Column

'Niets theater; geel en rood worden uitgeschreven als parkeerbonnen'

Vroeger trokken scheidsrechters met veel theater kaarten en zag je duidelijk hoe de leidsman voor de spiegel had staan oefenen, schrijft Erik Jan Harmens. 'Na een overtreding werd de te bestraffen speler aangekeken alsof ie een moord had gepleegd, maar het bleef nog even onduidelijk of er ook echt een kaart zou komen.'

Bakary Papa Gassama geeft een gele kaart een Daley Blind. Beeld anp
Bakary Papa Gassama geeft een gele kaart een Daley Blind.Beeld anp

Deze column gaat over de rol van de vrouw in het werk van de Nederlandse schrijver Simon Vestdijk. Nee hoor, grapje, hij gaat gewoon over het WK. Want ik wou even zeggen dat ik het bijzonder flauw vond van Björn Kuipers, de beste scheidsrechter die we ooit gehad hebben, om nét voordat Karim Benzema, de spits van Frankrijk, diep in blessuretijd zijn tweede doelpunt van de wedstrijd maakte tegen Zwitserland, af te fluiten. Het zal allemaal heel erg logisch zijn hoor, dat zijn dit soort dingen altijd. De scheidsrechter heeft gelijk, de bijgetrokken tijd was allang verstreken, natuurlijk. Maar die ene seconde, kom op. Trek 'm erbij, Björn. Slik je fluitje weer in, roep sorry, steek je handen in de lucht en zeg: ik had weliswaar gefloten, maar ik tel 'm tóch.

Het gaf me een vergelijkbaar gevoel als bij de tramchauffeur in Amsterdam, die zag dat ik kwam aanrennen en een tel voordat ik mijn voet op de treeplank kon zetten de deur sloot, vrolijk klingelde en wegreed. Hij wees nog even op zijn horloge, om te benadrukken dat hij ook alleen maar het dienstrooster volgde. De heiligverklaring van de punctualiteit. Strikt gezien had hij gelijk, net als Kuipers. Tijd is tijd. Maar die ene seconde. Kom op.

Gassama floot als een tierelier
De wedstrijd Nederland-Chili heb ik niet gezien, want ik had visite van iemand die ik zo hoog heb zitten dat het niet-kijken slechts als een klein offer voelde. Bovendien waren we al door. Maar wat me wel opviel was de discussie vooraf over de aanstelling van de scheidsrechter: Bakary Papa Gassama uit Gambia. Direct waren er twijfels over de mans capaciteiten en werd er wat besmuikt gelachen, maar zoiets gebeurt dan weer niet met een scheids uit laten we zeggen Nieuw Zeeland of Slovenië. Dat we opkijken van een stel Jamaicanen in een bobslee, dat snap ik. Want het sneeuwt niet op Jamaica, zelfs niet in de Blue Mountains. Maar een scheids uit voetbalgek Afrika, dat lijkt me toch niet iets om hysterisch over te gaan lopen roeptoeteren van tevoren. Bovendien floot Gassama als een tierelier.

Wat ik trouwens mooi vind qua scheidsrechters op dit WK is dat kaarten, gele en rode, heel zakelijk worden getrokken. Vroeger deden ze dat met veel theater en zag je duidelijk hoe de leidsman voor de spiegel had staan oefenen. Na een overtreding werd de te bestraffen speler aangekeken alsof ie een moord had gepleegd, maar het bleef nog even onduidelijk of er ook echt een kaart zou komen. Bleef het bij een vermaning? Liet de referee dit gaan? En dan ineens in een flits die beweging naar de borst- of kontzak, Bam, geel. Bam, rood. De macht die met dat gebaar werd uitgedrukt, door mannen die volgens mij vroeger als jongetje bij het voetballen na het poten altijd als laatste werden gekozen, was soms misselijkmakend. Maar gelukkig is dat onderdeel van het spel nu meer een administratieve handeling geworden, alsof er een parkeerbon wordt uitgeschreven. Nog voordat de kaart goed en wel getrokken is, ziet ie alweer in zijn huisje.

1-tegen-1
Vroeger, toen mijn vader nog thuis woonde, en nog niet dood was, was hij ook een keer scheidsrechter, bij een partijtje 1-tegen-1 tussen mijn broer en mij, op een grasveldje zomaar ergens in de plaats waar we opgroeiden: Alphen aan den Rijn. Zoiets gebeurde maar zelden, voetballen met mijn vader, en het is daarom dat ik het me ook zo goed herinner. Op een gegeven moment maakte ik een passeerbeweging die nergens op sloeg, maar precies daardoor mijn broer compleet verraste. Hij hield me vast aan mijn schouder en ik ging neer, kermend als een Urugayaan.

Mijn vader plukte met duim en wijsvinger in een denkbeeldige borstzak en trok zogenaamd geel. Een paar momenten later probeerde ik het nog een keer. Weer lukte het, weer werd ik even vastgepakt en weer trok mijn vader zogenaamd geel. Maar hij ging zo op in zijn rol, dat hij mijn tegenspeler ook echt het veld uitstuurde. Mijn verbouwereerde broer moest langs de kant van het veld gaan zitten en ik stond als enige op het veld. Dat leverde een hoop schoten voor open doel op, maar de lol was er wel een beetje af. Op een gegeven moment zijn we maar gestopt.

Alternatieven
Over schoten voor open doel gesproken: het valt me op hoe voetbalcommentatoren steeds maar weer alternatieven aandragen voor dingen die gebeuren in een wedstrijd. Wordt er een overtreding gemaakt in het strafschopgebied en geeft de scheidsrechter een penalty, dan zegt de commentator best vaak: 'Dat is wel erg zwaar bestraft' . Maar geeft ie de pingel niet, dan is de reactie dikwijls: 'Die kún je geven hoor, die kún je geven'. Schiet een speler op doel en wordt hij tegengehouden, dan had ie de bal moeten passen. Mislukt de pass, dan had er beter op doel kunnen worden geschoten. Een weggebokste bal had ook klemvast kunnen worden gepakt. Laat een keeper de bal uit zijn handen glippen, had ie moeten boksen.

Deze column gaat over het WK voetbal, maar als u het stom vindt wat ik schrijf had ik beter over de rol van de vrouw in het werk van de Nederlandse schrijver Simon Vestdijk kunnen schrijven. Zijn relatie tot vrouwen was overigens behoorlijk diffuus. Maar daarover een andere keer meer, straks begint Nigeria-Argentinië.

Erik Jan Harmens is dichter. Twitter: @ErikJanHarmens

Björn Kuipers. Beeld epa
Björn Kuipers.Beeld epa
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2021 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden