Niet te veel religie!

Als we alle conflicten waar de moslimwereld bij is betrokken door een religieuze bril gaan bekijken, bevestigen we het wereldbeeld van personen als Osama bin Laden

de opinieredactie

Er is een groeiende tendens in de internationale politiek om groot belang te hechten aan religie. Dat mag een juiste inschatting zijn, maar daardoor ontstaat het risico te koketteren met religie om het gelovigen naar de zin te maken. Je hoeft echter niet te reciteren uit de Koran om moslims te respecteren. In dat opzicht gaf Obama met zijn toespraak afgelopen donderdag in Cairo een verkeerd signaal.

Obama wil de wereld weer tot samenwerking bewegen. Deel van dit streven is om de verschillen en vijandigheid tussen de moslimwereld en het Westen aan te pakken.

Irak
Een belangrijke eerste stap is dat hij inziet dat moslims iets tegen westerlingen hebben om wat zij doen, niet om wie zij zijn. Boosheid ontstaat door westers optreden in Irak, Afghanistan, dubbele maten inzake Israël, het steunen van ondemocratische regimes. Overigens had zijn voorganger Bush dat al in 2003 volmondig erkend.

Een tweede stap is dat Obama er op wijst dat bepaalde waarden, zoals vrijheid van keuze, tolerantie, mensenrechten en democratie, noodzakelijke ingrediënten zijn voor voorspoed en veiligheid wereldwijd. Maar ook hierin wijkt Obama niet af van andere Amerikaanse presidenten.

Toch zijn vriend en vijand het er over eens dat Obama radicaal breekt met zijn voorganger. Het gaat namelijk niet zozeer om de inhoud, maar om de toon. En die blijkt zeer, zeer belangrijk te zijn, zeker in de relatie tussen het Westen en de moslimwereld.

Nieuwe toon
En Obama slaat de juiste toon aan. Hij gaat uit van wat partijen delen, niet van wat hen verdeelt. Dát is de verdienste van deze toespraak: geen concrete plannen, maar het zetten van een nieuwe toon die partijen aanmoedigt weer aan tafel te gaan zitten. De plannen komen dan vanzelf.

Er kleeft echter een groot ‘maar’ aan deze toespraak, en dat is de mate van religiositeit die Obama daarin legde. Zijn toespraak was nadrukkelijk gericht tot ‘de moslims’ en ‘de moslimwereld’, en hij haalde herhaaldelijk de Koran aan, evenals de Bijbel en Tora.

Dat mag goed bedoeld zijn, maar heeft onwenselijke gevolgen. Want hij zet alle wereldproblemen in een religieus daglicht. Alsof deze problemen religieus zijn, dan wel religieuze oplossingen behoeven. Alsof alle moslims gemotiveerd zijn door religie. Alsof alles wat in ‘de moslimwereld’ gebeurt, wordt gedomineerd door islam.

Religieuze bril
Als we alle conflicten waar de moslimwereld bij is betrokken door een religieuze bril gaan bekijken, bevestigen we het wereldbeeld van personen als Osama bin Laden. En dat kan toch niet de bedoeling zijn.

Vrede en samenwerking zijn gebaseerd op erkenning en respect, jawel, maar door zijn toehoorders nadrukkelijk aan te spreken als moslim lijkt Obama aan te geven dat religie het discours van de samenwerking bepaalt. Dat is onjuist. De beoogde samenwerking kan door allerlei opvattingen en ideologieën worden bepaald, en religie is er daar slechts één van.

En zelfs als religie wel de motivatie van een bepaalde groep moslims is, en daarom wellicht ook de oplossing voor de problemen waarmee zij te maken hebben, dan nog is het niet nodig die religieuze taal te spreken om met deze mensen tot een vergelijk te komen.

Islamisten
Men kan heel goed in gesprek gaan met islamisten over de inrichting van de samenleving die zij nastreven. Maar dat gesprek kan alleen vruchtbaar zijn als er wordt gesproken over de praktische uitvoering van de opvattingen. Praten over de religieuze motivaties heeft niet veel zin.

Dat is zo verweven met hun theologische leefwereld dat je moslim moet zijn om dat te begrijpen. Want het maakt niet uit of een parlementaire democratie gebaseerd is op de beginselen van de islam of niet. Per saldo wil men in het Westen weten of er met deze mensen te werken valt, en worden zij afgerekend op hun daden, niet op de ideeën die daaraan ten grondslag aan liggen.

Niettemin stelt Obama veel vertrouwen in religie als actieve factor in de wereldpolitiek, zoals ook blijkt uit de oproep om interfaith services ten dienste van internationale problemen te stellen. Daarmee treedt hij overigens in de voetsporen van Bush, die ook een groot voorstander was van faith-based initiatives en daar veel geld voor ter beschikking stelde.

Diepgelovig
Het verschil is wellicht dat Bush als diepgelovig persoon hier ook letterlijk in geloofde, terwijl Obama meer geleid lijkt te worden door de pragmatische overweging dat religie nu eenmaal een factor van belang is en als zodanig aangewend moet worden.

We moeten ons er echter van bewust zijn dat, hoe bijzonder de persoon van Obama ook is, hij een Amerikaanse president is. Voor Amerikanen is het niet vreemd om religieuze en politieke belangen en taalgebruik te vermengen. Menig West-Europees land zal dit vreemd voorkomen. Voor hen zou het motto moeten zijn: spreek met islamitische groeperingen, maar zonder islamitisch of ander religieus spraakgebruik.

null Beeld
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met de Volkskrant?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van de Volkskrant rust uiteraard copyright.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar copyright @volkskrant.nl.
© 2022 DPG Media B.V. - alle rechten voorbehouden