Opinie

Nieuwe economische crisis is onvermijdelijk

Een economische recessie is niet af te wenden

Gepensioneerden wachten voor een filiaal van de Griekse centrale bank om een deel van hun pensioen te krijgen. Beeld epa

Binnen een jaar tuimelt de wereld in een economische recessie. Ik ben er bijna zeker van. Minder zeker zijn de politieke gevolgen. Na de crisis van 2009 bleef de politieke weerslag bescheiden. De concurrentie tussen de landen nam toe, maar ze bleven praten en wijdverbreid protectionisme werd vermeden. Dit sterkt optimisten in hun geloof dat een volgende crisis de onevenwichtigheid in de wereldeconomie zal wegwerken en het pad zal effenen voor nieuwe hoogtijdagen van de globalisering. Mij lijkt het aannemelijker dat een nieuwe crisis zal leiden tot een nog hardere machtspolitiek - economisch en militair.

Ik ben zo stellig in mijn voorspelling van een nieuwe recessie, omdat er veel nieuwe problemen zijn ontstaan, terwijl de kater van de vorige crisis nog niet verwerkt is. Dat geldt vooral voor China. Het overaanbod op de vastgoedmarkt in binnenlandse provincies is fenomenaal en ook de industrie blijft worstelen met overcapaciteit. De uitvoer van industriële goederen breekt het ene nieuwe record na het andere en toch zit 17 procent van de fabrieken in de rode cijfers. Het lage consumentenvertrouwen, de rusteloosheid op de Chinese beurzen en de steeds grotere kapitaalvlucht zijn allemaal indicaties dat de kans op ontsporing bijzonder groot aan het worden is.

Dat komt vooral doordat de groeivertraging in China de grondstoffenprijzen naar beneden jaagt. Dat is goed voor de consument, maar slecht voor Chinese mijnbouwbedrijven die voor ruim 200 miljard dollar alleen al in buitenlandse investeringen hebben uitstaan. Lage grondstoffenprijzen vertragen ook de groei in ontwikkelingslanden en dus ook de vraag naar Chinese goederen. Ook sterke industrielanden worden getroffen. De Duitse en de Japanse uitvoer naar China daalde vorig jaar meer dan 10 procent, wat op zijn beurt de Chinese exportkansen aantast. De volgende recessie wordt dus 'Made in China', maar de hele wereld is bijzonder kwetsbaar.

Jonathan Holslag is docent internationale politiek aan de Vrije Universiteit Brussel. Beeld Tom Verbruggen / Hollandse Hoogte

Overgewaardeerd

De Verenigde Staten kunnen prat gaan op een herstel van de werkgelegenheid. Maar het beschikbare inkomen is amper gestegen sinds 2008. De schaliegassector komt in de problemen door de lage energieprijzen. De studentenleningen vormen een fenomenale uitdaging. Veel Amerikaanse aandelen zijn overgewaardeerd. De Europese Unie blijft aankijken tegen torenhoge werkloosheid. Naast aanhoudende Griekse problemen, lijkt het enthousiasme over de hervormingen van Renzi in Italië bekoeld. De Centrale Banken in het Westen hebben ook amper marge om een nieuwe crisis af te wenden. Het consumentenvertrouwen in de OESO-landen staat op het laagste punt in meer dan 40 jaar.

Optimisten hopen dat een nieuwe crisis China zal aanzetten om de enorme buitenlandse deviezenreserves in te zetten om de binnenlandse consumptie aan te zwengelen, de afhankelijkheid van de export te verminderen en zo meer kansen te scheppen voor bijvoorbeeld Europese producenten. Peking heeft dat deels al gedaan, maar het heeft weinig zoden aan de dijk gezet en tegen september zal het bruikbare gedeelte van de reserves grotendeels zijn opgebrand. Adviseurs binnen de regering voorspellen dat dat een breekpunt kan zijn. Gezien China nu reeds recordbedragen aan exportsteun uit geeft, blijft er in dat scenario enkel de optie van een competitieve devaluatie. Dan is het hek echt van de dam, riskeren we handelsconflicten en zal de spanning tussen de grootmachten nog toenemen.

Vertrouwenscrisis

De economische crisis zal ook inwerken op een ongeziene politieke vertrouwenscrisis. In Amerika wordt gestreden om het Witte Huis in een land dat meer dan ooit verdeeld is. Wie een kans wil maken als president, zal tot het uiterste moeten gaan in het verdedigen van de economische belangen. In Europa zou een recessie kunnen leiden tot de verdere uitholling van de begrotingsdiscipline, meer fiscale concurrentie tussen de lidstaten en de genadeklap voor de centrumpartijen. Dan heb je nog die lange rist nationalistische leiders, zoals Narendra Modi in India, Xi Jinping in China, Abe in Japan, Poetin in Moskou, en de vele zwakke staten die economisch nu al het water aan de lippen hebben. Denk maar aan Egypte, Nigeria, Zuid-Afrika of Thailand.

Niets is gevaarlijker dan een samenloop van economische en politieke hoogspanning. Wat me sceptisch maakt, is dat na de vorige crisis, toen de overheden nog honderden miljarden konden investeren, de rente nog naar beneden kon en er een triljoen bijeengeschraapt werd om de euro te stabiliseren, dat er toen al geen wil bestond om een internationaal akkoord te bereiken over de blijvende onevenwichtigheid tussen deficit- en surpluslanden en dat we de tijd niet hebben gebruikt om nieuwe groeimodellen te ontwikkelen, groeimodellen die mensen meer kansen bieden.

Men kan wel roepen dat optimisme een plicht is, maar wat ben je met optimisme zonder oplossingen?


Ontvang elke dag de Volkskrant Avond Nieuwsbrief in uw mailbox, met het nieuws van vandaag, tv-tips voor vanavond, en alvast zes artikelen uit de krant van morgen. Schrijf u hier in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.