Opinie

Nieuwsuur-journalist Jan Eikelboom: 'Media moeten ook tonen wat er goed gaat'

Doordat we elkaar niet meer kennen, missen we de context om het nieuws goed te kunnen plaatsen.

Jan Eikelboom is verslaggever voor Nieuwsuur. Foto 30149010A

Henk Kooiman is gepensioneerd bouwinspecteur. In zijn woonplaats Lekkerkerk is geen moskee, er wonen ook nauwelijks moslims. Toch is hij ervan overtuigd dat ze binnen afzienbare tijd in de meerderheid zullen zijn en de sharia zullen invoeren. Dan moet zijn vrouw verplicht een hoofddoekje om. Als ik hem vraag hoe hij daarbij komt - moslims vormen immers maar 5 procent van de bevolking - zegt hij: 'Maar waarom gaat het in de media dan 70 tot 80 procent van de tijd over de islam?'

In Nederland kennen we elkaar niet meer. De vraag is of de media, met hun focus op slecht nieuws, hier niet mede verantwoordelijk voor zijn. De afgelopen maanden reisde ik met collega Christel Voorn voor Nieuwsuur door het land om met burgers te praten over de stand van het land en de politiek. We trokken van voedselbank naar bejaardencentrum, van achterstandswijk naar hightechbedrijf. Van de ene naar de andere bubbel in dit door diepe kloven verdeelde land. Hoewel wij eigenlijk over de politiek wilden praten, ging het vaak al snel ook over de journalistiek. Arm en rijk, ondernemers en kerkgangers, jong en oud, ze maken zich niet alleen zorgen over toon en inhoud van het debat en de polarisatie. Vrijwel allemaal zien ze de journalistiek als deel van het probleem.

'Dan moet ik toch u aanspreken,' zegt de kerkganger in Hoogeveen als ik hem vraag waarom hij denkt dat er zo weinig begrip is voor vluchtelingen. Hij heeft zojuist uitgelegd dat de asielzoekers in zijn gemeente nauwelijks problemen veroorzaken en dat de aantallen vluchtelingen die naar Nederland komen 'een druppel' zijn in vergelijking met wat er in de regio wordt opgevangen. Dat perspectief heeft hij gemist in de pers. Een vrouw uit het chique Amsterdam-Zuid vertelt dat haar beeld van de multiculturele samenleving is veranderd sinds ze een koffietentje opende in het 'diverse' Amsterdam-Oost: 'Het is in het echt heel anders dan je op tv ziet.'

Dat de werkelijkheid anders is dan wat je op tv ziet, is niet zo vreemd. Nieuws is immers wat nieuw is, wat afwijkt van het gangbare, de uitzondering op de regel. En die uitzondering is meestal negatief. Volgens journalistiek gebruik is goed nieuws immers geen nieuws. Daar is niets mis mee, zolang het publiek de context kent. Als de tv beelden toont van een ontspoorde trein, begrijpt iedere kijker dat dit de uitzondering is en dat niet alle treinen ontsporen.

Maar als het publiek die context niet kent, gaat het mis. Als journalist die veel verslag doet vanuit het Midden-Oosten heb ik gezien hoe dat werkt. Doordat we onze camera's vooral op de ellende richten - de oorlogen, de doden, het extremisme - lijkt het voor de buitenwacht alsof die hele regio in brand staat en wordt bevolkt door extremisten. Maar in het overgrote deel van het Midden-Oosten wonen gewone mensen, die gewone levens leiden. Al op een paar honderd meter van de frontlijn zijn winkels open, gaan kinderen naar school en mensen naar hun werk.

Ooit filmde ik in Aleppo hoe de lijken uit de puinhopen van een kapot gebombardeerd huizenblok werden gehaald. De vogeltjesmarkt aan de overkant van de straat was in vol bedrijf. Maar dat lieten we niet zien. Goed nieuws is immers geen nieuws. Niet vreemd dus, dat veel toeristen na afloop van een vakantie in het Midden-Oosten verzuchten: het is zó anders dan ik dacht.

Dit probleem doet zich nu ook in Nederland voor. Arm en rijk, hoog- en laagopgeleid, moslim en niet-moslim: iedereen zit op zijn eigen eiland. We kennen elkaar niet meer en missen zo de context om het nieuws goed te kunnen plaatsen. Zo ontstaan makkelijk generalisaties die de polarisatie aanwakkeren. Niet alleen in Lekkerkerk. In Amsterdam Nieuw-West zegt een jonge moslima dat ze de provincie niet in durft, omdat ze niet weet hoe de mensen daar op haar zullen reageren: 'Ik voel me daar niet veilig'.

Ik geloof niet dat de traditionele media schuld dragen aan het ontstaan van vijandbeelden. De sociale media spelen daar een veel grotere rol in. Op Facebook en Twitter is iedere moslim al snel een terrorist en iedere PVV-stemmer een fascist. Toch moeten we ook de ogen niet sluiten voor onze eigen rol. Juist nu we elkaar niet meer kennen, zie ik een taak voor de journalistiek om bruggen te slaan tussen de kloven die de samenleving verdelen, door te laten zien hoe het er op al die eilandjes werkelijk aan toe gaat. Niet alleen focussen op de problemen, maar ook tonen wat er goed gaat. Zodat de burgers de context weer krijgen, zodat ze elkaar weer leren begrijpen. De goedwillenden zijn altijd in de meerderheid. Dat is weliswaar geen nieuws, maar zou het wel wat vaker mogen zijn.

Jan Eikelboom is verslaggever voor Nieuwsuur.

Meer over