met Moskou, en zelfs besloot tot de aanschaf van Russische luchtdoelrakketten; een ronduit provocatieve stap voor een Navo-land. In Europese hoofdsteden rees de vraag wat zo’n land eigenlijk nog in het bondgenootschap te zoeken had.

De oorlog heeft de prioriteiten veranderd. Liever een onberekenbaar Turkije aan westerse zijde dan in het kamp-Poetin. Erdogan zelf stelt zich minder offensief op jegens Rusland dan de rest van de Navo, maar blijft vooralsnog binnenboord.

Hoezeer Erdogan zich bewust is van zijn strategische machtspositie, blijkt uit zijn protest tegen het voorgenomen Fins-Zweeds Navo-lidmaatschap: een fikse streep door de rekening van het streven naar openlijke eensgezindheid. Deels zal dat verzet oprecht zijn: de Europese sympathie voor de Koerden ligt vanouds zeer gevoelig in Ankara. Het zou pas opzienbarend zijn als Erdogan nu géén punt zou maken van de Zweedse steun aan de Koerdische YPG-militie.

Waarschijnlijker is echter dat de oplossing voor dit probleem uiteindelijk ligt in het Navo-hoofdkwartier, een plek waar Turkije naar Erdogans overtuiging al jaren niet serieus genoeg wordt genomen; een indruk die wordt versterkt door de Amerikaanse weigering hem gevechtsvliegtuigen te verkopen en überhaupt een totaal gebrek aan aandacht van het Witte Huis voor de Turkse grieven.

Daar was tot voor kort ook alle reden toe, maar nood breekt wet. Met een gericht diplomatiek offensief richting Ankara is nu waarschijnlijk veel winst te behalen. Dat maakt Erdogan misschien wat groter dan Washington en Brussel eigenlijk wenselijk vinden, maar diplomaten schatten in dat hij vooral uit is op een deal die hij in eigen land kan verkopen. Zonder meteen helemaal door de knieën te gaan voor Erdogans chantagepolitiek, en mits Turkije aan z’n bondgenootschappelijke verplichtingen blijft voldoen, moet het mogelijk zijn hem hier en daar wat tegemoet te komen. Als daarmee een patstelling over de Navo-uitbreiding kan worden voorkomen, is het zeer de moeite waard.

In het Volkskrant Commentaar wordt het standpunt van de krant verwoord. Het komt tot stand na een discussie tussen de commentatoren en de hoofdredactie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden