Nieuwe democratie is nodig én mogelijk

Directe democratie

Overal in Europa bruist het van de initiatieven om burgers beter bij de politiek en het bestuur te betrekken.

Beeld anp

Komende maand vijftig jaar geleden werd D66 opgericht met als belangrijkste doel het democratiseren van het Nederlandse politieke stelsel. Daar is weinig van terecht gekomen. Ook in het nieuwe verkiezingsprogramma speelt bestuurlijke vernieuwing nauwelijks een rol. Het enthousiasme over referenda is danig bekoeld. Volgens het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) reflecteert dat het sentiment onder het D66-electoraat dat in afnemende mate bindende referenda steunt.

Dat is vreemd, want de noodzaak tot democratisering is de afgelopen vijftig jaar alleen maar toegenomen. Het gevoel onder de bevolking dat men geen greep heeft op besluitvorming is door de voortschrijdende globalisering en de overdracht van bevoegdheden naar Brussel groter dan in 1966. Daarbij valt op dat Nederlanders vandaag nog steeds enorm vertrouwen hebben in de democratie, maar minder in de politieke praktijk of politici. Men wil gewoon meer directe democratie: onder zowel de mensen die onvoldoende vertrouwen hebben in de Tweede Kamer als degenen die voldoende vertrouwen hebben, is een meerderheid voor meer directe democratie (respectievelijk 79 procent en 54 procent, volgens SCP).

Nieuwe vormen van democratie

Toegegeven, de recente referenda in Nederland - met een opkomst van 32 procent en gesubsidieerde WC-rollen - en het Verenigd Koninkrijk - meer een speelbal van politieke ego's dan een volksraadpleging - kunnen nauwelijks een succes worden genoemd. Maar er is meer, gelukkig.

Het is daarom toe te juichen dat Kathleen Ferrier en Adriënne Simons in O&D van 5 september aanbevelen om naar Hongkong te kijken, waar burgers experimenteren met nieuwe vormen van democratie. Helaas worden Ferrier en Simons echter niet concreet en blijven hangen in 'ontbijtsessies met experts' of de 'concretere rol van burgemeesters'.

Dat is een gemiste kans, want er gebeurt al veel op dit terrein en niet alleen in jonge democratieën in Azië, Afrika en Latijns Amerika. Ook in onze oude democratieën wordt geëxperimenteerd met alternatieven voor de klassieke, representatieve democratie die het bekijken waard zijn.

Serv Wiemers.

Ierland: In 2013 en 2014 kwam in Ierland de Constitutional Convention bijeen, voor tweederde bestaande uit willekeurig geselecteerde burgers, aangevuld met parlementariërs. Deze raad boog zich over voorstellen voor vernieuwing van de Ierse grondwet. De voorstellen waren gericht op versterking van de democratie, maar de Convention zelf bracht al besluitvorming dichterbij de burgers. Een aantal voorstellen, waaronder legalisering van het homohuwelijk, zijn vorig jaar per referendum voorgelegd.

België: Zo'n vijf jaar geleden, toen Belgische politieke partijen 540 dagen nodig hadden om een regering te vormen, werd in Brussel de G1000 opgericht. Eén van de initiatiefnemers van deze burgertop was David Van Reybrouck. Diezelfde Van Reybrouck schreef het pamflet Tegen Verkiezingen. Hij blijkt daarin niet zozeer tegen verkiezingen te zijn, maar werkt de voordelen van een alternatief, namelijk loting, overtuigend uit. Door loting aangewezen burgers, zonder last van een politieke carrière, gaan éénmalig met elkaar om tafel zitten om een vraagstuk aan te pakken. Het is enigszins vergelijkbaar met de Amerikaanse jury-rechtspraak.

Duitsland: De fractie van de Piratenpartij die in het parlement van Berlijn vijftien zetels bezet, staat dagelijks met de achterban in contact via een digitaal platform waarmee gezamenlijk beleid wordt ontwikkeld.

Spanje/Italië: In Barcelona en Madrid wordt onder leiding van nieuwe, vrouwelijke burgemeesters van de politieke partij Podemos geëxperimenteerd met platforms als 'Decidim.Barcelona', die burgers in staat stellen mee te beslissen over strategische stadsplanning. Soortgelijke innovaties worden ontwikkeld en toegepast door het Italiaanse Cinque Stelle, de Vijfsterrenbeweging, die recentelijk ook jonge, vrouwelijke burgemeesters leverde voor Rome en Turijn.

IJsland: Komende maand zijn er verkiezingen in IJsland. De Piratenpartij van Birgitta Jónsdóttir leidt momenteel in de peilingen. Inzet is ondermeer de uitkomst van een democratisch experiment van vier jaar geleden toen de Icelandic Constitutional Council, geheel bestaande uit burgers, een nieuwe grondwet ontwierp. Daarbij maakte de Council gebruik van Facebook en andere sociale media om input van andere burgers te verzamelen.

Over het IJslandse experiment is een film gemaakt, Blueberry Soup, die twee dagen voorafgaand aan Prinsjesdag in Den Haag wordt vertoond. Natuurlijk is het voor huidige politici lastig om wat van hun invloed te delen met burgers. Maar als we de kloof willen verkleinen en het geloof van de burgers in democratie willen behouden, is vernieuwing noodzakelijk. En gelukkig ook mogelijk. Hopelijk komen D66 en andere politici kijken naar Blueberry Soup.

Serv Wiemers is internationaal jurist, schrijver en voormalig diplomaat.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright@volkskrant.nl.